Klein Duimpje eindelijk bij grote reus

ROTTERDAM, 23 DEC. “Klein Duimpje komt eindelijk bij een grote reus.” Directeur mr. Z.O.H.M baron van Hövell tot Westerflier van Staal Bankiers is 'apetrots' dat zijn kleine bank in handen komt van verzekeraar AVCB, de grootste coöperatieve verzekeraar van Nederland.

De voorname Haagse bank in handen van een coöperatie. Dat had bankier F. Staal, een nazaat van oprichter Machiel Staal, die tot in de jaren zeventig de scepter zwaaide, nooit kunnen vermoeden, maar Hövell zegt: “Ik mag die sfeer van coöperatie wel.”

De stormen begonnen toen bankier Frank Staal begin jaren zeventig ter meerdere eer en glorie van zijn bank prof.dr.drs. A.C.R. Dreesmann binnenhaalde als commissaris. Dreesmann liet zich niet gebruiken als decorum. In 1978 had Dreesmann alle touwtjes in handen. Voor 25 miljoen gulden was Vendex eigenaar van Staal.

Dreesmann wilde in plaats van een slapende Haagse bank voor bemiddelde cliëntèle een 'vechtbank' met een keur aan financiële vindingen. Voormalig Elsevier-controller drs. T. Jongbloed zou Staal moeten klaarstomen voor die prominente rol. Of Jongbloed zijn tijd te ver vooruit was, of dat hij de bancaire zeden met voeten trad, blijft een kwestie van interpretatie. Feit is dat Jongbloed in 1989 het veld ruimde, omdat hij bij De Nederlandsche Bank de toets der kritiek niet kon doorstaan. Kort daarna kwam Staal in moeilijkheden. Vendex moest 400 miljoen gulden aan bezittingen, waaronder het pand, overnemen om de bank van de ondergang te redden.

Vendex haalde toen de aan de familie Dreesmann geparenteerde Van Hövell binnen om Staal in rustiger vaarwater te loodsen en dan klaar te stomen voor verkoop. Van Hövell zei de Amro, waar hij directeur generaal was, vaarwel. De mooie tijden voor de Amro met gentleman-bankiers zoals mr. F. Hoogendijk waren in zijn ogen toch voorbij toen ambitieuze mensen als mr. R.W. Groenink het binnen het bestuur van de bank voor het zeggen kregen. Van Hövell was toe aan een eigen, rustige bank. Hij maakt er geen geheim van dat werken voor hem niet alles is. “Het gezin heeft mijn eerste prioriteit en ik zal niet overwerkt raken.”

Nadat zijn poging mislukt was om de bank aan de Belgische Bank Brussel Lambert te slijten en hij het personeel met 60 mensen tot 160 had teruggebracht, herstelde Van Hövell de rust aan de Lange Houtstraat. Het schitterende halfleegstaande kantoor met inpandig zwembad drukte niet meer op de balans van Staal, zodat Van Hövell aan winst kon werken. “De winstgevendheid was in 1991 nog laag en eigenlijk in 1993 ook nog onvoldoende”, aldus Van Hövell bescheiden. Staal boekte 8,5 miljoen gulden winst in 1992 en hoopt dit jaar op 'een aanzienlijk hogere netto winst'.

Van Hövell kon echter niet op zijn lauweren rusten. Vendex-topman mr.J.M. Hessels moest haast maken met een sanering van de verzameling bedrijven binnen Vendex: de problemen liepen de spuigaten uit, hoewel het concern niet in de rode cijfers kwam. Hessels haalde geld binnen door enkele winstmakers te verkopen. Daardoor kreeg hij de tijd om slecht renderende activiteiten eerst winstgevend te maken. Hij voorkwam daarmee een uitverkoop tegen afbraakprijzen van het concern.

Niettemin moest Van Hövell toen het weer beter ging met zijn Staal Bankiers de boer op. “Ik het met half Nederland gesproken”, aldus Van Hövell. Dat buitenlandse banken niet op de stoep van Staal stonden vond hij prima. “Het is wel zo prettig om Nederlands te spreken. Ik bedoel daarmee niet dat ik mijn talen niet beheers, maar het blijft voor een organisatie en de rapportage lastig.”

In oktober ontstond ineens een nieuwe kans: de besprekingen tussen een fusie tussen AVCB en Rabobank ketsten af, omdat Rabobank ineens een meerderheid in de collectieve verzekeraar wenste. Van Hövell: “We hadden ineens een willing buyer.” In anderhalve maand waren de besprekingen rond. “Het is heel snel gegaan, maar wij zijn nu dan ook een duidelijke bank zonder problemen.”