Geluk is belangrijke groeifactor

WASHINGTON, 29 DEC. Geluk bepaalt volgens een nieuwe studie van de Wereldbank voor een belangrijk deel hoe welvarend een land is. “Er zit een verrasend groot element van toeval in de groeicijfers”, zo staat in de studie die is geschreven door twee Amerikaanse economen van de Wereldbank. William Easterly en Leon Pritchett voegen er onmiddellijk aan toe dat ook het beleid van de regering van groot belang is.

De belangrijkste toevalsfactoren zijn volgens hen rampen, zoals droogte, en plotselinge prijsdalingen voor belangrijke exportprodukten. De Afrikaanse landen hebben de afgelopen jaren met beide te maken gehad. De schrijvers halen een niet bij name genoemde econoom aan die in 1967 een schitterende toekomst voor het Afrikaanse continent voorspelde. Hij maakte een lijst van zeven landen, waarvan het inkomen jaarlijks met 7 procent zou groeien, twee keer zo veel als het percentage dat door deskundigen als een goed groeicijfer wordt beschouwd. De landen worden niet nader aangeduid. In verscheidene Afrikaanse landen is het inkomen het afgelopen decennium gedaald.

De economen schrijven in hun rapport dat voorspellingen vaak verkeerd zijn, wanneer ze zijn gebaseerd op prestaties uit het verleden. Zij herinneren eraan dat de eerste Wereldbankmissie naar Zuid-Korea in het begin van de jaren zestig het economisch programma van de regering als “belachelijk optimistisch” omschreef, omdat het uitging van een inkomensgroei van 7,1 procent per jaar in de periode 1962-1966. Uiteindelijk bleek de economie met 7,3 procent per jaar gegroeid. In 1959 was de Wereldbank zeer optimistisch over de Filippijnen, waarvan de mogelijkheden alleen door Japan zouden worden overtroffen. Ook over Birma was de Wereldbank zeer optimistisch.

De economen wijzen ook op de schuldencrisis in Latijns-Amerika in de jaren tachtig, die voor velen als een verrassing kwam na de periode van snelle groei in de jaren zeventig. “Zulke fouten kunnen vandaag weer worden gemaakt, gegeven de euforische verwachtingen voor Oost-Azië en de sombere voorspellingen voor de landen van de vroegere Sovjet-Unie.” (AP)