Zelfreiniging in Limburg; De vriendjesrepubliek

Elke provincie kent affaires met rommelende bestuurders en ritselende ambtenaren. Maar het zuiden van Limburg lijkt de laatste tijd onder een vergrootglas te liggen. In het café keek nooit iemand op van smeergeldverhalen of een snoepreisje voor de behulpzame wethouder. Maar nu tal van affaires in de publiciteit zijn gekomen, bezint Limburg zich op een 'schone' toekomst. 'Over enkele maanden is Maastricht de zuiverste stad van Nederland, maar is het elan weg. Dat gevaar dreigt.'

Ze hoeven hem niet meer naar het Westen te sturen om vrech, 'brutaal', te worden. John van Dijk, burgemeester van Vaals, weet van wanten. Uitdagend legt hij een dikke stapel kranteknipsels voor zich neer. Hij heeft alle publikaties over bestuurlijke affaires en corruptie in Limburg verzameld. Vol misprijzen: 'Het is niet leuk meer om dit vak te doen, je bent de pispaal van de natie geworden. In Limburg krijgen nu de malcontenten en non-valeurs de ruimte om hun gram te halen en bestuurders in diskrediet te brengen. Ok, fout is fout, maar nu zijn de verhoudingen zoek. Dit is autoriteiten-shooting.'' Terwijl Limburg krampachtig bezig is nieuwe, hogere afrasteringen aan te brengen tussen publiek- en privé-belang, trekt Van Dijk zijn eigen lijn. 'Gedragscodes? Onzin, de norm dat ben jezelf'', klinkt het ferm. 'Deze negatieve publiciteit doet het goed bij het publiek dat toch al denkt dat ambtenaren en bestuurders lapzwansen en zakkenvullers zijn.''

Van Dijk (42) lucht zijn hart in het verstilde, monumentale gemeentehuis dat ooit een lakenfabriek was. Vaals houdt winterslaap, trekt zich ogenschijnlijk weinig aan van het nationale tumult over corruptie in Limburg. Toch zijn er zorgen: Vaals lééfde altijd met de grens - zowel fatsoenlijke burgers als smokkelaars ontleenden daar hun oriëntatie aan. 'Europa 92' heeft het gevoel van onveiligheid vergroot; met de slagbomen is de douane verdwenen. Intussen grabbelt de Oosteuropese automafia met haar vingers gretig door het Zuidlimburgse landschap.

Burgemeester Van Dijk (PvdA) bekent zich tot de rekkelijken onder de Limburgse bestuurders. Kort geleden werd hij ere-bestuurslid van de plaatselijke harmonie en de carnavalsvereniging De Grensüllen. Met een royaal gebaar had Van Dijk beide verenigingen een envelop toegestopt. 'Twee keer 5.500 gulden.'' De burgemeester verkiest de vlucht naar voren. 'Geld van het plaatselijke bedrijfsleven, daar is toch niets mis mee?'' Hij schetst de grenzen van zijn eigen bestuurlijke moraal. 'Steek ik iets in mijn zak of bewijs ik de samenleving een dienst. Dáár gaat het om. Ik word er geen cent wijzer van.'' En: 'Ik kan twee dingen doen: niks doen en zogenaamd veilig functioneren of m'n nek uitsteken. In het tweede geval ben je kwetsbaar voor praatjes.''

Scherprechter

Limburg is al anderhalf jaar in opspraak; bij justitie in Maastricht liggen de corruptie-affaires hoog opgetast. Rommelende provincieambtenaren en ritselende bestuurders hebben het openbaar bestuur vooral in het zuidelijk deel van de provincie verdacht gemaakt. Oud-minister drs. C. van Dijk zal als een calvinistische scherprechter de verkiezingsfondsen van het Limburgse CDA doorlichten. Hij is nog steeds met een uitgebreid onderzoek bezig naar omstreden betalingsregelingen voor ambtenaren in Maastricht.

'Lokale politiek is zo smerig, je schaamt je om er in te zitten'', zegt een wethouder van een kleine gemeente. 'Mijn ideeën over democratie hebben het de afgelopen jaren zwaar te verduren gehad.''

