Uitspraak SVR over WW ouderen komt later

ROTTERDAM, 22 DEC. De Sociale Verzekeringsraad zal voor het einde van dit jaar geen uitspraak doen over het eventuele misbruik van uitkeringsgelden bij het vrijwillige vertrek uit bedrijven van oudere werknemers. Dit blijkt uit een brief die de SVR gisteren naar staatssecretaris Wallage van sociale zaken heeft gestuurd.

Wallage eiste vorige week dat de SVR nog dit jaar met een richtlijn zou komen, die afspraken tussen werkgevers en werknemers - die vrijwillig het bedrijf verlaten maar wel een WW-uitkering ontvangen - verbiedt. Indien de SVR daaraan niet voldoet, zou Wallage met een 'aanwijzing' komen. Daarmee kan de staatssecretaris verplicht sancties aan de werkgevers en de werknemers opleggen.

Sociale Zaken kon vanochtend niet bevestigen of Wallage zijn dreigement ook echt uitvoert. Binnen de SVR zegt men echter dat Wallage al informeel heeft toegezegd de SVR nog even de tijd te geven om een richtlijn op te stellen. De SVR zegt op zijn vroegst op 20 januari advies aan Wallage en minister De Vries te kunnen geven.

Het tumult rond het vrijwillig vertrek van oudere werknemers ontstond nadat de vakbonden en de werkgevers in de havens van Rotterdam en Amsterdam een vrijwillige vertrekregeling afspraken, waarbij de werkgevers de WW-uitkering aanvullen tot ruim 85 procent van het laatstverdiende loon. Op deze wijze proberen de sociale partners in de havens de gevolgen van het verdwijnen van de ouderenrichtlijn per 1 januari aanstaande te ontlopen. Deze richtlijn bepaalt dat bedrijven bij collectief ontslag oudere werknemers met voorrang op straat mogen zetten. Door een vrijwillige vertrekregeling af te spreken, menen de havenbonden en de werkgevers dat ze niet onder de ouderenrichtlijn vallen.