Hirsch Ballin wil in veel zaken hoger beroep afschaffen

DEN HAAG, 27 DEC. Minister Hirsch Ballin (justitie) onderzoekt de mogelijkheid om in een groot aantal rechterlijke procedures het hoger beroep af te schaffen. Hij denkt hierbij aan bijvoorbeeld civiele zaken over ruimtelijke ordening en aan bestuursrechtelijke zaken als huurkwesties en commerciële geschillen.

Dit bevestigde vanochtend een woordvoerder van de minister. Vorige week aanvaardde de Eerste Kamer de gewijzigde Vreemdelingenwet die onder meer bepaalt dat afgewezen asielzoekers geen recht hebben op hoger beroep. Hirsch Ballin verklaarde afgelopen week tegenover het dagblad Trouw dat het afschaffen van het hoger beroep geen breuk betekent in het Nederlands rechtsstelsel. “Dit opent perspectief om andere procedures van hoger beroep te ontdoen”, aldus de minister, “Dan gaat het om zaken waarbij geen wezenlijke rechtsvraag aan de orde is maar waar het gaat om het nog eens proberen gelijk te krijgen. Of waarbij de achterliggende gedachte feitelijk is een ontwikkeling almaar op te houden in de hoop dat het niet doorgaat”.

De voorzitter van de Nederlandse vereniging voor rechtspraak, mr. A.H. van Delden, president van de Haagse rechtbank, heeft in een reactie verklaard dat afschaffing van hoger beroep “een hele slechte zaak” zou zijn. “Ik denk dat in negentig procent van de gevallen waar wij recht spreken veel meer een feitelijke vraag speelt naar: wat hebben we nu precies afgesproken, wat is er nu precies gebeurd? Er speelt natuurlijk altijd wel een rechtsvraag een rol”, aldus Van Delden.

Mr. T. de Waard, deken van de Nederlandse Orde van Advocaten, zei in een reactie dat Hirsch Ballin “van kwaad tot erger vervalt”. Hij noemt het een hoofdregel van het Nederlands recht dat dit land “zoals de meeste beschaafde landen in de wereld” rechtspraak in twee instanties behoudt. “Iedere burger heeft recht op een eerlijk en fatsoenlijk proces”, aldus De Waard, die er aan twijfelt of de beoogde efficiency bereikt wordt door afschaffing van het hoger beroep. Volgens hem zal het effect zijn dat kort geding-procedures aanzienlijk langer zullen duren wanneer de rechter in kort geding het finale oordeel moet uitspreken.

Hirsch Ballin heeft aangekondigd zijn voorstellen komend voorjaar neer te leggen in een nota over de derde fase van de herziening van de rechterlijke organisatie.