VVD vroeg aan het bedrijfsleven financiële steun

DEN HAAG, 17 DEC. De VVD heeft het bedrijfsleven in december 1991 financiële steun gevraagd. Het geld was volgens de VVD nodig om als oppositiepartij de belangen van het bedrijfsleven goed te kunnen behartigen.

Het verzoek heeft niets opgeleverd. Een woordvoerder heeft dit vanochtend bevestigd.

De VVD organiseerde in 1991 een bijeenkomst met vertegenwoordigers van grote bedrijven, waar werd gediscussieerd over politieke vraagstukken. Eind december 1991 ontvingen bedrijven een brief, ondertekend door partijvoorzitter D. van Leeuwen, waarin stond dat de partij de bijeenkomst op prijs stelde. Zij zegt in de brief verder dat de VVD haar uiterste best zal doen om in de oppositie de belangen van het bedrijfsleven goed in het oog te houden.

De VVD meent dat ze daarvoor een organisatie in stand moet houden; geld is daarbij onontbeerlijk. In de brief staat dat politieke partijen in Nederland niet rijk zijn, zeker de VVD niet. Daarom stelt ze het op prijs als bedrijven de VVD ook financieel zouden willen ondersteunen. “Onze penningmeester Ressenaar wil u gaarne informeren over deze mogelijkheden.”

Woordvoerder A. Spierts van DSM bevestigt dat het bedrijf een brief heeft ontvangen “van een politieke partij met een verzoek voor financiele steun”. Spierts wil niet zeggen of de brief van de VVD afkomstig is. “Het is de verantwoordelijkheid van de desbetreffende partij dat bekend te maken.”

In ieder geval heeft “een politieke partij DSM enkele malen verzocht direct of indirect via stichtingen financiele steun te verlenen”. Spierts legt er de nadruk op dat DSM op dergelijke verzoeken niet ingaat, omdat “het bedrijf niet gebonden is aan welke politieke partij dan ook.”

Bij Shell Nederland bevestigt woordvoerder P. Stroink dat zijn bedrijf een brief van de VVD heeft ontvangen. “We zijn niet op het verzoek ingegaan, omdat we geen politieke partijen ondersteunen. We zijn niet aan een partij gebonden. Dat staat ook in richtlijnen die daarvoor opgesteld zijn.”

Woordvoerder Waterlander van de VVD denkt dat een dergelijke brief in deze tijd niet meer geschreven zal worden, omdat het onderwerp nu veel gevoeliger ligt dan twee jaar geleden. Hij vindt dat politieke partijen niet al te “krampachtig” moeten doen over financiële steun door het bedrijfsleven aan politieke partijen. In 1990 zei de toenmalige woordvoerder van de VVD tegen het weekblad De Groene Amsterdammer dat de partij weliswaar armlastig is, maar dat zij enkel giften van particulieren accepteerde.