Milieu als maatstaf?

MENSELIJK GEDRAG beïnvloedt de natuur. Dat geldt voor primitieve stammen in het Amazone-oerwoud en in veel sterkere mate voor hoog-geïndustrialiseerde samenlevingen. Produktie, transport, landbouw, welvaart, bevolkingsdruk en bescherming tegen de elementen leggen beslag op de natuurlijke omgeving. Tussen milieu en bedrijvigheid is altijd sprake van een ongelijke uitruil.

Nederland heeft als aanlegsteiger voor Noordwest-Europa met een uitzonderlijk grote belasting van het milieu te maken. Twee 'mainports', Schiphol en Rotterdam, in een van de dichtstbevolkte gebieden ter wereld, de nationale prioriteit van geografische en sociale welvaartsspreiding, de noodzaak van goederentransport en de vrijheid van het particuliere vervoer dwingen Nederland tot ruimtelijke ordening en maatregelen om het milieu te beschermen. Tot een goed leefklimaat behoren niet alleen de primaire elementen van lucht en water, maar ook immateriële zaken zoals stilte en de beschikbaarheid van een aan de natuur herinnerende omgeving. Bovendien geldt voor milieu het belang van volgende generaties: de schade die nu wordt aangericht, wordt naar de toekomst doorgegeven.

BIJ EEN DERGELIJK veelomvattend thema is het niet verrassend dat bijna het halve kabinet - Alders, Andriessen, Bukman, Maij-Weggen en Pronk - het Tweede Nationaal Milieubeleidsplan heeft ondertekend, dat gisteren is gepresenteerd. Dit is te merken. Hoewel VROM de directe verantwoordelijkheid voor het milieubeleid heeft, is de verregaande bemoeienis van Economische Zaken, Landbouw, Verkeer en Ontwikkelingssamenwerking met de tekst van het NMP-2 overduidelijk. Het NMP-2 is een echte ambtenarennota, waarin alle departementen hun zegje doen en tevreden zijn gesteld. De ontoegankelijkheid wordt nog vergroot doordat zich met het milieu twee groepen beleidsambtenaren bezighouden: beoefenaars van de sociale wetenschappen en techneuten.

Dat levert een jargon dat bol staat van onbegrijpelijke afkortingen (“DuBO, duurzaam bouwen”), platitudes (“Nederland zal zich inzetten voor zo breed mogelijk gedragen internationale milieuverdragen gericht op een hoog milieubeschermingsniveau”) en van politieke correctheid (“Het belang van de inbreng van vrouwen bij het realiseren van duurzame ontwikkeling wordt benadrukt in Agenda 21”). Om maar te zwijgen van de bezetenheid met doelstellingen en doelgroepen. Bij milieubeleid moet zelfs een onderscheid tussen goed en moeilijk bereikbare doelgroepen worden gemaakt. Dat wordt overwerk voor de overheidspropaganda van Postbus 51. En wat te denken van de uitvoering: “Het beleid ten aanzien van het instrumentarium zal gericht worden op het stimuleren van zelfregulering, op het verbeteren van de toepassing van de instrumentenmix, op het bevorderen van internalisatie van milieugebruik in de prijzen en op de kwaliteitsverbetering van de onderscheiden instrumententypen.”

BELEID IS een kwestie van politieke mode. Als milieubeleid opkomt, profileren politici zich op dit onderwerp, ziet de overheid een nieuwe bron om de samenleving te belasten en krijgen ambtenaren de ruimte om aan de slag te gaan. Het nieuwe gebouw van VROM is het grootste kantoorgebouw van Nederland. Een van de hoopvollere mededelingen in het NMP-2 is dat na 1997 het aantal milieu-ambtenaren licht zal dalen.

Inhoudelijk gaat het in NMP-2 om een poging de doelstellingen van het eerdere Nationaal Milieubeleidsplan uit te voeren. Bij voorbaat wordt erkend dat niet alle doelstellingen zullen worden gehaald. De zesennegentig actiepunten proberen te sturen en te reguleren en in veel gevallen betreft dat verstandige maatregelen. Meest in het oog springend is het voornemen om energie zwaarder te belasten voor kleinverbruikers (particulieren en kleine ondernemingen). Uit NMP-2 blijft onduidelijk in hoeverre Nederland hiermee kiest voor een eenzame gidsrol in Europa bij de overschakeling van de belasting op arbeid naar de belasting op energieverbruik. Anders dan minister Alders in zijn mondelinge toelichting beweerde, staat in NMP-2 niet ondubbelzinnig dat de hogere heffingen in de vorm van lagere belastingen aan de burgers en bedrijven zullen worden teruggegeven.

MILIEUBELEID is een combinatie van lokale, nationale en grensoverschrijdende maatregelen. Het vraagt om geloofwaardigheid, overeenstemming, overtuigingskracht en realiteitszin. De slogan van het NMP-2, milieu als maatstaf, is een goed idee maar de nota-manie van Den Haag brengt dat geen stap dichterbij.