Frankrijk: niet goed, wel ietsje minder slecht

PARIJS, 23 DEC. Het gaat volgend jaar ietsje minder slecht met de Franse economie, hoopt de regering. Met de export gaat het niet zo slecht. Maar de werkloosheid blijft stijgen en de Franse consumenten houden de adem in. Alleen hun auto kreeg de laatste maanden meer financiële aandacht dan vorig jaar.

Het succes van de regering-Balladur in de GATT-onderhandelingen heeft volgens deskundigen ertoe bijgedragen dat de Franse franc zich goed heeft hersteld van de ineenstorting van het Europese Monetaire Systeem, afgelopen zomer. De koers ten opzichte van de Duitse mark is weer ongeveer op het oude peil. De rente is tegelijkertijd in stapjes naar beneden gegaan tot om en nabij de zes procent, 5,5 procent lager dan een jaar geleden.

De terugval van de vraag (1,6 procent in november) is nog sterker dan in oktober (0,9 procent). In september was een kunstmatige opleving van de vraag gecreëerd doordat de regering gezinnen met schoolgaande kinderen een extraatje ter waarde van zes miljard franc (2 miljard gulden) had toegestopt.

De algemene ongerustheid is gebaseerd op de uiterst onzekere situatie in de industrie. Ontslagen en afvloeiïngsplannen blijven aan de orde van de dag. Deze week kondigde Renault weer aan dat duizenden banen moeten verdwijnen. De voorraden zijn hoog en de positieve ontwikkeling in de autobranche kan ook alleen optreden omdat de cijfers vorig jaar nog desastreuzer waren.

Voorts maakt Frankrijk zich op voor een ingrijpende discussie over de tekorten van de sociale fondsen. Die zijn over de hele linie indrukwekkend. De regering heeft weinig keus: snijden in de uitkeringsrechten of verhogen van de premies, in beide gevallen wordt de sociale spanning snel opgevoerd, terwijl de bestedingsruimte van de ontvangers navenant terugloopt.

De optie die het meest in de aandacht staat is daarom de sociale BTW, een mooie uitdrukking voor een doelgerichte verhoging van de BTW: niet ten bate van de algemene middelen, maar om de sociale fondsen bij te voeden. Wie het meeste koopt betaalt het meeste mee. Toch snijdt ook deze variant onvermijdelijk in de portemonnee van de gewone Fransman. Verhoging van de BTW zal het economisch herstel niet ten goede komen. Afgezien van de vraag hoe het met de harmonisatie in Europees verband zit.

De regering heeft dus een smal bergpad te bewandelen. Zorgen dat de opbrengsten van de staat niet te ver achterlopen bij de uitgaven. En anderzijds de vraag niet ontmoedigen. Warm en koud blazen heet dat hier. Voorlopig heeft de regering beloofd niets te zullen doen, er komt een paar maanden geen BTW-verhoging en geen premie-verhoging voor de sociale zekerheid. Minister Veil (gezondheidszorg) heeft aangekondigd te willen knijpen: beperking van het aantal leegstaande ziekenhuisbedden en overgaan op budgetfinanciering. Frankrijk is wat dat betreft nog een zorgelozer verzorgingsstaat dan Nederland.

Minister Alphandéry (financiën en economie) is in dit rollenspel de man die optimisme als brandstof van het herstel moet aandragen. In een vraaggesprek met Le Monde wijst hij op een aantal belangrijke factoren die een voorzichtige opleving in de loop van 1994 aannemelijk maken. Voorlopig vult hij de begrotingsgaten met de opbrengst van geprivatiseerde staatsbedrijven.

De organisatie voor economische samenwerking van de Westerse industrielanden (Oeso) heeft deze week een groei van 1,1 procent voor volgend jaar voorspeld, na een inkrimping van de economie met 0,9 procent dit jaar. Men wijst op het gegroeide handelsoverschot. Ook al verliest de Franse industrie in diverse sectoren marktaandeel in het buitenland, men weet de afzet op te voeren.