Lokale en provinciale beleidsmakers likken hun wonden; bij sommigen maakt de shredder méér uren dan de fax, merkt een cynicus op. Burgemeester Vossen van Gulpen was de eerste bestuurder die sneuvelde; minister Dales ontsloeg hem nadat de rechter hem het burgermeesterschap voor vijf jaar had ontzegd. Justitie heeft het vizier nu gericht op burgemeester H. Riem van Brunssum, die onder andere steekpenningen zou hebben aangenomen van grindbaggermaatschappijen toen hij als PvdA-gedeputeerde verantwoordelijk was voor grootschalige ontgrindingen in Limburg.

De fraude bij MVV, en de geruchten over omkoping door die club, hebben de Verelendung in de laars van Nederland versterkt. Want de randstedelijke karikatuur van Limburg lijkt weer compleet: een charmant landschap met bourgondische nevelen en royale schraapruimte voor bestuurders. 'Het beeld van de wat onnozele, bierdrinkende en vlaaien-etende Limburger komt weer los. We hebben nu weer het gevoel: Limburg is de risee van Nederland'', zegt PvdA-gedeputeerde G. M. K. Kockelkorn. 'Onder gouverneur Kremers hadden we ons imago sterk verbeterd. Er kwamen kansrijke instituten naar Limburg, het bestuur vibreerde. Maastricht verbeeldde in de optiek van de Randstad het moderne levensgevoel. Dat zijn we nu allemaal weer kwijt.''

Hoe Limburgs zijn al die affaires; heeft corruptie z'n wortels in bloed en bodem? Vragen, die het Limburgse establishment dagelijks bezighouden. Mr. J. Laumen, die landelijke bekendheid kreeg als officier van justitie in twee geruchtmakende processen (ABP en IRA). 'De mensen die ik bij het ABP achterna zat waren Hollanders. Maar wat nu aan de orde is, bevestigt wat ik al tien jaar in het café heb gehoord. Geruchten over aannemers en bestuurders doen al jaren de ronde. Maar justitie opereert niet op basis van borrelpraat. We hadden nooit harde aanwijzingen. En: het strafrecht is geschreven om viezerikken aan te pakken die niet met hun jatten van nette mensen kunnen afblijven. Niet voor dit soort gevallen. We hebben bovendien de handen vol aan de georganiseerde misdaad.''

Laumen, die gestationeerd was in Roermond, heeft sinds kort een managementfunctie bij het openbaar ministerie in Maastricht. Hij heeft naar aanleiding van alle commotie nog eens serieus nagedacht over zijn eigen 'nevenfunctie': ere-bestuurslid van de bond van Limburgse carnavalsverenigingen. 'Ik ben een Limburgse jongen, hou van de lol, en blijf dit gewoon doen.'' Een ambtenaar van de provincie zegt het anders: 'Alle directeuren van provinciale diensten zijn, op één na, Hollander. Dus als de provincie corrupt is...''

Protectie

Politiek heerste in Limburg decennia lang een monocultuur; de KVP trok in het maatschappelijke leven aan alle touwtjes. In de één-partij-staat Limburg was ideologie lokaal niet van belang. 'De politieke cultuur heeft zich sterk op personen gericht'', zegt dr. Karl Dittrich, die als voorzitter van de voetbalclub MVV recentelijk in een heuse affaire werd meegesleurd. Dittrich, lid van het college van bestuur van de Rijksuniversiteit Limburg, heeft als politicoloog veel onderzoek gedaan naar gemeenteraadsverkiezingen en lokaal bestuur in Limburg. 'De voorkeursstemmen waren in Limburg altijd vijftig procent. Er heerste een traditionele cultuur: 'Wij zijn bereid op jou te stemmen' - 'ik zorg er voor dat het jullie goed gaat'. Het ging altijd vooral om groepsbelang, het belang van verenigingen, van een dorp, een wijk. De politicus was vooral makelaar: tussen overheid en individu. Men stemde op iemand, omdat men verwachtte dat iemand wat terugdeed.

