Top van de IRA beraadt zich op vredesinitiatief

LONDEN, 17 DEC. Het hoogste gezag binnen het Ierse Republikeinse Leger (IRA), de General Army Convention, komt dit weekeinde bijeen om zich te beraden op een reactie op het Brits/Ierse initiatief voor vrede in Noord-Ierland.

De bijeenkomst - de tweede in 25 jaar - is hoogst ongebruikelijk. Ze onderstreept de ernst waarmee Sinn Fein/IRA het gebodene opneemt: afzweren van het geweld met als beloning deelname aan besprekingen over het politieke proces in Noord-Ierland.

Gerry Adams, de leider van Sinn Fein, zei gisteren dat zijn organisatie vrede voorstaat, maar dat ze meer tijd nodig heeft voor intern beraad. Adams onderstreepte echter de teleurstelling over de bewoordingen van de Major/Reynolds-verklaring, die Sinn Fein niet ver genoeg gaan.

Tienduizenden forenzen in Zuid-Engeland werden gisteren en vandaag opnieuw geconfronteerd met het bestaan van de IRA, doordat belangrijke spoorverbindingen ten zuidwesten van Londen meer dan een etmaal moesten worden afgesloten omdat de IRA twee bommen langs de rails had geplaatst. Niet duidelijk is of de actie van vóór of na het vredesinitiatief dateert. Maar de bomaanslag met waarschuwing vooraf illustreert de moeite die de leiding van Sinn Fein zal hebben om alle IRA-eenheden in het gareel te krijgen, indien zij besluit het aanbod van de Britse en Ierse regering te aanvaarden. Nu al wordt gewaarschuwd dat dan, als zo vaak in het verleden, een splitsing in de beweging zal optreden, waarbij een nieuwe, hard line groepering zijn eigen weg zal gaan.

In Dublin legt premier Reynolds vandaag het Ierse parlement uit welke plannen hij precies heeft voor een 'forum voor vrede en verzoening' in Noord-Ierland. Over die plannen is politieke onrust ontstaan, omdat geen van Reynolds' politieke opponenten daarvan eerder op de hoogte blijkt te zijn geweest.

In Londen haalden de Unionisten intussen gisteren, de laatste dag voor het parlementaire kerstreces, de politieke beloning binnen voor hun steun tijdens het Maastricht-debat: er komt een speciale Lagerhuiscommissie voor Noord-Ierland.

In het laatste vragenuurtje voor Kerstmis zag premier John Major zich geconfronteerd met een stekelige vraag van zijn voormalige kabinetscollega Norman Lamont. Die wilde weten hoe Major zijn herhaaldelijk beleden hartstocht voor handhaving van de Unie (van Engeland, Schotland, Wales en Noord-Ierland) kon verenigen met de tekst van de Major/Reynolds-verklaring. “Dat verhoudt zich enigszins dwaas tot de opmerking daarin dat Groot-Brittannië geen strategisch belang in Noord-Ierland heeft”, aldus Lamont. Majors medestanders riepen “schande, schande”, maar de vraag weerspiegelt gevoelens van onvrede bij een deel van de Conservatieve Partij dat vindt dat de loyalistische inwoners van Noord-Ierland door de regering in Londen verraden zijn.