Oma's van 30 in de bijstand

President Clinton wil van 'de bijstand' af. De staat New Jersey experimenteert al met een hardere aanpak van bijstandsmoeders.

CAMDEN, 24 DEC. Tasha, 26 jaar, leert rekenen. Op het bord staan breuken. Tien andere bijstandsmoeders noteren de laatste instructies van de leraar voor het examen high school. Omdat Tasha de laatste tien jaar zes kinderen heeft gekregen, zijn rekenen en schrijven er altijd bij ingeschoten.

Ze volgde het voor de stad Camden bekende pad: op haar vijftiende raakte ze zwanger en verliet ze de school. Ze is een snel pratende zwarte vrouw met stijf ontkroesd haar dat naar achteren is gekamd. De baby verschafte haar vrijheid. “Dan kon ik tenminste het huis uit”, zegt ze. “Ik werd eindelijk als volwassene behandeld.”

Terwijl Tasha les krijgt, zitten haar kinderen op een overheidscrèche of op school en daarna in een opvangprogramma. De meeste medeleerlingen zijn vrouwen die net als hun moeder en grootmoeder van de bijstand leven. In de bijstandskantoren van het in de staat New Jersey gelegen troosteloze Camden, ooit de trotse zetel van Campbell Soup en RCA Victor, zijn nauwelijks mannen te vinden. Na de daad van de verwekking zijn ze weer de straat op gegaan.

Het bijstandskantoor in het centrum van de stad, met plastic stoelen in felle kleuren, is praktisch helemaal gevuld met vrouwen. Het grootmoederschap begint bij dertig jaar. De sociale werkers horen wel veel over de mannen: het zijn de wezens die hun cliënten mishandelen, verkrachten of op straat achtervolgen. De mannen willen niet dat vriendinnen hen voorbijstreven door naar school te gaan, naar iemand anders kijken of een mooie baan nemen.

Omdat mannen geen toekomst hebben, vormen ze onaantrekkelijke huwelijkspartners. En als ze in het huis komen van hun vriendin, verliest die de uitkering, omdat ze dan geen bijstandsmoeder meer is. In Amerika hebben uitsluitend moeders met kinderen recht op bijstand. Arme alleenstaande mannen krijgen alleen voedselbonnen.

New Jersey heeft geprobeerd de armoedecyclus van generaties bijstandsmoeders te doorbreken. Besloten is de uitkering niet meer te verhogen voor elk extra kind. Anderzijds wordt de uitkering niet meer ingetrokken als de verwekker bij zijn vriendin wil wonen om zijn vaderlijke plichten te vervullen. Totnogtoe heeft die nieuwe soepelheid van de instanties weinig succes gehad. “Ik wil mijn vriend niet in huis, want dat geeft me alleen nog meer moeilijkheden”, zegt Tasha - en haar drie vriendinnen-bijstandsmoeders giechelen begrijpend.

Pag.4: Hervorming bijstand in Amerika vergt extra geld

Hervorming van de bijstand is politiek populair. Volgens de kiezers krijgen arme, alleenstaande vrouwen kinderen om uitkeringen op te strijken en daar zou een eind aan moeten komen. Maar in tegenstelling tot de heersende mening zijn de hervormingen van de bijstand duur. “Het kan niet worden gedaan zonder extra geld ”, zegt Clemens Carney, vice-directeur van sociale diensten in Camden. Hij heeft al heel wat experimenten zien passeren. Begin jaren tachtig was er een banenprogramma onder de naam WIN, later werd het omgedoopt in 'Reach Out' en tegenwoordig heet het 'Family Development'.

President Clinton heeft bij zijn campagne beloofd om “een einde te maken aan de bijstand zoals we die kennen”. De uitkeringstrekkers moeten de handen uit de mouwen steken. Werkloze armen moeten worden bijgeschoold en Clinton overweegt zelfs om de bijstand na twee jaar te beëindigen voor degenen die dan geen baan hebben of niet willen werken voor hun uitkering.

Maar een banenprogramma komt voor rekening van de overheid en elk werkuur van een bijstandsmoeder moet door de overheid worden gecompenseerd met kinderopvang, die een laaggeschoolde zich niet kan veroorloven. Het alternatief is nog meer verwaarlozing van de kinderen. Clinton heeft weinig ruimte in zijn schatkist. Vandaar dat hij zich in zijn uitspraken steeds meer richt op de morele verantwoordelijkheid van degenen die achteloos kinderen op de wereld zetten. Hij complimenteerde zelfs voormalig vice-president Dan Quayle die vorig jaar na de rellen in Los Angeles wees op op de hoge percentages gebroken gezinnen daar. “Ik dacht dat er heel wat goede dingen in die toespraak zaten”, zei Clinton, wiens vader voor zijn geboorte omkwam bij een verkeersongeluk. “Het is zeker waar dat dit land beter af zou zijn als onze babies in gezinnen met twee ouders werden geboren.”

Bijna één op de drie Amerikaanse kinderen wordt nu zonder vader geboren. Onder zwarten is het 68 procent maar ook onder arme blanken begint het snel te groeien. De meeste kinderen van éénoudergezinnen groeien in armoede op, zodat een gevaarlijke neergaande spiraal ontstaat. Tussen 1989 en 1992 is het aantal bijstandsgezinnen gestegen van 3,7 miljoen tot 5 miljoen.