'De afstand tussen kiezers en gekozenen is klein. Men stapt hier gemakkelijk van de private naar de publieke sector. Dat loopt door alle partijen heen. Er doen bij de verkiezingen altijd veel lokale partijen mee, die bij landelijke verkiezingen vooral in het CDA opgaan.''

De band tussen politiek en bedrijfsleven was altijd innig. Vooral de bouwwereld wist zich verzekerd van politieke protectie. Limburg had na de mijnsluiting ook heel wat werk te vergeven: tussen 1965 en 1990 heeft de overheid 10,3 miljard gulden in de provincie gepompt.

'Ritselen' gebeurde vaak met het nobele motief verenigingen te spekken. Koor, muziekcorps, fanfare en carnavalsvereniging zijn in Limburg nog altijd belangrijke elementen in het maatschappelijk leven. De secularisatie heeft deze pijlers niet echt aangetast. Bestuurders moeten als boegbeeld van verenigingen, als lid van comités van aanbeveling of van steuncomités voor evenementen, de geldstromen van de sponsors op gang houden. Het pleidooi van gewestelijk CDA-voorzitter drs. A. Magielsen om daarmee op te passen, is slecht gevallen. Veel Limburgse bestuurders komen juist uit het verenigingsleven voort.

De Maastrichtse wethouder drs. W. Kuiper (CDA), die op 18 februari promoveert op een proefschrift over de ontwikkelingen in de Limburgse lokale politiek: 'Populisme en cliëntelisme zitten van oudsher in de Limburgse politiek. Een sterk persoonsgebonden handelen, klaar staan voor de burgerij. Dat ombudsachtige is positief. Negatief is het cliëntelisme, het kopen van stemmen door de burgerij diensten aan te bieden. Zo'n cultuur is een goede voedingsbodem voor laakbare zaken. Maar vergeet niet: qua politieke cultuur is het hier Zuid-Europa.''

Vanaf de jaren zeventig is de politieke cultuur in Limburg aan het veranderen. PvdA en VVD zijn doorgebroken, het CDA moet zich ook plaatselijk laten zien. In 1990 werd in Limburg nog 34 procent van de stemmen uitgebracht op een lokale lijst, in Noord-Brabant was dat percentage 30, in Gelderland 12 en Friesland 13. Wethouder Kuiper: 'De politiek is hier al veel zakelijker geworden''.

Midden-Oosten-methode

In de Operatie Schone Handen in Limburg had de journalistiek lange tijd het initiatief; justitie had het nakijken. Het dagblad De Limburger, jarenlang behept met een meer gouvernementele instelling, reageerde in april 1992 alert toen wegenbouwer Baars uit Klimmen bekende jarenlang ambtenaren en bestuurders te hebben omgekocht. De aannemer had zelfs op aandringen van de belastingdienst een speciale rekening voor representatiekosten geopend, die binnen het bedrijf de bijnaam 'steekpenningenrekening' kreeg. De uitgaven schommelden in de jaren tachtig tussen de 150.000 en 300.000 gulden per jaar. Zonder deze 'Midden-Oosten-methode', zoals Baars dat noemde, kwam je als aannemer niet aan de bak in Limburg. Twee verslaggevers van de De Limburger - Joep Dohmen en Henk Langenberg - hebben de afgelopen anderhalf jaar met archeologische overgave de Limburgse samenleving laag voor laag afgegraven.

Het werk van het duo is bekroond en Limburg is een reeks affaires rijker. Tot nu toe zijn negen bestuurders, onder wie zes CDA-ers met justitie in aanraking gekomen. De Maastrichtse CDA-wethouder In de Braekt had snoepreisjes met Baars gemaakt, zijn collega Neus (VVD) liet zonder strikte betalingsvoorwaarden zijn keuken verbouwen door een bevriende aannemer, provincieambtenaar en CDA-bestuurder Van Vlijmen had eveneens snoepreisjes gemaakt en met een aannemer een 'prettige' regeling getroffen bij de bouw van zijn 'twee onder een kap' woning. In Landgraaf trakteerden aannemers als dank voor rioolwerkzaamheden twee CDA-wethouders op een weekje zalmvissen in Ierland. Burgemeester Vossen van Gulpen ontpopte zich bij de bouw van zijn huis tot, zoals een lokale criticus het noemt, 'een pathologische pingelaar''. Nu ligt burgemeester Riem van Brunssum, die bij de laatste statenverkiezingen nog lijsttrekker was voor zijn partij, onder vuur.

