Schroothandel bloeit ondanks crisis in Europese staalsector

DEN HAAG, 28 DEC. Terwijl de Europese staalindustrie collectief ten onder dreigt te gaan in de economische recessie, bloeit de schroothandel als nooit tevoren. Afgelopen jaar steeg de schrootprijs met 50 procent.

A. Nijkerk, oud-voorzitter van de Nederlandse Schroot Vereniging, verklaart dit merkwaardige verschijnsel uit het feit dat de staalmalaise zich vooral voordoet bij grote, 'geïntegreerde' fabrieken als Hoogovens. In dit soort bedrijven wordt eerst erts omgezet in ruw ijzer, waarvan vervolgens staal wordt gemaakt. De zogeheten elektrostaalfabrieken daarentegen, die nieuw staal voor 100 procent uit schroot maken, gaat het redelijk voor de wind. Door de snelle groei in deze sector - 28 procent van alle staal komt tegenwoordig uit elektrostaalfabrieken, in 1970 was dat nog 16 procent - groeit de vraag naar schroot en stijgt de prijs.

Voordeel van het elektrostaalproces is dat uit schroot goedkoper staal te maken is dan uit erts. Nadeel is dat het vooral geschikt is voor laagwaardige produkten als bouwstaal.

De recente explosie van de schrootprijs is voornamelijk toe te schrijven aan het economisch snel groeiende China, dat eind vorig jaar plotseling miljoenen tonnen staal en schroot bestelde op de wereldmarkt, vooral voor gebruik in de bouw. “De Chinese orders kwamen op een moment dat de schrootprijs in een dal zat”, volgens Nijkerk. “Daardoor lag de inzameling op een laag pitje. Het tekort deed de prijs snel stijgen.” De Chinezen bestelden het staal en schroot in onder meer Korea en Turkije, twee elektrostaalproducenten in opkomst.

Ook de opleving van de staalindustrie in de Verenigde Staten jaagt de prijs van schroot omhoog. Doordat het land de import van Europees staal aan banden heeft gelegd ter bescherming van de eigen industrie, hebben de VS veel van hun schroot zelf nodig. Hierdoor dalen de Amerikaanse export en het schrootoverschot en stijgt de prijs op de wereldmarkt. Bovendien gaan de Amerikanen massaal over op elektrostaalfabrieken.

Nederland gebruikt veel minder schroot bij de staalproduktie dan andere landen in de Europese Unie, waardoor het Nederlandse staal relatief duur is, aldus Nijkerk. Voor de 5,4 miljoen ton staal die vorig jaar is geproduceerd in Nederland werd slechts 450.000 ton schroot gebruikt. Wereldwijd wordt bij de staalproduktie 45 procent schroot gebruikt. De enige elektrostaalfabriek in Nederland is Thyssen-Nedstaal in Alblasserdam - daar ooit gebouwd wegens de aanwezigheid van veel schroot bij de scheepssloperijen in Hendrik Ido Ambacht. Nijkerk vindt het dan ook niet terecht dat Hoogovens klaagt dat zij wordt beconcurreerd door de goedkopere (elektro-)staalfabrikanten elders in Europa.

Ondanks het geringe gebruik van schroot in de Nederlandse staalindustrie, is Nederland relatief de grootste schrootexporteur van Europa. Geen land exporteert zo veel van zijn eigen ingezamelde schroot - 70 procent - als Nederland. Rotterdam is sinds enkele jaren de belangrijkste schroothaven ter wereld. Van de 1,7 miljoen ton schroot die vorig jaar in Nederland werd ingezameld, werd ongeveer 1,2 miljoen ton geëxporteerd. De overige 2 miljoen ton schroot die via Rotterdam werd uitgevoerd, was afkomstig uit met name Duitsland (80 procent).

Het geringe gebruik van schroot in de Nederlandse staalindustrie ligt in elk geval niet aan de hoeveelheid schroot die wordt ingezameld. Zo ontstaat alleen bij de produktie bij Hoogovens IJmuiden jaarlijks al één miljoen ton schroot. De metaalindustrie (scheepsbouw, auto's) produceert zo'n 8 à 900.000 ton per jaar. Het zogenoemde post-consumer-schroot (ijskasten, televisies, fietsen en dergelijke) bedraagt 500.000 ton. 'Sloopschroot' ten slotte (bruggen, rails, schepen) levert jaarlijks ongeveer 300.000 ton op. In het bedrijfsleven zijn de Nederlandse Spoorwegen (rails, treinen) en de PTT (kabels) de grootste schrootleveranciers.