Een verheven sprookje

Pieter Oussoren: De Stem uit het vuur, de eerste vijf bijbelboeken naar het Hebreeuws 605 blz., Boekencentrum 1993, fl.95,-

In de gouden dagen van mijn jeugd werden wij opgeschrikt door een vreselijk gerucht. Er zou een Nieuwe Vertaling van de Bijbel verschijnen. Mijn vader was er al bij voorbaat van overtuigd dat zo'n Nieuwe Vertaling het boeksken zou zijn waarover in Openbaring 10 gesproken wordt. In de mond zou het zoet zijn als honing, maar de buik zou het bitter maken. Toen die Nieuwe Vertaling dan eindelijk verscheen, werden zelfs de somberste verwachtingen van mijn vader nog overtroffen: die Nieuwe Vertaling bleek een gruwelijk misbaksel. Niettemin werd zij overal met gejuich ontvangen, en pas nu hoor je van hebraisten wat toen reeds door al wat echt orthodox was werd gezegd: deze Nieuwe Vertaling is vlees noch vis, lijkt nergens op, kan niet in de schaduw staan van de Statenvertaling.

Maar ja, het is hondsmoeilijk om met name uit het Hebreeuws te vertalen. Je leest alleen maar medeklinkers en je moet maar raden, gissen welke klinkers daar eventueel tussen horen. Alleen dat al zorgt ervoor dat er tal van varianten mogelijk zijn indien je vertaalt. Neem nou het verhaal over Kain en Abel. In Genesis 4 wordt verhaald dat Kain en Abel een offer brengen. God ziet het offer van Abel wel aan, maar het offer van Kain niet. En dan zegt de Statenvertaling: 'Toen ontstak Kain zeer, en zijn aangezicht verviel. En de Heere zeide tot Kain: Waarom zijt gij ontstoken, en waarom is uw aangezicht vervallen?' In de Nieuwe Vertaling is daarvan gemaakt: 'Toen werd Kain zeer toornig en zijn gelaat betrok. En de Here zeide tot Kain: Waarom zijt gij toornig en waarom is uw gelaat betrokken?' Dat is veel begrijpelijker Nederlands dan het Nederlands van de Statenvertaling, maar wat staat nu dichter bij de grondtekst?

Volgens Jaap Goedegebuure in het zeer door mij bewonderde 'De schrift herschreven' luidt een preciezer vertaling: 'Waarom valt je gezicht' en hij voegt daaraan toe: men denke maar even aan de uitdrukking: 'Zijn gezicht hangt op de grond'. En hij voegt daar aan toe: 'De eveneens mogelijke vertaling 'waarom kijk je niet op', met de bijbetekenis 'waarom kijk je je broer niet aan' laat ik voor wat ze is.' Al die mogelijke varianten geven aanleiding tot diverse interpretaties van het bijbelverhaal van Kain en Abel; van Jaap Goedegebuure vind je dan ook een knap hoofdstuk over Kain en Abel waarbij voor de interpretatie van het gebeuren steeds van groot belang blijkt wat er nu eigenlijk in het Hebreeuws staat.

Openbaring

In ieder geval beschikken al diegenen die dolgraag zouden willen weten wat er nu eigenlijk in het Hebreeuws staat sinds kort over een vertaling van de eerste vijf bijbelboeken die veel dichter bij de grondtekst blijft dan alle voorgaande vertalingen die wij geraadpleegd hebben. De hervormde dominee P. Oussoren biedt onder de titel 'De stem uit het vuur' een vertaling aan van de eerste vijf bijbelboeken die, zoals de flaptekst luidt, 'zoveel mogelijk recht doet aan het Hebreeuws van het origineel'.