'De affaires lagen hier voor het grijpen'', zegt Gerard Kessels, adjunct-hoofdredacteur van De Limburger. 'Je had hier de sfeer van ons-kent-ons. Plaatselijke baasjes die de dienst uitmaakten. Je kreeg er nooit journalistiek de vinger achter. Bovendien: de krant had een symbiotische relatie met z'n culturele omgeving. De gedrevenheid om schoon schip te maken bestond lange tijd niet. Iedereen vond vorig jaar dat de etterpuist opengebroken moest worden.''

In oktober maakte de krant een zedenschets van de Limburg ('La République des camarades'), waarin de verwevenheid van bedrijfsleven en politiek aan de kaak werd gesteld. Vooral de connecties van prominente CDA-ers met de bouwwereld vielen op. Ex-directeur J. Kuijpers van het failliete aannemingsbedrijf Kunicon vertelt in zijn Valkenburgse bovenwoning hoe het werkte. 'Ik heb hier nog nooit een bestuurder geld in de zak gestopt, dat heb ik als baggeraar in Latijns-Amerika al genoeg moeten doen. Maar je komt niet om sponsoring heen. Als in Limburg een wethouder of deputé je persoonlijk vraagt voor duizend gulden loten te kopen voor de harmonie, kun je geen nee zeggen. Twee procent van de aanneemsom ben je aan die grappen kwijt. Dat wordt doorberekend in de prijs. Macro maakt het niets uit. Uiteindelijk gaat het om herverkaveling van overheidsgeld. Zo is Maastricht groot geworden. Niemand heeft er schade van.

'Ja, ook geld voor seksclubs: je zei wel eens tegen een groep bestuurders en ambtenaren: jongens, hier heb je duizend gulden, red je zelf maar.'' Kunicon behoorde in de jaren tachtig tot de zes wegenbouwers, die in Maastricht het werk van de gemeente onderling mochten verdelen. Een toerbeurtsysteem, waarmee gemeente en aannemers content waren. Kuijpers: 'Als bedrijf heb je een thuismarkt nodig. Zakelijk verstandig, wat heeft het voor zin om elkaar kapot te concurreren. Bovendien, Zuid-Limburg heeft een moeilijke grondslag: zware klei. Vreemde, Hollandse bedrijven hebben zich daar op verkeken en miljoenen verloren.'' Een van de nog bestaande Kunicon-bedrijven is in een juridisch gevecht gewikkeld met de gemeente Meerssen waar het als laagste inschrijver een werk had aangenomen, dat toch aan zijn neus voorbij ging. 'Een bekende stem'' had een halve ton smeergeld geëist en Kuijpers, die door de plaatselijke VVD is gevraagd voor de gemeenteraad van Valkenburg, was daar niet op ingegaan. 'Limburg is van oudsher katholiek, bij de overheid zaten de Hollanders die de wet voorschreven. Die moest je bestrijden door ze te besjoemelen en te bedonderen. Bovendien: grote ondernemers en welvarende boeren van de Zuidllimburgse klei hadden hun mannetje in de gemeenteraad. Het duurt nog een generatie voordat die sfeer er uit is. Ze weten nog niet met de affaires om te gaan, durven niet voor hun eerlijkheid uit te komen. Liegen is erger dan het delict, dat zie je steeds''.

