Eper agenten mogen boek niet vooraf inzien

DEN HAAG, 17 DEC. De politie-agenten uit Epe, die eerder dit jaar in het nieuws kwamen wegens een aanklacht van incestslachtoffer Jolanda, krijgen geen inzage in het boek dat zij over haar ervaringen schrijft. Dit zou in strijd zijn met de grondwettelijke vrijheid van drukpers, zo heeft de president van de rechtbank in Den Haag, A. van Delden, vandaag bepaald.

De agenten hadden een kort geding aangespannen tegen de uitgever van het gewraakte boek, Bzztôh. Zij eisten inzage in het manuscript voordat het gepubliceerd wordt, omdat zij bang zijn dat Jolanda hen in haar boek opnieuw zal beschuldigen van seksueel misbruik. Nadat Jolanda deze beschuldiging had geuit, wees een onderzoek van de Rijksrecherche uit dat er geen feiten naar voren zijn gekomen die deze beschuldiging ondersteunen.

Volgens de advocate van Jolanda, M. Oosterhuis, staat nog niet vast wat Jolanda over de agenten schrijft. Haar cliënte wil “misstanden aan de kaak stellen”, die haar jarenlang zijn overkomen. Ook over misstanden bij de politie.

Het boek van het incestslachtoffer zal, voordat het in februari gepubliceerd wordt, aan een onafhankelijke deskundige worden voorgelegd, om te voorkomen dat in de tekst “onrechtmatige beschuldigingen” verschijnen. Het proces tegen zes verdachten in de Eper zaak begint op 18 januari.