Verkoop staatsbedrijf Nuovo Pignone zorgt voor onrust in Italië

ROME, 23 DEC. Onder fel protest van de vakbonden is het Italiaanse staatsbedrijf Nuovo Pignone, producent van gasturbines, verkocht aan drie Amerikaanse bedrijven, in een nieuwe stap in het privatiseringsprogramma van het kabinet.

Het Amerikaanse consortium, dat wordt geleid door General Electric, heeft een belang van 49 procent gekocht in Nuovo Pignone. Maar de Amerikanen krijgen de meerderheid in de raad van bestuur. De Italiaanse staatsholding Eni, eigenaar van het bedrijf, houdt zelf ruim twintig procent. Twintig procent gaat naar een consortium van Italiaanse banken en bijna elf procent komt op de markt. Er wordt op gespeculeerd dat General Electric een openbaar bod doet op de aandelen die op de markt zijn.

In Florence, waar de belangrijkste fabriek van het bedrijf is gevestigd, zijn gisteren protestmanifestaties gehouden door de vakbonden. Zij vrezen dat er banen verloren gaan bij Nuovo Pignone en dat de produktiecapaciteit zal worden ingekrompen. De bonden zijn met name ongerust over de aanwezigheid van het Amerikaanse bedrijf Dresser Industries in het consortium. Dresser is een concurrent van Nuovo Pignone in de fabricage van compressoren.

De verkoop van Nuovo Pignone betekent een financiële injectie voor de staatsholding Eni van 1,1 biljoen lire, ruim 13 miljard gulden. De Eni krijgt 700 miljard lire in cash. Bovendien worden 400 miljard lire aan schulden overgenomen.

In het Amerikaanse consortium domineert General Electrics, dat al dertig jaar samenwerkt met Nuovo Pignone. Dresser en Ingersoll Rand hebben ieder een belang van twaalf procent genomen in het Italiaanse bedrijf.

Nuovo Pignone had vorig jaar een omzet van bijna twee biljoen lire, ongeveer 2,4 miljard gulden, en een winst van 37,5 miljard lire. Bij de fabricage van compressoren heeft dit bedrijf, waar vijfduizend mensen werken, een wereldwijd marktaandeel van twintig procent. In Europa is Nuovo Pignone volgens de eigen opgave marktleider bij de produktie van gasturbines.

De verkoop van Nuovo Pignone betekent dat het kabinet zijn privatiseringsdoelstellingen van dit jaar heeft gehaald. Eerder deze maand is de staatsbank Credito Italiano geprivatiseerd. De plannen voor de verkoop van het bedrijf dateren al van vorig jaar, maar werden vertraagd door het smeergeldschandaal, waarbij managers van Nuovo Pignone en van de Eni betrokken zijn geraakt.