'Deelname aan cultuur opkrikken'

AMSTERDAM, 23 DEC. Zeker de helft van de Nederlanders komt nooit in een museum, en driekwart van de bevolking bezoekt nooit een concertzaal of schouwburg. Vooral lager opgeleiden, onder wie veel jongeren en migranten, nemen niet deel aan het culturele leven. Dit blijkt uit het gisteren gepresenteerde rapport 'Cultuurbeleid in Nederland' van WVC. Om de cultuurparticipatie van de Nederlander te vergroten, moet er een Nationaal Participatie Plan (NPP) komen. Dat bepleit een internationaal team van deskundigen in het rapport.

Tijdens een discussiebijeenkomst woensdag in de Sint Olofskapel in Amsterdam, werd een voorlopige versie van het verslag gepresenteerd. Het symposium werd door minister d'Ancona van WVC geopend.

De minister toonde zich ongerust over de afkalvende cultuurparticipatie van jongeren en de geringe betrokkenheid van allochtonen. “Kennelijk vinden zij in het cultuuraanbod te weinig van hun gading,” aldus de minister.

De minister heeft geen standaardoplossingen voor dit probleem. Wel zei ze dat culturele instellingen zich veel actiever zouden moeten presenteren. Ook is het cultuuraanbod volgens haar veelal te verbrokkeld en duren produkties vaak onwaarschijnlijk kort.

Het rapport 'Cultuurbeleid in Nederland' is onderdeel van een internationaal onderzoek, opgezet door de Raad van Europa. Op 13 april 1994 bespreekt het Cultuurcomité van de Raad het onderzoek in Straatsburg. Dan wordt ook het rapport 'Cultuurbeleid in Nederland' van het ministerie van WVC behandeld. Dat verslag bevat een historisch overzicht van het Nederlandse cultuurbeleid, en behandelt actuele thema's. Afgezien van de dalende cultuurparticipatie is er ook veel positiefs te melden, aldus de minister. Zo gaat het uitstekend met het museumbezoek en is de belangstelling volgens d' Ancona voor muziek en opera 'geëxplodeerd'. Zelfs het zorgenkindje, het toneel, lijkt bezig uit het dal van de belangstelling te krabbelen.