Lamgeslagen

Gelokt door de charme van het bijna-buitenland trokken veel modegevoelige Hollanders naar het zuiden; Maastricht was plostklaps exquise, van de patisserie in de Stokstraat tot het restaurant op het Vrijthof. De stad hangt al weer anderhalf jaar uit het lood. Het stadhuis op de Markt brokkelt nu letterlijk af; met enige regelmaat vallen grote stukken steen naar beneden. Om het bestuurscentrum van zijn steigers te verlossen heeft de gemeente ruim acht miljoen voor renovatie uitgetrokken. De steigers zijn symbool voor bestuurlijke ontluistering.

'De affaires hebben ons een beetje lamgeslagen'', zegt CDA-wethouder J. Hoen (sociaal economische zaken). Met 27 jaar bestuurlijke ervaring geldt hij in Maastricht als een politiek monument, opgetrokken uit graniet en ruw afgewerkt. Volgens vriend en vijand een bestuurder van groot formaat. Zijn wat hese stem verraadt bestuurlijk engagement tot diep in de nacht. Hij presenteert een lijst met functies en nevenfuncties, circa dertig in getal. Ere-president van het Mestreechs Rizzjemint, voorzitter Nederlandse volksopera enz. 'Ik zou niet anders hebben kunnen functioneren. Politiek is een levend instituut.'' Hoen heeft volgens zijn jongere collega en politiek onderzoeker Kuiper trekjes van cliëntelisme en populisme. 'Heeft veel contacten, stimuleert het maatschappelijk middenveld, krijgt dingen voor elkaar'', zegt Kuiper, die een exponent is van de nieuwe, meer technocratische garde: een allochtoon uit Overijssel en nergens lid van.

Hoen is de man van het volk; in het verleden vroeg hij de sociale dienst een 'uitdraai' van alle minima om vervolgens iedereen een kerstpakket te sturen. Gevuld met attenties van het plaatselijke bedrijfsleven. Zegt nu: 'Natuurlijk open ik een nieuwe zaak van McDonalds. Maar ik zeg er dan bij: heren, wilt u misschien vier tv's in het kinderziekenhuis zetten. Daar zit ik ook in het bestuur. Maar ik eet er geen hamburger meer om''. Hij leidt op carnavalsdinsdag het Zaate Herremeniekonkoer, een van de hoogtepunten van het carnaval. Hoen is op eigen kracht goed voor een handvol raadszetels; bij de laatste gemeenteraadsverkiezingen kreeg hij duizenden voorkeursstemmen.

Zelf kwam hij in 1988 in opspraak toen hij aandeelhouder bleek te zijn van BLM Weg- en Waterbouw BV van de Maastrichtenaar Bert Lieben, behalve wegenbouwer ook CDA-renommee. Lieben, die later voorzitter van MVV zou worden en nu wordt genoemd in verband met de vermeende omkoping van FC Utrecht, had zich in de jaren tachtig tot ieders verrassing als nieuweling bij het aannemerskartel in Maastricht weten te voegen. Hoen: 'Ach, Bert was een goede vriend van me. Ik nam een aandeel om hem op weg te helpen. Bovendien was ik niet verantwoordelijk voor aanbestedingen''. De wethouder trok zich ijlings als aandeelhouder terug. 'In die had iedereen de mond vol van regionale werkgelegenheid. Je werd als gemeente opgehangen als je het werk aan buitenstaanders uitbesteedde.'' Hoen overleefde de kwestie; zijn collega's In de Braekt (CDA) en Neus (VVD) moesten dit jaar onder andere om reisjes met aannemer Baars het veld ruimen.

Juist toen het Maastrichts gemeentebestuur zich probeerde te herstellen van de affaires met de wethouders en de twee vacatures koud worden opgevuld, sloegen de vakbonden toe. Afgelopen zomer brachten de ambtenarenbonden CFO en Abva/Kabo geruchten over 'mogelijke misstanden'' in het ambtelijk apparaat naar buiten.