Uiteraard kan ik absoluut niet beoordelen of het dominee Oussoren gelukt is het origineel dichter te benaderen dan zijn vertalende voorgangers, maar ik kan wel zeggen dat het weinig minder is dan een 'openbaring' om deze vertaling te lezen. Nu pas zie je dat we bij die eerste bijbelboeken te maken hebben met een lang episch gedicht, dat verwant is aan zovele andere grote religieuze epische gedichten. De tekst is ook als een gedicht gezet, en omdat zulks het geval is lees je al wat er staat in een nieuw licht. Zo ziet de passage over Kain en Abel er in deze vertaling als volgt uit:

Abel, ook hij bracht iets:

van de eerstelingen van zijn wolvee,

van hun vet;

de AANWEZIGE slaat acht

op Abel en op zijn mincha;

op Kain en zijn mincha heeft hij geen acht geslagen;

dat brandt hevig bij Kain

en zijn aanschijnstrekken vervallen.

Dan zegt de AANWEZIGE tot Kain:

waarom is het bij jou zo ontbrand en waarom zijn je aanschijnstrekken vervallen?

In ieder geval is blijkens deze vertaling wel duidelijk dat de Statenvertaling opmerkelijk veel dichter bij het origineel is gebleven dan de Nieuwe Vertaling, waarvan indertijd het verschijnen zoveel twist en tweedracht heeft veroorzaakt.

Toch blijft het kennelijk behelpen met zo'n vertaling. Dat zie je bij deze in ieder geval mooi poetisch klinkende en naar ik aanneem briljante vertaling van Oussoren al bij de eerste zin uit de bijbel. Oussoren heeft daarvan gemaakt: 'Sinds den beginne is God de schepper van de hemelen en (de) aarde.'

Dat is in feite een revolutionaire vertaling, want als je zegt 'Sinds den beginne', in plaats van 'In den beginne' zoals de Statenvertaling en de Nieuwe Vertaling luiden, impliceer je daarmee dat God steeds schepper is gebleven, terwijl 'In den beginne' impliceert dat God alleen gedurende een bepaalde, welomschreven tijd schiep.

Oussoren is zich daarvan ook zeer goed bewust, want in een boeiende voetnoot zegt hij: 'Elke suggestie dat God slechts in een of andere begintijd scheppend bezig is geweest wil ik vermijden.' Hij vermeldt ook dat er nog een andere vertaling mogelijk is van die eerste woorden, en die werd gegeven door W. Barnard: 'Van hoofde aan is God de schepper', en hij voegt daaraan toe: 'Barnards weergave doet meer dan de mijne recht aan het verband tussen (be)resjit en rosj (hoofd); beresjit zou in het Nederlands ook kunnen luiden 'De hoofdzaak is dat...,' - Denk aan het en tei archei van de Septuaginta en het In principio van de Vulgata!, maar dan maakt de notie van de tijd plaats voor 'het principe', wat (met nog dubieuzere connotaties) ook gebeurt in vertalingen als 'In de grond van de zaak' en 'In principe'. Eventueel zou kunnen: 'Beginsel is dat...', maar ik verkies maximale aansluiting bij het In den beginne van de Statenvertalers.'

Evolutie

Toch is 'Sinds den beginne' al iets totaal anders dan 'In den beginne'! Als ik toch in de tijd dat ik te horen kreeg over de evolutietheorie had mogen weten dat je ook kunt lezen 'Sinds den beginne is God schepper'. Immers, iemand die scheppend bezig blijft, kan ook van evolutie gebruik maken om de soorten te 'scheppen', terwijl iemand die 'In den beginne' alles in zes dagen heeft geschapen zulks uiteraard niet kan doen.

Hoe het ook zij: het feit dat deze eerste vijf bijbelboeken afgedrukt zijn als een gedicht, maakt je je er veel beter van bewust dat je te maken hebt met een fantastisch epos, met een groots gedicht, en daardoor schuift de vraag of je al wat daar staat als letterlijke waarheid moet geloven vanzelf naar de achtergrond. Niet dat zulks nu nog een probleem voor me zou zijn, maar ik wou dat ik in mijn jeugd deze vertaling al had mogen bezitten. Dan zou mij wellicht heel wat vreugdeloos getob bespaard zijn gebleven. Dan had ik misschien toen al sneller en zonder al te veel gepieker ingezien dat we hier te maken hebben met een fabel zoals er zoveel zijn, met een verheven sprookje dat uitnodigt tot declamatie en recitatie in plaats van geloof.