Roei-goeroe ziet talent in lange vrouwen

Nederland heeft grote vrouwen. Ze kunnen goed roeien en medailles halen op de Olympische Spelen. Het is een buitenlander die dat durft te zeggen. Kris Korzeniowski, kampioenenmaker. Sinds vandaag voor drie jaar in dienst van de roeibond.

AMSTERDAM, 18 DEC. De film was Chinees, de ondertiteling in het Nederlands. Kris Korzeniowski, een Pool met een Amerikaans paspoort, spreekt geen Nederlands en verstaat nauwelijks Chinees. Hij verlegde zijn aandacht in een Amsterdamse bioscoop daarom maar naar de aanwezige Nederlandse vrouwen. Hij zag dat één op de twee langer was dan 1.80 meter. Hij wist genoeg. Nederland kan een mooi roeiland worden. Het materiaal is er.

Krzysztof, kortweg Kris, Korzeniowski heeft een indrukwekkende erelijst. Hij roeide voor Polen, coachte in Polen, Italië, Canada, de Verenigde Staten en China. Zijn roeiploegen - mannen en vrouwen, scullers en boordroeiers - behaalden op de Olympische Spelen tweemaal zilver en eenmaal brons, op de wereldkampioenschappen driemaal goud, driemaal zilver en zesmaal brons. Zijn boten zijn nog nooit door Nederlanders verslagen. Hij gaat nu de Nederlandse vrouwen en lichte roeiers onder zijn hoede zal nemen,

“Dit land heeft potentieel”, vertelt hij in het Bosbaan-restaurant in precies Engels met een accent. “Het gaat om de lichaamslengte. Nederland heeft sterke, grote vrouwen. Ik geloof in het studenten-roeien. Zolang dat bestaat, is er een vijver vol talent. Bovendien is Nederland een klein land. Iedereen is gemakkelijk bij elkaar te krijgen. Alle roeiers trainen in Amsterdam. En Nederland heeft traditie. Van tijd tot tijd winnen Nederlanders een gouden medaille. Dus moet er de afgelopen jaren in de trainingen iets goed gedaan zijn.”

Korzeniowski wordt vandaag 52 jaar. Een gentleman met zilveren haren, heldere ogen en de gezonde uitstraling van een buitenmens. Hij is geboren in Wilno, het tegenwoordige Litouwen, zijn ouders wonen in het Poolse Szczecin. Hij reist sinds 1972 met twee koffers, een stapel papieren en een regenpak van roeibaan naar roeibaan. Na de Olympische Spelen in München keerde hij niet terug naar het communistische Polen. “Ik ben ingenieur, had een goed leven, een dubbel salaris en was olympisch coach. Maar er was geen opwinding, geen uitdaging. Ik zag het Westen en ik wilde iets nieuws meemaken. Kijken of ik in een ander systeem zou overleven. Ik begon met vijftig dollar en een kleine sporttas.”

Hij liep over. “Zo noemden ze het als ik bij een Poolse ambassade mijn paspoort wilde verlengen. Ik was gewoon een jonge man die wat van de wereld wilde zien en na een of twee jaar weer terug zou gaan. Ik bedelde niet, ik vond een baan in Italië. Polen hoefde zich niet voor mij te schamen.”

In Italië verdiende hij de kost als technisch tekenaar en coachte hij in zijn vrije tijd. Pas vanaf 1977 is hij professional. Hij werkte met legendarische namen als de Noor Thor Nilsen en de Amerikaan Harry Parker. Het afgelopen jaar leidde hij China naar het eerste WK-goud. Met financiële steun van het NOC*NSF wist de Nederlandse roeibond hem daar weg te lokken. “Er is maar een beperkt aantal sporten waar Nederland op de Olympische Spelen medailles kan halen”, zo verklaart Walter den Bieman, bestuurslid van de roeibond, de bijdrage van het NOCNSF. “Roeien hoort daarbij. Ons grootste knelpunt was de coaching. De meeste roeiers gaan al jaren naar het WK, maar ieder keer hebben we weer coaches die daar debuteren.”

Korzeniowski wordt onderdeel van een driemansschap. René Mijnders, die al in dienst was van de KNRB, blijft trainings-coördinator, maar zal voortaan de helft van zijn tijd besteden aan de zware mannen boordroeien, waartoe onder meer de Holland Acht behoort. Jan Klerks, goed voor olympisch goud met Rienks en Florijn, krijgt de supervisie over het scullen.

Mijnders is blij met de komst van Korzeniowski, de eerste buitenlander in dienst van de roeibond. “Tegen zijn ervaring kan geen Nederlander op. We hebben hier een hoog niveau behaald met zelf ontwikkelde kennis. Zijn komst geeft nieuwe impulsen. Hij heeft persoonlijkheid en charisma.” De roeibond verkeert door de donatie van de NOC*NSF in een bijna ideale situatie. Alleen de botenvloot verdient nog uitbreiding, sponsors blijven welkom.

In Canada, de Verenigde Staten en China kon Korzeniowski de afgelopen jaren met grote aantallen werken. Met veel talent en veel onderlinge competitie. Hij staat bekend om zijn uitputtende trainingskamp-selectiewedstrijden. De roeiers strijden tegen elkaar om een plaats in de boot. Het zogenaamde 'seat-racing'. In Nederland was het gebruikelijk dat de roeiers min of meer zelf beslisten wie in welke boot plaatsnam. Dat gaat veranderen. “Wij kunnen de roeiers nu meer bieden en zullen ook meer van ze verlangen”, zegt Den Bieman. De Holland Acht bestaat bijvoorbeeld volgend seizoen uit een tiental roeiers (Henk Jan Zwolle en Rens Sanderse, plus de ploeg van vorig jaar) en kan voor 1996 ook putten uit de Nereus-vier-met.

Voor de vrouwen hanteert Korzeniowski een nog ruimere geest. Over zijn Canadese vrouwenacht uit 1977 zei men dat hij op benen en uiterlijk had geselecteerd, vertelt de Pool. Het waren de besten, beweert hij stellig. Morgen gaat hij al met drie verschillende vrouwen-achten het water op. Met bijna iedereen die een riem kan vasthouden, kreeg hij meteen te horen. “Wat is er op tegen? Ik wil twee achten maken”, reageert hij onverstoorbaar. “Ze moeten bij een team gaan horen, ze krijgen identiteit. Er wordt op ze gelet. Tegen de tweede acht zeg ik: 'jullie vechten voor kwalificatie'.” Hij wijst door het raam naar buiten, waar een eenzame vier traag door het water van de Bosbaan glijdt. “Die kan je voor eeuwig zo laten varen. Leg er een boot naast en er ontstaat vuurwerk.”

De Nederlandse nationale equipe is veel te klein, stelt Korzeniowski. En de kloof tussen het clubroeien en de nationale ploeg is schijn, vindt hij. Eerste- en tweedejaars studenten kunnen over drie jaar medailles winnen, mits ze de komende jaren twintig uur per week willen trainen. Iedereen krijgt een kans, iedereen moet proberen erbij te komen. Hij wil selectiewedstrijden. Eerst allemaal in de skiff, de volgende ochtend iedereen in de twee, 's middags in de vier. Niet de persoonlijke voorkeur van coaches telt. De resultaten beslissen. “We hebben nog twee jaar tot de Olympische Spelen. 1996 is het olympisch jaar. Dan moeten ze al goed zijn.”