De rel met de bonden liep hoog op. AbvaKabo-bestuurder A. Veldhuizen, volgens velen een regelrechte straatvechter, zette het gemeentebestuur het mes op de keel: managementteam en college moesten maar opstappen. Anders zou Veldhuizen een zwartboek met belastende informatie publiek maken. Burgemeester mr. Ph. Houben, in Maastricht symbool van bestuurlijk fatsoen, probeerde het conflict te dempen. Nachtenlange onderhandelingen leidden uiteindelijk tot de inschakeling van oud-minister drs. C. Van Dijk, die met de RSV-enquête het imago van onkreukbare onderzoeker had gekregen. Voor de presentatie van het eerste rapport van van Dijk - 'er zijn geen aanwijzingen voor strafbare feiten'' - liet de gemeente AbvaKabo-bestuurder Veldhuizen zelfs met een dienstauto ophalen van zijn vakantie-adres in de Jura. Na nieuwe oprispingen - de gemeente verklaarde Veldhuizen tot persona non grata maar moest daar weer op terugkomen - kreeg Van Dijk in oktober een vervolgopdracht die binnenkort moest worden afgerond.

Pieter Beek, hoofd voorlichting van de gemeente Maastricht: 'We waren niet op deze affaires voorbereid. We hebben een morele tik gekregen, die de bestuurskracht en de motivatie heeft verlamd. Maastricht was lang een ingedutte stad. Maar de laatste jaren hadden we juist volop bestuurlijke vibraties. Sociale vernieuwing, minimabeleid, het Céramique-project. Maastricht heeft zich ontwikkeld tot een stad die zich kan laten zien met de Eurotop en het Global panel.''

Kerstattenties

De door de affaires op gang gebrachte zelfreiniging geeft Limburg calvinistische trekjes. Prestigieuze restaurants klagen over verminderde belangstelling voor zakelijke diners. Gouverneur mr. B.J.M. baron Van Voorst tot Voorst constateerde onlangs tegenover gedeputeerden dat ondernemers het op provinciale recepties laten afweten. Gemeenten trekken de teugels aan en zijn in de weer met gedragscodes voor ambtenaren en bestuurders. Maastricht voorop. 'Etentjes met particulieren moeten zoveel mogelijk vermeden worden'', staat onder andere in de gedragscode voor Maastrichtse wethouders. Het aannemen van kerstattenties is toegestaan, 'tenzij er naar het oordeel van de ontvanger een onjuiste verhouding is ontstaan tussen de waarde van de attentie en de (vermoede) invloed van de ontvanger in processen waarbij schenker én de gemeente zijn betrokken''. Het slot van de gedragscode is een harde waarschuwing: 'Neemt men de verantwoordelijkheid om in afwijking van bovenstaande regels te handelen dan zal men het risico geheel zelf moeten dragen. Men kan dan op weinig of geen krediet van collega's rekenen. De publieke opinie is meedogenloos.'' In Maastricht, waar enkele jaren geleden in het kader van de operatie Van de Nood een Deugd het aantal bestuurslagen werd ingeklonken en afdelingshoofden zelf verwantwoordelijk werden voor uitgaven, leeft de bureaucratie weer op. Een ambtenaar: 'De parafencultuur bloeit weer op. Het wemelt van de nieuwe formulieren om zekerheid in te bouwen dat de dingen die fout zijn gegaan voorkomen kunnen worden''. Voorlichter Peter Beek: 'Over enkele maanden is Maastricht de zuiverste stad van Nederland, maar is het elan weg. Dat gevaar dreigt''.

Het nieuwe systeem van openbare aanbestedingen, dat sinds september '92 van kracht is, heeft de gemeente geen windereieren gelegd. Alleen al dit jaar spaart Maastricht enkele miljoenen uit. In het eerste kwartaal zijn de prijzen - mede door de malaise in de bouw - met ruim twintig procent gedaald. Want dat is misschien de keerzijde van de open concurrentie: de bouw doet het in Limburg slecht: er zijn in een jaar tijd duizend arbeidsplaatsen weggevallen.

Ook een gemeente als Stein, onder de rook van DSM, scherpt de bestaande aanbestedingsregels aan en breidt ze uit tot alle uitgaven, van potloden tot computers. Burgemeester mr. E.W.M. Meijer van Stein: 'Reizen moeten vooraf aan het college worden gemeld. De opleveringsrituelen worden tot het strikt noodzakelijke teruggebracht. Alleen bij mijlpalen vieren we iets, in de halverwege-situaties gaat drastisch het mes''. Meijer, die in Limburg bekend staat als een degelijk bestuurder, heeft zich ook teruggetrokken uit comité's van aanbeveling. Hij oordeelt positief over de publiciteit. 'Het zet je aan het denken. Net als op snelweg, als je iemand voor je in de vangrail ziet liggen''.

