Een gammele stam die uit is op vrede en liefde

De popgroep The Grateful Dead staat volledig buiten de poprealiteit. Nog steeds huldigt de groep de oude hippie-idealen van 'peace, love and understanding'. Tot voor kort ging dat gepaard met LSD-gebruik, maar sinds de groep Virtual Reality omarmt zijn ze weer modern, al gaat het wel om een vreemd soort moderniteit: een samengaan van oude, mystieke denkbeelden en een fascinatie voor nieuwe technieken.

Sommige dingen blijven verbazen. De permanente aanwezigheid van The Grateful Dead in de jaarlijkse Amerikaanse top twintig van best betaalde artiesten is er een van. Hits heeft de popgroep uit San Francisco vrijwel nooit, de verkoop van hun cd's is niet opzienbarend en in Europa is hun populariteit gering. Inkomsten haalt The Grateful Dead vooral uit het geven van concerten in grote theaters en hallen in Amerika, die avond in avond uit zijn uitverkocht. Een groot deel van het jaar is de groep dan ook op tournee, van stad naar stad gevolgd door een schare Dead Heads, fanatieke aanhangers van wie er, zo schat men, in Amerika zo'n half miljoen zijn. Dead Heads zijn van alle leeftijden en categorieën, van losgeslagen jongeren die in een oude auto rondreizen om het oude Amerikaanse ideaal van altijd 'on the road' te verwezenlijken tot vijftigjarige advocaten die een tweede hypotheek op hun huis nemen om hun favoriete groep aan de voet van Egyptische piramides te zien optreden.

Nog groter wordt de verbazing als men hoort wat voor muziek The Grateful Dead tegenwoordig maakt. Wie, zoals ik, vijftien jaar lang geen nummers van de groep heeft beluisterd en een paar recente (live)-cd's koopt, moet vaststellen dat er weinig, heel weinig is veranderd. Punk, house, heavy metal, grunge - elke nieuwe muziekstroming sinds het einde van de jaren zestig is voorbijgegaan aan The Grateful Dead. De groep staat volledig buiten de poprealiteit: nog steeds vormen eenvoudige blues- en countryrock-nummers aanleiding voor langdurige improvisaties, waarbij gitarist-zanger Jerry Garcia zich uitleeft in kabbelend-tokkelende solo's die worden doorweven met de nimmer aflatende pianoriedels van Brent Mydland. Grateful-Dead-concerten hebben dan ook Wagneriaanse lengtes en duren al gauw een uur of vier, nog altijd te kort voor veel fans.

Ook in andere opzichten staat The Grateful Dead buiten de realiteit. Nog steeds huldigt de groep de oude hippie-idealen van 'peace, love and understanding', alsof er geen Reagan en yuppies hebben bestaan, en nog steeds gebruikt The Grateful Dead dezelfde onmodieuze skeletten-iconografie als in de jaren zestig. En bovenal vormen ze nog steeds een commune, een grote, warme familie waarin de roadies op voet van gelijkheid met de bandleden staan. Het is dit commune-gevoel dat de groep voor veel Dead Heads aantrekkelijk maakt. “Er is iets heel padvinderachtigs aan The Grateful Dead”, merkte David Bowie eens op. “Ze doen me denken aan een omkering van Lord Of The Flies - die schooljongens die zijn achtergelaten op een onbewoond eiland en voor zichzelf moeten zorgen. Ze vormen een soort gammele stam, maar terwijl het in het boek uitloopt op geweld en misdaad, gaat het bij The Dead om vrede en liefde.”

Als The Grateful Dead en hun aanhangers een stam vormen, dan zijn de concerten mystieke stamdansen. “Voor er muziek ter vermaak was, was er muziek die de waarneming verandert, muziek die misschien religieus moet worden genoemd,” beweert Mickey Hart, een van de twee Grateful Dead-drummers. “Wij hebben een band met echt oude muziek, met archaïsche muziek. Dat is een van de krachten van The Grateful Dead.”

