Historici: vergelijking met Hitler leert weinig over Zjirinovski

Hij is patriot en vreemdeling - trots, rancuneus en demagogisch. Hij wil zijn land de vroegere grandeur teruggeven en heeft zijn plannen daarvoor in een boek aan het volk gepresenteerd. Vladimir Zjirinovski zelf heeft de vergelijking van zijn persoon met die van Adolf Hitler nooit adequaat gevonden. “Adolf was een ongeschoolde korporaal, terwijl ik ben afgestudeerd en vier talen spreek”, zei hij in 1991 toen hij voor het eerst aan de Russische verkiezingen meedeed en bijna acht procent van de stemmen binnenhaalde.

De overeenkomsten tussen Zjirinovski en Hitler worden dezer dagen door commentatoren en politici voortdurend belicht, evenals die tussen Rusland en Duitsland tijdens de Weimar-republiek (1919-1933) Maar volgens historici in West-Europa biedt de vergelijking met Hitler onvoldoende houvast om Zjirinovski te identificeren.

“Wie Adolf Hitler was, dat weten we, maar wie Zjirinovski is, is nog niet duidelijk”, zegt prof. M. Reimann, hoogleraar Oosteuropese geschiedenis aan het Oost-Europa-instituut in Berlijn. Volgens Reiman kunnen de uitspraken van Zjirinovski nog niet als ideologie gekwalificeerd worden. “In de sociale demagogie, het imperialisme en het idee van de harde hand van Zjirinovski zitten duidelijke raakpunten met extreem-rechts, maar van een man die zo plotseling tevoorschijn is gekomen, is moeilijk te zeggen waarvoor hij staat.”

Volgens J. Hoskin, professor hedendaagse Russische geschiedenis aan de London School of Economics, zijn de verkiezingsprogramma's van Hitler en Zjirinovski wel vergelijkbaar. “Hitler bond zijn kiezers aan zich door onduidelijke beloften. Nationalisme, anti-semitisme en steun voor de kleine middenklasse. Het programma van Zjirinovski heeft ook geen enkele samenhang, behalve dat het is toegespitst op de grootheid van Rusland. Om in Rusland stemmen te krijgen is nu geen consistent programma nodig, maar een sterke man.”

De Duitse onderzoeker H. Hubel, werkzaam bij het instituut van de Deutsche Gesellschaft für Auswärtige Politik in Bonn, vond tijdens het lezen van Zjirinovski's boek 'De laatste mars naar het zuiden' een aantal opmerkelijke overeenkomsten met Hitlers 'Mein Kampf'. “Zjirinovski spreekt van een drang naar het zuiden, zoals Hitler van een drang naar het oosten sprak. Hij groeide op in het perifere Kazachstan en heeft met een Russische moeder en een joodse vader de grootste moeite z'n Russisch zijn te bewijzen. Hitler heeft zich als Oostenrijker in het Duitse leger ook altijd een buitenstaander gevoeld.”

Maar om de betekenis van Zjirinovski voor Rusland inzichtelijk te maken, biedt de geschiedenis volgens Hubel geen uitkomst. “Het maken van historische vergelijkingen is een leuk spel, maar de geschiedenis herhaalt zich nooit. Het feit alleen al dat Hitler geen nucleaire wapens tot zijn beschikking had, maakt de situatie volstrekt onvergelijkbaar.”

Volgens de docent Duitse geschiedenis aan St. Anthony's college in Oxford, A. Nichols, moet de betekenis van personen in de geschiedenis niet overdreven worden en zijn het de “structuren” die staatsmannen voortbrengen. De economische crisis, de verzwakking van de autoriteit van de staat en de tradities van nationalisme en anti-semitisme in Rusland zijn in het oog springende overeenkomsten met Weimar-Duitsland, maar de verschillen zijn volgens Nichols net zo opvallend.

“Duitsland had een zeer slechte relatie met de vroegere vijanden uit de Eerste Wereldoorlog, terwijl Rusland met West-Europa op dit moment goede betrekkingen heeft. Zjirinovski is door iedereen geïdentificeerd als de gevaarlijke tegenstander, terwijl met Hitler destijds tot op het laatste moment werd samengewerkt. Hitler heeft ook veel langer de tijd gehad om ongemerkt zijn beweging op te bouwen. Er was nog geen televisie, dus wat er in Beieren gebeurde, was niet onmiddellijk over de hele wereld bekend. Zjirinovski staat nu over de hele wereld in de schijnwerpers en dat zal niet in zijn voordeel werken.”

