IMF: soepeler voorwaarden hulp Moskou

NEW YORK/MOSKOU, 22 DEC. Het Internationale Monetaire Fonds (IMF) bekijkt de mogelijkheden om de voorwaarden voor de hulp aan Rusland te versoepelen.

Dit heeft de belangrijkste IMF-onderhandelaar voor Rusland, Ernesto Hernandez-Cata vandaag gezegd in de New York Times. Het beleid van het IMF is van verschillende zijden gekritiseerd, onder meer door de Amerikaanse vice-president Al Gore, sinds de recente verkiezingsnederlaag van hervormingsgezinde politici.

Hernandez Cata zei dat het IMF bereid is additionele hulp te verschaffen, zelfs indien niet aan de strenge economische eisen wordt voldaan. Maar hij voegde eraan toe dat Moskou wel een gecoördineerde inspanning moet doen de overheidsfinanciën op orde te brengen. “Ik ben bereid tot flexibiliteit, mits er zichtbare signalen zijn dat het de goede richting uitgaat,” aldus de hoge IMF-functionaris. Dit kan volgens hem betekenen dat de doelstelling voor de inflatie in 1994 wordt bijgesteld van 2 procent per maand tot 3 à 5 procent per maand.

De Westerse hulp aan Rusland is tot nu toe steeds verbonden geweest aan de voorwaarde dat Moskou maatregelen neemt om de subsidies en kredieten aan verouderde staatsbedrijven aan banden legt. Ook moest de inflatie deze herfst tot tien procent per maand worden teruggebracht en het begrotingstekort beperkt. De Russische regering slaagde er niet in deze doelstellingen te realiseren. Voor het IMF was dit aanleiding een tweede krediet van 1,5 miljard dollar uit een speciaal fonds voor landen die overschakelen naar een vrije markteconomie, op te houden. Moskou kreeg eerder wel een eerste tranche van 1,5 miljard dollar uit dit fonds.

Critici hebben gezegd dat het economisch beleid heeft geleid tot de scherpe daling van de levensstandaard van talrijke Russen, van wie velen hun stem bij de parlementsverkiezingen hebben gegeven aan de ultra-nationalistische Vladimir Zjirinovski. Volgens Hernandez Cata zijn de problemen niet ontstaan door te snelle doorvoering van de hervormingen maar door het vertragen ervan.

De Russische minister van buitenlandse zaken, Andrei Kozyrev, beschuldigde gisteren de zeven rijke industrielanden (G 7) ervan zich te terughoudend op te stellen bij de hulp aan Rusland door een aantal goede ideeën niet ten uitvoer te brengen. “Ik ben niet tevreden over de samenwerking met de G 7,” aldus Kozyrev tegenover het persbureau Interfax. Hij zei te hopen dat de industrielanden door het succes van Zjirinovsky (die bijna een kwart van de stemmen haalde) meer genegen zullen zijn suggesties over te nemen. Russische functionarissen hebben geklaagd dat de hulp ter waarde van miljarden dollars voornamelijk uit leningen bestaat, terwijl het land al zwaar in de schulden zit. (Reuter, AFP)