LSD en VR

Van oudsher speelt druggebruik een rol bij de stamdansen. In de jaren 1965-1966 kreeg The Grateful Dead in San Francisco bekendheid als de muzikanten bij de Acid Tests, de beroemde LSD-feesten die wel wat weg hadden van de tegenwoordige house-parties en die werden georganiseerd door de schrijver Ken Kesey. Het was de bedoeling dat The Grateful Dead met hun muziek de op LSD trippende bezoekers in verdere vervoering zou brengen, maar vaak kwam het er niet van omdat de groepsleden door druggebruik niet tot musiceren in staat waren. Later, toen de groep in heel Amerika bekend werd, werkte The Grateful Dead samen met de merkwaardige figuur Owsley, een elektronica-'freak' die niet alleen technisch geavanceerde muziekinstallaties ontwierp maar ook de kwaliteit van de LSD bewaakte die Jerry Garcia uitdeelde onder de concertgangers. Garcia dichtte LSD mystieke waarden toe: “Echt high worden is jezelf vergeten. En jezelf vergeten is alles op een andere manier zien. En alles op een andere manier zien betekent dat je een begrijpend molecule in de evolutie wordt, een bewust gereedschap van het universum. En ik vind dat elk mens een bewust gereedschap van het universum moet zijn.”

Anders dan veel andere popmusici heeft het geëxperimenteer met drugs The Grateful Dead weinig schade gedaan. Weliswaar zijn in de 28 jaar van het bestaan van de groep twee leden overleden, maar de een, Ron 'Pigpen' McKernan, overleed in 1973 aan een leveraandoening die geen verband hield met druggebruik en de ander, Keith Godchaux, kwam om bij een auto-ongeluk. Toch verklaarde Jerry Garcia zich plotseling een tegenstander van drugs: “Druggebruik is een doodlopende straat. Je gaat er naar toe met je problemen en voor je het weet zijn al je problemen dat ene probleem geworden: dan is het alleen jij en de drugs.” Dit zei Garcia in 1987, een jaar nadat hij als diabetes-patiënt in een langdurige coma was geraakt. Maar het kan geen toeval zijn dat in hetzelfde jaar een door Jerry Garcia en Len Dell'Amico geregisseerde film verscheen over The Grateful Dead, die bestond uit een combinatie van gewone filmbeelden, animatie en muziek. Garcia beschreef het effect als een nieuw soort drug: “Het idee was dat je er naar kijkt en denkt: 'Ja, dit maakt me behoorlijk raar. Dit werkt.' We streefden naar elektronische verandering van de geest en bewustzijn. En op dat niveau is het aardig succesvol.”

Cyberspace

Sindsdien is The Grateful Dead verder gegaan met het experimenten met nieuwe media. Al jaren bestaat er nu een uitgebreid database-systeem waarop Dead Heads zich met hun computer kunnen aansluiten en vervolgens met bandleden of met andere fans kunnen communiceren. John Barlow, een van de componisten van The Grateful Dead, heeft samen met Mitch Kapor, de oprichter van het software-bedrijf Lotus Development, de Electronic Frontier Foundation opgericht. Doel van deze stichting is het garanderen van de vrije toegang tot de 'cyberspace', het netwerk van wereldomspannende communicatielijnen, om te voorkomen dat dit in handen komt van enkele grote bedrijven. John Barlow is ook de redacteur van een boek over Virtual Reality, dat, niet toevallig, onder meer een bijdrage bevat van Timothy Leary, de legendarische LSD-professor. Leary ziet een duidelijk verband tussen LSD en Virtual Reality (VR). “Hij vergelijkt het doorbreken van de 'straight reality' door middel van VR met de trip van de bewustzijnsverruimende LSD, maar dan zonder het 'drugs'-stigma',” aldus Gerard Aartsen in The Grateful Times, het Nederlandse fanzine van The Grateful Dead.

Met de omarming van Virtual Reality is The Grateful Dead plotseling weer modern, al gaat het wel om een vreemd soort moderniteit: een samengaan van oude, mystieke denkbeelden en een fascinatie voor nieuwe technieken, dezelfde combinatie die de New-Agebeweging (en het nationaal-socialisme) zo curieus maakt. Maar Virtual Reality is vooral een heel praktische oplossing voor The Grateful Dead. VR doet de gezondheid van Jerry Garcia geen kwaad en de politie hoeft zich binnenkort geen zorgen meer te maken als de fans bij Grateful Dead-concerten in plaats van drugs te gebruiken een helm met ingebouwd beeldscherm op hun hoofd zetten om getuige te zijn van de andere werkelijkheid van hun favoriete groep.