Soap

De filippica van minister Hirsch Ballin tegen het televisiegeweld was nog maar net verstomd of er werd weer een aanval op het elektronisch vermaak ondernomen.

Ditmaal afkomstig van de Stichting Orgaan- en Weefseldonorvoorlichting. In de soap-serie Goede Tijden Slechte Tijden (GTST) wordt volgens de stichting een verkeerd beeld van de transplantatiepraktijk gegeven. De doodzieke Simon Dekker ligt al een paar afleveringen bewusteloos in zijn ziekenhuisbed, terwijl behandelend geneesheer Homan helemaal niet van plan is hem beter te maken. Het is deze in-slechte chirurg maar om één ding te doen: het hart van Dekker, want dat wil hij op de lucratieve orgaanmarkt te gelde maken.

Helemaal fout, vindt de Stichting. Artsen zijn er niet op uit patiënten van hun organen te beroven. In de Nederlandse huiskamers is deze mededeling als een bom ingeslagen. Want wie eenmaal weet dat GTST de werkelijkheid verdraait, bekijkt de serie met andere ogen. Is Simon Dekker wel echt ziek, vraagt hij zich plotseling af. Is die hartbewaker wel aangesloten? Beschikt Homan wel over de juiste papieren? En zou die dr. Botterman nu echt een betere arts zijn? Is Stefanie wel de vrouw van Nico Stenders? Is het een echt broodje dat Linda in de lunchroom eet? Hebben de brandweerlieden die bij modellenbureau Flash de deur inhakken wel een goede opleiding gehad? Zijn hun bijlen wel geslepen? Heeft Linda wel een konijn?

Het is deze fundamentele twijfel, deze permanente deconstructie van de kijkervaring waarvoor we de stichting niet dankbaar genoeg kunnen zijn. Want in zijn strijd tegen het televisiegeweld kan Hirsch Ballin van dit principe effectief gebruikmaken. Hij hoeft alleen maar bekend te maken dat Don Johnson helemaal niet bij Miami Vice werkt, dat die kogels nep zijn, dat de doden gewoon weer opstaan als de camera stopt en de jeugd van Nederland zal gedesillusioneerd zijn toevlucht zoeken bij een dik leesboek.