SMAAD

Hoogleraar staatsrecht De Meij (NRC Handelsblad, 1 december) vindt dat de vervolging van de auteur Boomsma wegens zijn vergelijking van het optreden van de Nederlandse militairen met de SS'ers in de Tweede Wereldoorlog en de Amerikanen in Vietnam juridisch onjuist is en tevens een inbreuk op de persvrijheid.

Met verwijzing naar de Europese Conventie en het Hof in Staatsburg meent De Meij dat het mogelijk moet zijn, dingen te zeggen of te schrijven die voor anderen shockerend zijn, of scherpe bewoordingen of ongezouten kwalificaties bevatten.

Onderscheid zou moeten worden gemaakt tussen algemene onpersoonlijke, tegen een collectiviteit gerichte uitspraken, en bijzondere persoonlijke, tegen individuen gerichte uitspraken. De eerste zijn geoorloofd en niet strafbaar, de tweede kunnen beledigend zijn en wel strafbaar.

Volgens De Meij heeft Boomsma gesproken over de collectiviteit van de Nederlandse militairen en zich niet gericht tot de militair die de klacht wegens smaad en belediging heeft ingediend. Een onderdeel van een collectiviteit zou in die situatie strafrechtelijk niet beledigd kunnen worden. Een interessante benadering.

De Meij noemt als voorbeeld dat men in het algemeen mag zeggen, dat alle politieagenten smeerlappen zijn. Zegt men dit echter tegen een bekeurende agent dan zit men fout. (Belediging van een ambtenaar in functie?).

Met dat onderscheid tussen collectiviteit en individu ben ik het niet eens. Wanneer men een lid van een groep beledigt, beledigt men ook de groep. Het omgekeerde is ook het geval.

In dit geval zijn de uitspraken van Boomsma zowel beledigend voor de hele collectiviteit van de oud-militairen als voor de oud-militairen individueel. De Meij heeft de zaak Boomsma verheven tot een algemeen strafrechtelijk probleem. Op zichzelf waardevol en juridisch interessant.

Voor het welzijn van de oud-militairen is de uitspraak ook van grote betekenis. Is het 'ja' dan kunnen de inmiddels bejaarde oude mannetjes met een rustig gevoel en een beetje opgeheven hoofd op weg naar hun einde. Is het 'nee' dan krijgen 'onze jongens' van weleer opnieuw een klap voor de kop, zoals ze in Groningen zouden zeggen.