De Limburger heeft op haar beurt een gedragscode voor journalisten in concept klaar, met richtlijnen voor cadeaus bij persconferenties, reizen en beroepsvoordeeltjes. In het kielzog van de Nieuwe Orde heeft politieke 'modernisering' plaats, volgens sommigen gaat het om regelrechte afrekeningen. In Maastricht is wethouder Hoen niet herkiesbaar. Vier jaar geleden ondernam mr. J. Gijsen, van 1982 tot '88 burgemeester van Montfort, als plaatselijk CDA-voorzitter al een vergeefse poging om de bezem te halen door de Maastrichtse partijgelederen. 'Twaalf jaar raadslidmaatschap was heel gebruikelijk. Mensen kwamen in de raad, omdat ze uit bepaalde wijken kwamen. Er was geen systeem van evaluatie en beoordelingsgesprekken.'' Toen al werd met Hoen afgesproken dat het zijn laatste periode zou zijn. Gijsen kreeg te maken met intimidatie van heethoofden. 'Dat was de eerste keer dat er in Maastricht geschoffeld werd, dat gebeurt nu weer. Mijn kinderen werden bedreigd, ik ben toen na een jaar opgestapt.''

Hier en daar krabbelt de aangeslagen oude garde weer op. In Landgraaf maakte ex-wethouder W. Heinrichs onlangs subtiel z'n comeback. Heinrichs moest in juli 1992 aftreden nadat bekend was geworden dat hij met een collega op kosten van zakenrelaties uit de bouw een visreis naar Ierland had gemaakt. Op een tumultueuze CDA-ledenvergadering liet hij zich nu tot lijstduwer kiezen. Hij kreeg een symbolische, laatste plaats op de kandidatenlijst voor de gemeenteraad. 'Het justitie-onderzoek tegen mij heeft geen enkele klaarheid gebracht'', zei hij in de wandelgangen. 'Na anderhalf jaar heb ik nog geen enkele duidelijkheid. Dat betekent levenslang, zonder veroordeling. Sinds december 92 heb ik niets meer gehoord. Natuurlijk, ben ik nu veel terughoudender met m'n contacten. Dat is de prijs die je betaalt, maar wel met veel pijn.'' Bij de laatste raadsverkiezingen had Heinrichs 2.000 voorkeursstemmen.

Bij de provincie lijkt de onrust na het bekend worden van de diverse affaires te zijn weggeëbd. 'Het is nu MVV en de gemeente Maastricht waar alle aandacht op is gericht'', zo valt onder Limburgse provincieambtenaren te horen. Van uitzonderlijke voorzichtigheid is geen sprake, wel zijn er strenge regels waaraan de ambtenaren zich in hun externe contacten strikt dienen te houden. Het college van GS is bezig met een handboek voor de ambtenaren, waarin tot in detail voorschriften staan voor inkopen, aanbestedingen, parafen onder stukken, de routing van adviezen. Ook de provincie spaart een paar miljoen uit door scherpere aanbestedingen.

Ondanks de betrekkelijke rust, is de bestuurlijke schade groot. PvdA-Gedeputeerde Kockelkorn: 'We hebben koudwatervrees gekregen, ambtenaren durven niet meer met gewaagde ideeën te komen. Er is een tendens louter op de winkel te passen. De publieke opinie legt snel een relatie met de affaires. Beslissingen worden daardoor extra belast. We moeten bij voorbeeld in Kerkrade een museum bouwen, een problematische aangelegenheid. We zoeken naar een situatie, waarin bijna niets fout kan gaan. Reguliere miskleunen worden je scherper aangerekend. Je wordt er benauwd van. We lopen het risico geen beslissing meer te durven nemen.''