Een kerstmonopolie tot Heiligabend

BONN, 24 DEC. Voor de Spar-winkelier in de General-Konsul von Weiss-Strasse in het stadje Königswinter schijnt de zon nog wel een beetje. Het zijstraatje van de Rijnpromenade waar hij zijn winkel heeft loopt vrij steil af naar de zwaar gezwollen rivier, die zich tot met enkele honderden meters heeft verbreed maar in het straatje zelf nog maar zo'n 60 meter omhoog is gevorderd.

Wat betekent dat bij twee concurrenten even lager al een paar decimeter water staat en hem nu even een mooi kerstmonopolie is toegevallen. Even maar, want morgen - Heiligabend - zal het water, net als verder in het noorden, in Bonn (15 km verder) en Keulen (nog 45 km verder), gaan zakken, is de verwachting. Voor de kerstdagen is zelfs sneeuw voorspeld, de natuur geeft een ongewone machtsdemonstratie.

Beneden om de hoek, aan de Rijnpromenade van dit toeristenstadje, kreunen de hoteliers en restaurateurs. Hun kerstarrangementen zijn naar de Filistijnen, hun bedrijven op slag onbereikbaar geworden, hun uitzicht is nu een immense bruinige plas water, hier en daar is de kap van een lantaarnpaal of het topje van een knotwilg zichtbaar. Königswinter glooit omhoog naar de flanken van het Zevengebergte, veel last heeft het stadje dus overigens niet van wat het massablad Bild vanmorgen een Jahrhundertflut noemde. Aan de overkant van de Rijn, in het diplomatendorp Bad Godesberg, is de situatie veel ernstiger. Daar moesten honderden mensen worden geëvacueerd uit hun dure Rijnvilla's en hun forensenwoningen. De Amerikaanse ambassade, een kazerne-achtige collectie flats die anders door een park van de rivier wordt gescheiden, staat nu aan het water en het chique Rijnhotel Dreesen, waar ooit Adolf Hitler graag kwam, staat zelfs in het water.

Op naar Bonn, waar de rivier over een nog grotere breedte ongewoon dicht onder de draagvlakken van de naar Adenauer en Kennedy genoemde grote stadsbruggen scheurt. De waterpegel ligt hier 10,12 meter boven normaal, de hoogste stand van deze eeuw. Het water klotst op de Rijnboulevard tegen de ramen van de dure nieuwbouw van de Bondsdag, dat leeg staat wegens het kerstreces. “Die ramen houden het”, zegt een brandweerman, “die zijn wasserfest”. Hetgeen niet wegneemt dat de kelders al ondergelopen zijn. Vreemd steken de aanlegsteigers voor Rijn-plezierschepen de lucht in, door het water schuin omhooggedrukt aan hun kettingen. Ook Helmut Kohls kanselarij, de villa Hammerschmidt van de bondspresident en het ministerie van buitenlandse zaken zijn langs de Rijn alleen te bereiken met rubberboten zoals de grenspolitie die voor haar bewakingswerk in gebruik blijkt te hebben genomen.

Vooral in de Altstadt van Keulen, 30 kilometer stroomafwaarts, heeft zich in korte tijd een kleine ramp voltrokken. Het voorstadje Rodenkirchen was al overstroomd, de boulevard langs de Rijn en viaducten in het wegencircuit van en naar de Deutz- en de Severinsbruggen stonden al blank toen de Rijn het hoogterecord van 1926 (10,69 meter boven normaal) eergisteravond snel ging benaderen, het water de noodversperring van schotten en zandzakken doorbrak en de Altstadt tussen Rijn en Dom instroomde.

In de Keulse Altstadt zijn ruim duizend vrijwilligers in de weer, bewoners en winkeliers lopen over 2,5 kilometer aan snel aangelegde nood-gaanderijen ter hoogte van hun eerste etages. De ravage onder water is nog onzichtbaar, maar stellig groot, de minister van financiën van de deelstaat Noordrijn-Westfalen heeft al fiscale compensaties beloofd nu de Duitse verzekeraars alvast van “overmacht” hebben gesproken. Alleen al in Keulen zijn 25.000 mensen door de overstromingen geschaad.

Maar ook hier was de algemene verwachting dat de hoogste waterstand nu voorbij is, net als in Koblenz, Bonn, Düsseldorf en Duisburg. En als de Rijn daarna in zijn bredere “oude” bedding komt bij Rees en Emmerich, waar de uiterwaarden nog niet weg-gemoderniseerd zijn, is het acute leed geleden, althans in het Rheinland. Wat er daarna in Nederland - 180 kilomer verder en twee etmalen later - kan gebeuren, vooral in het gebied waar Rijn en Maas samenkomen, werd gisteren in de media bezorgd besproken door Duitse deskundigen. “U bent Nederlander?”, vraagt een collega. “Nu, voor uw land komt het ergste nog”.