Cruijff: mens en bedrijf

VOOR DE PATRIOTTEN in deze voetbalnatie is het een schizoïde weekeinde geweest. Johan H. Cruijff niet met Oranje naar de wereldkampioenschappen in de Verenigde Staten: dat is een slag die het blessureleed van Marco van Basten en het debat over het nut van Ruud Gullit ruimschoots te boven gaat. De Nederlandse ploeg zal zich nu als verweesd elftal moeten voorbereiden op een sportevenement dat voor Nederland bijna net zo belangrijk is als de vorstin en de handelsbalans. De affaire-Cruijff heeft daarom velen reeds genoopt tot een stellingname: voor of tegen. Dat is op zich geen nieuws: al vanaf zijn eerste interlands is Cruijff een affaire-in-zichzelf.

Het conflict tussen de KNVB en Cruijff afgelopen weekeinde is niettemin toch een verrassing. Het bondsbestuur onder leiding van zijn nieuwe voorzitter, voormalig burgemeester Staatsen van Groningen, leek immers op de goede weg. Er was in hun onderlinge contact zelfs sprake van wederzijds respect. Voor zover de feiten bekend zijn, rijst nu derhalve het vermoeden dat Cruijff zijn hand overspeeld heeft. Of beter, dat de onderneming-Cruijff zich te buiten is gegaan aan een vorm van blufpoker zonder zich voldoende bewust te zijn geweest van het feit dat de laatste ronde reeds was ingegaan. Eén passage uit de brief van Cruijffs advocaat, waarin deze gewag maakt van de dreiging die volgens hem zou uitgaan van “voetbalminnend Nederland” mocht de KNVB niet op zijn eisen in willen gaan, spreekt wat dit betreft boekdelen.

Die claims van het bedrijf-Cruijff hadden uiteraard allereerst betrekking op geld, zowel op zijn salaris en winstdeling als de merchandising van zijn eigen trainingspakken-lijn. Johan Cruijff zou zichzelf niet zijn geweest als hij dit keer voor de gelegenheid wel eens “dief van zijn eigen portemonnee” had willen zijn.

Maar op de achtergrond moeten er bij deze curieuze onderhandelingstactiek ook andere motieven een rol hebben gespeeld: persoonlijke motieven. Want hoezeer Cruijff ook alleenheerser op de velden wil zijn, privé is hij wel degelijk beïnvloedbaar. Niet alleen door zijn echtgenote en schoonvader maar ook door zijn eigen angst dat hij zijn pretenties in de VS wel eens niet zou kunnen waarmaken. Het gegeven dat Cruijff op de valreep aanstuurde op een soort van permanente onderhandelingen met de KNVB wijst er in ieder geval op dat hij grote zorgen had over een eventuele afwezigheid van zijn favoriete leerling Van Basten. In deze complexe vermenging van belangen kon de KNVB niet veel anders meer doen dan helderheid eisen en zichzelf vervolgens serieus nemen door de onderhandelingen voor gesloten te verklaren.

HOE TREURIG HET fiasco-Cruijff straks ook kan zijn voor het imago van Oranje in Amerika, het Nederlands elftal zelf hoeft daar niet onder te lijden. Dick Advocaat, de coach die het team door de voorronde heeft geloodst, mag dan wel niet garant staan voor spektakel, zijn vakmanschap staat allerminst ter discussie. Ware het niet dat dit in Nederland op zich niet voldoende is. In het vaderlandse voetbalmilieu roert zich namelijk al jaren een Cruijff-clan, die weinig middelen onbenut laat. Ook in die zin is er weinig nieuws onder de zon: zonder rotzooi en ruzie kan Nederland zich nu eenmaal niet voorbereiden op wereldkampioenschappen. Zo was het in 1974 al en zo is het in 1994 wederom.