Van rondhout tot produkt

Na olie kost voor de Europese Unie de import van hout en houtprodukten het meeste geld. Nederland is daarbij koploper. Het meeste hout komt uit Scandinavië (Zweden en Finland), Rusland en Canada. Om wat voor houtprodukten gaat het?

Rondhout. Dit is het hout zoals het in het bos geoogst wordt, gesnoeid en ontschorst. Van rondhout worden alle andere produkten afgeleid.

Brandhout is voor importerende landen van geen enkel belang, maar wel voor de producerende landen. Ongeveer 50 procent van al het hout dat op de wereld wordt gebruikt als brandhout, vooral in de ontwikkelingslanden. Maar ook in Zweden, Canada en de VS wordt hout thermisch aangewend, vooral voor droging bij houtzagerijen en voor de opwekking van elektriciteit. Het gaat daar vooral om houtafval.

De betere stammen worden gebruikt als zaag- en fineerhout. Fineerhout moet foutvrij zijn, dat wil zeggen er mogen geen kwasten in voorkomen, geen verkleurde delen en geen harsgangen. Aan triplex en multiplex worden minder hoge eisen gesteld.

Zaaghout kan allerlei bestemmingen hebben. Van oudsher waren dwarsliggers (bielzen) belangrijk - de grote concessies in Amerika gingen altijd naar de spoorwegmaatschappijen - maar deze tijd is voorbij. Werkhout, constructiehout en timmerhout vormen de belangrijkste eindbestemming van gezaagd hout. Voorbeelden zijn pallets, stuwhout, kisten, kratten, kozijnen, deuren, balken en latten.

Er is ook rondhout dat als zodanig zijn eindbestemming heeft: beschoeiingspalen, tuinhout, heipalen en vroeger mijnhout en scheepsmasten.

Veel hout dat niet geschikt is voor verwerking als zaaghout (kleine stammen en zaagafval) vindt een bestemming als spaanplaat en vezelplaat. Er komen steeds nieuwe typen houtplaten op de markt. Een grote vlucht neemt MDF-plaat (medium density fibreboard, dat in alle vormen gefreesd kan worden).

Pulp dient als basis voor de fabrikage van papier en karton. Het wordt gemaakt van kleine bomen met lange vezels, meestal naaldhout, maar ook populier. Van belang is een laag lignine-gehalte en een geringe verkleuring van het kernhout. Het meeste Nederlandse hout gaat naar de papierindustrie. Behalve papierpulp is er ook rayonpulp voor de textielindustrie: synthetisch cellulosegaren kan als vervanging dienen van katoen.

Rondhout wordt gemeten en verhandeld in kubieke meters. Bij de verwerking tot houtprodukten treden verliezen op. Voor de produktie van een kubieke meter gezaagd naaldhout is ongeveer 1,67 m rondhout nodig, voor 1 m triplex ongeveer 2,3 m rondhout. Voor het vergelijken van rondhout met houtprodukten zijn deze omrekeningsfactoren bijzonder handig, men spreekt van rondhout equivalenten (r.e.).

1,67 gezaagd naaldhout

1,82 gezaagd loofhout

1,82 bielzen

1,90 fineer

2,30 triplex

Veel zaagafval vindt een nuttige bestemming als grondstof voor vezelplaat of papier. Houdt men daarmee rekening, dan zijn de conversiefactoren kleiner.

Voor de fabricage van papier is zeer veel hout nodig: een ton krantepapier, dat nog lignine bevat, kost 2,8 m rondhoutequivalent. Een ton druk- en schrijfpapier 3,5 m r.e.; 1 ton houtskool kost 4 m r.e.; rayonpulp voor textiel 5,5 m r.e.