Vermomd als heer

“Mijn overbuurman, de loodgieter, staat met oudjaar 's nachts om twaalf uur in een witte smoking vuurwerk af te steken. Dat is natuurlijk in strijd met alle regels. Maar iedereen mag dragen waar hij plezier in heeft. Als hij mijn plezier maar niet bederft”, zegt Inez van Eijk, schrijfster van de bestsellers Etiquette en Nieuwe Etiquette. “Echt chic is natuurlijk een zwarte smoking zonder frivoliteiten, maar dat staat niet iedereen. Een witte smoking is altijd nogal opgeklopt, maar dat ironiseert dan weer die rare gewoonte om bij het minste of geringste een smoking aan te trekken.”

De boeken van Van Eijk zijn zo succesvol omdat goede manieren ons niet meer met de paplepel worden ingegoten. Bovendien verandert er nogal eens wat op het gebied van wat hoort en niet hoort. Moet je bijvoorbeeld weten wat tenue de ville betekent? Op bijeenkomsten waar deze kleding wordt voorgeschreven tref je soms mannen in jacquet in gesprek met mannen die op tuinbroek of slobbertrui hebben gegokt.

Als je zeker van je zaak wilt zijn, is het volgens Van Eijk verstandig om naar een gespecialiseerde zaak te gaan: “Waar ze nog weten hoe het zit met die strikjes en dassen. Beter dan bij Peek & Cloppenburg of C&A. Maar, als een man het nou leuk vindt om een wilde das om te doen, moet hij dat vooral niet laten. Vrouwen zien er soms ook belachelijk uit, tenslotte.”

Afgelopen zaterdagmiddag begon voor mij de kerst met een bezoek aan Tip de Bruin op de Amsterdamse Nieuwendijk. Het is dit jaar immers 'werkgeverskerst', vallend op de twee dagen in het weekend. Dat betekent dat er ook al in het weekeinde voorafgaande aan het eigenlijke feest voorpostgevechten geleverd moeten worden in passende kledij.

Met het klimmen der jaren ontwikkel je kennelijk toch een handigheid om ervoor te zorgen dat je 'onder de pannen' bent. En om te laten zien dat je al die uitnodigingen waardeert (volgend jaar is het zo weer kerst, en regeren is vooruit zien) wil je toch enigszins goed voor de dag komen. In krantenadvertenties had het fotomodel van Tip de Bruin mij al van boven een witte roos streng toegekeken: wordt het dit jaar niet eens tijd? Rokkostuums vanaf ƒ 399. Smokings vanaf ƒ 199,50 tot ƒ 1798. Armani, Boss, Gaultier, Montana en wat andere dure merken sieren de ingezonden mededeling op. Bestel de gratis brochure.

Nee, dan liever ter plekke een kijkje genomen. Met knikkende knieën bestijg ik de trap naar de eerste verdieping van de gerenommeerde zaak, waar de 'gelegenheidskleding' verkocht wordt. Wie problemen met keuzevraagstukken heeft, is bij Tip de Bruin bepaald aan het verkeerde adres, want de sortering is van een gekmakende uitgebreidheid. Hoewel ik van plan was de winterdepressie dit jaar over te slaan, wil ik mij het liefst onmiddellijk verhangen of voor de trein werpen. Maar de verkoper is gelukkig op zijn taak berekend, laat me een paar jasjes passen, ziet direct dat de broek een maatje kleiner moet ('te lang'), en voor ik het weet sta ik bij de kassa twee girobetaalkaarten uit te schrijven. Voor minder dan vijfhonderd gulden kan ik 's avonds aan tafel, 'vermomd als heer' zoals mijn moeder het vroeger noemde.

Bij de koffie blijkt vooral het smokinghemd een doorslaand succes. Met het jasje aan zie je alleen het geplisseerde frontje met de opstaande boord, de hagelwitte manchetten, de blindsluiting en het strikje. Gaat de jas uit, dan worden ineens mouwen, schouders en rugpand zichtbaar, fel bedrukt met dinosaurussen op een zwart front. De 'ooh's' en 'aah's' doen denken aan het vuurwerk op oudjaarsavond. Geluk is te koop voor ƒ 149, en wordt gemaakt in de overhemdenfabriek van Frederick Thaek in Engeland.

zijn er een jaar of zes geleden als eerste begonnen met die geprinte shirts. Aan de straatstenen niet kwijt te raken”, vertelt Paul Burger later, als ik even langs de winkel wandel om hem te bedanken voor zijn uitmuntende begeleiding bij de kledinginkopen. Burger is al vijftien jaar verkoper bij Tip de Bruin, en heeft wel het een en ander zien veranderen in die tijd: “Vroeger kwamen hier veel artiesten voor glimmende jasjes. Die echte bühnekleding, zoals wij dat noemen, verkoop je alleen nog aan Gordon, of René Froger. Maar een smoking is een artikel dat altijd loopt. Steeds meer mensen willen zich voor een gelegenheid kleden. Of het nu kerst is, of een trouwerij. De basisvorm van smokings en jacquets, je weet wel met van die staldeuren, verandert ook nauwelijks.

Humphrey Bogart droeg net zo'n dubbelrij sjaalkraag zoals we ze nu nog verkopen. Alleen wil men nu dunnere luxe stoffen. Dat maakt ook het prijsverschil uit: het materiaal en de pasvorm. Wij hebben al smokings van ƒ 200, in elkaar gezet in lage-lonen-landen. Daarin zie je er al heel goed uit. Maar het is natuurlijk geen Corneliani, met loshangende zijden voering. Die kost dan ook ƒ 1800.''

Volgens Burger gaat de gelegenheidskleding weer terug naar de basis. Bij de overhemden winnen de liggende kragen weer terrein terug op de opstaande kraagjes, die zo leuk zijn bij een strikje. Ook de biezen op de broek worden smaller. Het spelen met accessoires als gekleurde strikken en bedrukte of bestikte gilets (tot voor een jaar of twee nog gewoon vestje genoemd) is 'eigenlijk' niet toegestaan: “Bij een zwarte smoking hoort nu eenmaal een zwarte strik of das. Dat is het verhaal, en zo moet het gedragen worden.”