Kok: mandaat van Verzekeringskamer is toereikend

ROTTERDAM, 24 DEC. Het mandaat van de Verzekeringskamer biedt de mogelijkheid voor een actief en anticiperend toezicht op de verzekeringsbranche. De Verzekeringskamer maakt van deze mogelijkheden ook gebruik.

Dit heeft minister Kok gisteren geantwoord op vragen die waren gesteld door de Kamerleden Vermeend en Van der Vaart (beide PvdA) over de kwaliteit van het toezichtbeleid inzake de levensverzekeringsmaatschappij Vie d'Or.

Vie d'Or raakte vorige maand in financiële problemen door een gat in de technische reserves. Vorige week stelde de Verzekeringskamer de noodmaatregel in bij het bedrijf, wat technisch overeenkomt met een faillissement.

Naast kritische vragen in de Tweede Kamer lokte de kwestie gisteren ook commentaar uit van de Algemene Rekenkamer. Die stelde dat de controle van het ministerie van financiën op het toezichtbeleid wettelijk moet worden geregeld.

Kok vindt in antwoord op de kamervragen dat het normatieve toezicht, dat door de Verzekeringskamer achteraf wordt uitgeoefend, “in de praktijk effectief is gebleken”. Kok spreekt tegen dat het beleid “niet actief” zou zijn. Hij wijst op “het regelmatige overleg dat, naast de beoordeling van de staten en de onderzoeken bij de maatschappijen, sinds de verzelfstandiging van deVerzekeringskamer door haar wordt gevoerd met het management en adviseursvan de onder toezicht staande instellingen”.

Met een oordeel over het specifieke toezicht inzake Vie d'Or wacht Kok op een vertrouwelijke rapportage van de Verzekeringskamer over de zaak. Die rapportage zal in de loop van januari het ministerie bereiken. Het rapport wordt aan de vaste Kamercommissie van financiën voorgelegd. De conclusies die Kok trekt zullen erop gericht zijn de kansen op herhaling van de zaak Vie d'Or zo gering mogelijk te houden. Voor polishouders Vie d'Or, 13.000 in getal, van wie zich enkele duizenden hebben verenigd in belangenverenigingen, heeft de staatssecretaris van financiën inmiddels een bijzondere regeling getroffen voor vertraagde premiebetaling.

Deze houdt in, dat premies die in de periode van onzekerheid over de afloop van de problemen bij Vie d'Or, te laat bij die maatschappij worden voldaan op lijfrente- en kapitaalverzekeringen, toch worden aangemerkt als te zijn voldaan op het moment van de contractuele vervaldatum. Wel moet de belastingdienst voor de regeling nog de termijn na afloop van de periode van onzekerheid vaststellen.