WINKELGEDRAG

Twee oorzaken van het 'winkelgedrag' zijn H.L. Wesseling ontgaan (NRC Handelsblad, 9 december).

Het winkelen als sociaal gegeven. Vooral in de middenklasse is 'winkelen' iets dat je als getrouwde vrouw met kinderen doet om de gezelligheid. Vaak gearmd (dat komt tegenwoordig minder voor), toog men met moeder, zusters, vriendin of buurvrouw naar de stad, om te stadten. Iets kopen was vaak helemaal niet de bedoeling. Praten, kijken, ideeën opdoen voor het maken van eigen kleding, ergens koffiedrinken... het ging om de gezelligheid. En meestal was men op tijd thuis voor de koffietafel.

Het tweede punt is de zuinigheid. Het voortdurend aarzelen bij de keuze, heeft een duidelijke oorzaak: het is haar geld niet! Dat werkende vrouwen geen tijd verbeuzelen omdat ze wel wat anders aan hun hoofd hebben is een feit, maar over de besteding en eventueel verspilling van geld hoeven ze aan niemand verantwoording af te leggen, ze hebben het zelf verdiend, of het nu het minimumloon is of drie ton.