Geschokt door de geboorte-explosie onder tieners heeft Charles Murray, bijstandspecialist bij het conservatieve American Enterprise Institute, in een opzienbarend artikel in The Wall Street Journal ervoor gepleit het sociale stigma op het ongehuwde moederschap te herstellen. Murray pleit om de tienermoeders geen uitkering meer te geven en de kinderen in een weeshuis te plaatsen, tenzij ze zelf voor het kind willen zorgen. “Als ze een kind wil houden, moet ze de steun van van haar vaders, vriend, zussen, buren, kerk of de filantropie inroepen”, zegt hij. Het is volgens hem de enige weg om een einde te maken aan de vaderloze wereld van de sloppen, waar pubers en mannen hun seksuele en maatschappelijke agressie niet meer de baas kunnen, kortom een omgeving van 'Lord of the Flies'.

Murray heeft verrassend veel bijval geoogst. Volgens de progressieve zwarte columnist William Raspberry sleept het “betoog van Murray je tegenstribbelend naar conclusies die je nooit zou willen nemen”. President Clinton overweegt ongehuwde tienermoeders te dwingen bij hun ouders te blijven, zodat zwangerschap geen ontsnappingsmogelijkheid uit het ouderlijke huis biedt. Oorzaak valt moeilijk van gevolg te onderscheiden. Wanhoop en armoede veroorzaken de tienerzwangerschap en omgekeerd.

Carney in Camden denkt dat hervorming alleen werkt als de uitkeringstrekkenden een goede economische bodem hebben. Toch moet hij erkennen dat het in de sloppenwijken nu heel anders toegaat dan in de jaren vijftig, toen hij in een arm zwart gezin opgroeide. “De dominantie van het gezin werkte toen”, zegt hij. “Het was toen een schande een meisje zwanger te maken. Het werd niet gedoogd. Nu is er een verslapping van de normen. Het wordt niet meer ontmoedigd.”

Veel bijstandsmoeders in de wachtkamer van het bijstandskantoor zijn het wel eens met de kritiek op gebroken gezinnen. Maar vaak konden ze niet anders, vinden ze. De 32-jarige Raseeda heeft zes kinderen. Haar oudste is bijna zeventien. Haar moeder had ook geen man en moest heel hard werken om aan de kost te komen. “Ze deed veel voor ons maar ze was er nooit”, zegt Raseeda. “Ik zat altijd alleen thuis en kreeg geen aandacht. Ik nam toen vriendjes mee naar huis.” Gebruikte ze dan geen voorbehoedmiddelen? “Nee, want ik heb mijn oude waarden behouden”, zegt ze. “Bij ons zijn ze erg conservatief.”

Door de zwangerschap richt een tiener alle aandacht op zich. Sociale werkers komen op bezoek. De school heeft een speciaal programma voor haar. Als haar moeder een formulier tekent, mag ze met een uitkering, ziektekostenverzekering, voedselbonnen, energiesubsidie en huursubsidie op zichzelf gaan wonen. Zo krijgt het alleenstaande moederschap een zekere glamour in de ogen van schoolkinderen zonder kinderen. In sommige scholen worden hoogzwangere tieners zelfs gekozen tot home coming queen.

De werkelijkheid blijkt uiteindelijk veel harder. Veel bijstandmoeders kunnen niet rondkomen van de uitkeringsgelden. “Elke vierde week van de maand ben ik van de hulp van anderen afhankelijk”, zegt Raseeda. “Je moet dus een goede sociale aanleg hebben.” Bovendien moeten bijstandmoeders voortdurend verhuizen, hetgeen de sociale cohesie in arme wijken en woningwetwoningen nog verder aantast. Als de jaarlijkse huurstijgingen boven haar budget uitgaan, krijgt een bijstandsmoeder tijdelijk subsidie maar dan moet ze zoeken naar een nieuw, goedkoper huis. Raseeda heeft de afgelopen zestien jaar in elf verschillende huizen gewoond.

Wat zou volgens vier bijstandsmoeders die na de rekenles achterblijven, het beste helpen tegen de explosie van zwangerschappen onder tieners? “Goede voorbehoedmiddelen”, roepen ze in koor. Judie, een blanke 19-jarige moeder van een kind, houdt haar arm omhoog. Er is een anticonceptie-infuus ingeplant, Norplant, vijf minuscule pijpjes die dagelijks lichtere hormoondoses afscheiden dan de pil.

Verder zien ze niet zoveel mogelijkheden. Ze zouden zich niet laten afschrikken door het vooruitzicht dat ze geen 64 dollar per maand extra zouden krijgen voor een extra kind. Alle andere subsidies gaan dan wèl gewoon door. De plicht van tienermoeders om bij hun eigen moeders te blijven zou wel afschrikken. “Maar je moeder wil je vaak niet eens. Het is zo zwaar voor haar, zo'n kind erbij”, zegt Diane.

Vol vertrouwen ziet het viertal hun toekomst tegemoet, als het diploma eenmaal is gehaald. Toch blijkt uit ervaring dat lang niet alle bijgeschoolden aan het werk komen. Bijstandsmoeders verliezen vaak hun ziektekostenverzekering, omdat veel lage-lonen-banen die in tegenstelling tot de bijstand niet bieden. New Jersey betaalt de ziektekostenverzekering een jaar door, in de hoop dat de bijstandmoeder wordt gepromoveerd tot een baan mèt ziektekostenverzekering. Maar Bob Quindlen, verantwoordelijk voor de sollicitatiebegeleiding in Camden, zegt dat hij mensen bepaalde lage-lonen-banen moet afraden. Veel werk wordt door de deelstaat New Jersey zelf geschapen met banen en flinke subsidies aan bedrijven die uitkeringstrekkers aannemen. Dat kost belastinggeld. Zo blijkt dat het oude systeem van de bijstand nog het allergoedkoopste is.