Historisch essayist George Steiner vindt de vergelijking tussen Hitler (“een getalenteerd ideoloog”) en Zjirinovski (“een theoretisch begaafde clown”) niet opgaan, maar is wel gealarmeerd door de opkomst van Zjirinovski. “Ik verwacht een periode van extreme chaos in Rusland. Aan het anti-semitisme daar is nooit een einde gekomen. Het gecompliceerde mengsel van nationalisme, jodenhaat en marxisme, 'rood' en 'zwart', is in de Russische geschiedenis klassiek. Ik ben diep bezorgd om de Russische burgers en het lot van de Baltische staten. Het feit dat veertien miljoen mensen op iemand als Zjirinovski gestemd hebben, is op zichzelf al vreselijk zorgelijk.”

De Duitse Rusland-deskundige prof. Alexander Korab noemt Zjirinovski en Hitler “mythologische denkers en fantasten”. Hun succes verklaart hij uit een eigenschap die Duitsers en Russen gemeen hebben: ze denken “emotioneel”. “Rusland lijdt nu net als Duitsland destijds aan het paranoïde idee omringd te zijn door vijanden. Van het feit dat veel Russen de samenwerking met het westen als 'uitverkoop van de Russische belangen' zien, heeft Zjirinovski in zijn verkiezingsprogramma gebruik gemaakt. De nationale sentimenten in Rusland zijn zo groot omdat het land al sinds de machtsovername van de bolsjewieken, zeventig jaar geleden, in een isolement verkeert.”

Volgens Korab hebben de Russen grote moeite het uiteenvallen van het Sovjet-rijk te aanvaarden. De gevoelens van nationalisme worden door de onvrede over de bestaande grenzen aangewakkerd. Emeritus hoogleraar Ruslandkunde aan de universiteit van Amsterdam, professor J. Bezemer, is daarom niet verbaasd dat de revanchistische kreten van Zjirinovski het Russische volk aanspreken. “Rusland was ooit een groot rijk en is in een maand uiteengevallen. Koloniale rijken als Engeland en Nederland hebben jaren de tijd gehad om te wennen aan het idee dat ze de overzeese gebieden kwijt waren. Nederland dacht na de oorlog tenslotte ook Indië gewoon weer terug te krijgen. Zelfs voor de Russen die democratisch zijn ingesteld, is het moeilijk te verteren dat de Oekraïne er nu niet meer bijhoort.”

De speculaties over de toekomst lopen uiteen. Volgens de Brit Hoskin kan Zjirinovski tegengehouden worden als de democraten één blok vormen en de hervorming van de Russische economie radicaal wordt doorgevoerd. “De veranderingen gaan veel te langzaam. De door de staat gesteunde onproductieve fabrieken domineren nog steeds de economie waardoor de inflatie steeds groter wordt.”

Korab deelt die mening niet: “De hervormers moeten heel voorzichtig te werk gaan. Houdt de bevolking dit allemaal nog wel uit? Ik heb weinig vertrouwen in de toekomst van Rusland. Wat tot nog toe politiek is klaargespeeld, is ondoordacht geweest. Door de snelle invoering van de vrije markteconomie zijn de Russen van de ene dag op de andere hun spaargeld kwijtgeraakt.”

Volgens Korab is de overwinning van Zjirinovski een les voor de democraten in Rusland. “Jeltsin wist sinds twee jaar dat Zjirinovski een grondwetvijandige partij had opgericht en heeft dat getolereerd. Hij heeft nooit een woord van kritiek geuit op het anti-semitisme in Rusland. Die fout heeft Weimar-president Hindenburg destijds ook gemaakt.”

George Steiner vindt vooral dat het Westen te kort is geschoten. “West-Europa is diep schuldig aan de crisis in Rusland. Ik hoop al tijden op een Marshall-plan. Het is een schande dat in een tijd dat West-Europa kampt met een voedseloverschot, de fantasie, de wil en de intelligentie ontbreken om voor Rusland te doen wat de Verenigde Staten na de Tweede Wereldoorlog voor ons gedaan hebben.”