VS; Een verbod op Kerstmis op Amerikaanse scholen

WASHINGTON, 24 DEC. In een lagere school vlakbij Washington staat een omgehakte dennenboom maar volgens het schoolhoofd heeft dat absoluut niets te maken met Kerstmis. Het is een “Geefboom” en elke associatie met een bestaand feest berust op toeval. Kerstmis is op deze school afgeschaft. Het nationale feest zou teveel aanstoot geven aan degenen die niet aan Kerstmis doen. Er is wel een jaarlijkse actie voor arme kinderen die - zo blijkt uit onafhankelijk onderzoek - rond deze tijd van het jaar naar cadeautjes verlangen. Die actie heet “De Geeftrein”.

De onderwijzers praten niet over Kerstmis en mijden kerstverhalen. Verwijzingen naar kerst zijn alleen toegestaan als ze onderdeel uitmaken van een antropologische studie over religieuze en culturele feesten. Kerstversieringen mogen alleen “als ze een spontane uiting zijn van de creativiteit van de studenten”. Ook a-religieuze kerstmanpoppetjes of liedjes over 'Rudolf the Red-Nosed Reindeer' zijn verboden. Een kerstkransje op de klasdeur leidt tot een uitbrander van het schoolhoofd. De lagere scholen in Fairfax County zijn dezer dagen steriele eilanden temidden van de met lichtjes versierde autowegen en winkelcentra, waar consumentvriendelijke kerstmuzak 24 uur per dag over de hoofden van het koperspubliek kabbelt.

De verbetenheid om Kerstmis op scholen uit te bannen doet vreemd aan in een land waar bijna 100 procent van de bevolking zegt in God te geloven. Het Amerikaanse Congres opent altijd met gebed zijn dagelijkse zittingen. De president zit “gebedsontbijten” voor en eindigt zijn toespraken vaak met 'God Bless You'. Maar in openbare scholen heeft de a-religiositeit een hoge graad van perfectie bereikt. De schrijver Garrison Keillor verhaalde eens over het dorpje in de deelstaat Minnesota waar elk jaar de plaatselijke atheïst een proces aanspande tegen een middelbare school die een kinderkoor zomaar kerstliedjes liet zingen. Daarmee werden zijn gevoelens gekwetst. De gemeenteraad smeedde een compromis: de kerstliedjes zouden voortaan alleen in het Noors en in het Frans worden gebracht, zodat niemand de beledigende, religieuze boodschap zou kunnen verstaan.

De Northfieldschool in een voorstad van Washington zocht naar alternatieve formuleringen voor de feestkoorts die iedereen rond deze tijd schijnt te bevangen. Uiteindelijk kregen de kinderen een raadselachtige boodschap mee voor de ouders: “We zouden graag feestwensen willen laten uitgaan naar de leden van onze Northfieldfamilie die speciale dagen in december zullen vieren”. Dit jaar werd dat “sommige Northfieldgezinnen die...”.

Ouders zijn tegen de anti-kerstbeweging op school in opstand gekomen. “Als de ouders functionarissen van de openbare school toestaan de erosie van de Amerikaanse cultuur te bevorderen in naam van politieke correctheid, doen we groot onrecht aan onze kinderen”, protesteerde een briefschrijfster in The Washington Post. Ze wees erop dat Kerstmis in de VS een vrije dag is, net als Thanksgiving Day en andere nationale feestdagen.

In hoeverre mag een samenleving gemeenschappelijke symbolen hebben, als enkelen daar aanstoot aan nemen. Sommige multiculturalisten zien de oplossing in kerst-equivalenten voor niet-christelijke groepen. Het 'Merry Christmas' gaat in overheidsgebouwen en warenhuizen verplicht vergezeld van 'Happy Hanukah'. Ook president Clinton zette een joods keppeltje op en ontstak een zevenarmige kandelaar, voordat hij een paar dagen later plechtig de lichten op de nationale kerstboom aanzet. Toch is Chanukah, het tiendaagse Inwijdingsfeest, van veel minder religieus belang dan andere joodse feesten. Rabbi's maken zich er zorgen over dat hun nu een joods kerstfeest wordt opgedrongen met de menora als joodse kerstboom. Op openbare scholen krijgen kinderen les in de betekenis van Chanukah maar over veel belangrijker joodse feesten als de Pesach horen ze niets. Ze denken ook ten onrechte dat Chanukah samenvalt met Kerstmis. Zo heeft het multiculturalisme een uniformerende werking.

Het Amerikaanse rechtssysteem biedt veel mogelijkheden voor gekwetste groepen. Voor het stadhuis van de stad Columbus in Ohio werd elk jaar in december een kerstboom opgesteld. Later kwam daar een joodse menora bij. Toen liet de Ku Klux Klan daar via gerechtelijk bevel (openbare plaats) een wit kruis bij plaatsen. Zo leidt de Amerikaanse vrijheid van procederen tot een juridisch Joegoslavië van strijdende groepen en symbolen.