Het milieu in '93

Natuur en Milieu. Maandblad van de Stichting Natuur en Milieu, Donkerstraat 17, 3511 KB Utrecht, tel. 030-331328. Jaarabonnement ƒ 50,- studenten ƒ 30,- losse nummers ƒ 5,50.

Wat heeft 1993 gebracht? Tien vragen legde de redactie van Natuur en Milieu voor aan zowel milieuminister Hans Alders als milieuhoogleraar Lucas Reijnders. Wat waren het afgelopen jaar de hoogte- en dieptepunten, wat waren de allerslechtste plannen en wat zou elk van beiden doen als hij in de schoenen van de ander stond?

Als je het leest hóór je ze praten. Alders luid en enthousiast, met die onnavolgbare mengeling van popi kleutertaal en schoolmeesterachtigheid die altijd zo op de lachspieren werkt: 'Als ik bij een boer kom die uit zichzelf al nadenkt over wat hij zijn vee voert dan denk ik 'goh, wat goed' ''. Reijnders met zijn karakteristieke, bedachtzame somberheid. 'Dieptepunt voor het milieu is de recessie, met name omdat die ditmaal gepaard gaat met zeer lage energieprijzen. 'Op het ogenblik zie je dan ook dat men de neiging heeft beslissingen te nemen over nieuwe investeringsimpulsen die uitgaan van hele lage energieprijzen, zoals investeringen in een enorme toename van het transport. Sinds 1973 heeft geen kabinet zo weinig energie bespaard als het kabinet Lubbers-Kok.''

Alders zoekt het dieptepunt 1993 in eigen sferen. 'De laatste weken merk ik dat men een net rond het milieuministerie tracht te spannen. Teken aan de wand was de brief die VNO-voorzitter Rinnooy Kan in NRC Handelsblad schreef om milieunormen ter discussie te stellen. Alsof de milieudiscussie weer helemaal opnieuw begint.''

Hoogtepunt daarentegen noemt Alders de totstandkoming van de Wet Milieubeheer, waarmee de ketenbeheergedachte uit het Nationaal Milieubeleidsplan vertaald is in wetgeving. 'Kijk, je kunt wel statiegeld heffen, maar je moet ook zorgen dat een producent iets doet met de artikelen die hij terugneemt.'' Toch zit haast alles in de winkels nog stevig verpakt en het gratis plastic tasje krijg je er nog net zo vanzelfsprekend bij als vier jaar geleden, maar misschien gaat de minister niet vaak winkelen.

Ook Reijnders noemt de verpakkingsperikelen als belangrijkste triomf uit 1993, maar hij verwijst daarbij naar Duitsland, waar milieuminister Töpfer ondanks verzet van de hele verpakkings- en chemische industrie vasthield aan de terugnameplicht van afgedankte produkten en verpakkingen. Dat de Duitse recyclingindustrie nu hopeloos op hol slaat en de oud-papiermarkt is ingestort blijft onvermeld.

Gevraagd naar hun favoriete natuur kiest Reijnders voor het waterland boven Amsterdam en voor de grutto's van Jisp. Alders bekent zich tot het natuurontwikkelingsproject in de Millingerwaard bij Nijmegen. Afgelopen zondag was hij er nog, zegt hij braaf. Wat hem bij dat bezoek vooral opviel? 'Dat de natuur daar en in andere natuurgebieden in Nederland weer adem kan halen. Dat is te danken aan de gestegen aandacht in de samenleving voor de waarde van de natuur.''

Behalve voor de Millingerwaard kiest de milieuminister het hele gesprek lang eigenlijk nergens voor. Als hij de bezwaren van de uitbreiding van Schiphol moet afwegen tegen die van de aanleg van de Betuwelijn of de ontwikkeling van de Rotterdamse haven, 'is het de bedoeling dat geen van drieën een fout plan wordt.'' Gevraagd wie de milieupluim 1993 verdient zou hij 'duizenden individuen een milieupluim willen geven.''

Als hij moet aangeven of de milieuorganisaties in 1993 te aardig of juist te onaardig waren, blijkt hij 'niet in termen van aardig of onaardig te geloven.'' Gevraagd naar zijn eerste prioriteit als hij de baan van Reijnders had zou hij 'voortdurend de discussie aangaan en uitdagen.'' Het enige concrete dat hij naar voren brengt is dat hij afgelopen jaar thuis de zolder heeft geïsoleerd.

Reijnders is er van overtuigd dat de milieubeweging te aardig voor de overheid is geweest, terwijl het 'erg tegengevallen is wat de overheid nu echt voor het milieu heeft gedaan. 'Op een gegeven moment gaat dat tegen je werken.'' De milieupluim 1993 zou hij willen verdelen tussen de bloemenveiling Aalsmeer die dit jaar met biologisch geteelde Geabloemen is gekomen en de kernfysicus Cees Andriesse, die niet schroomde zijn baan bij de Kema op het spel te zetten om op de gevaren van kernenergie te wijzen. Hij zou milieukosten doorberekend in de prijzen willen zien door benzine drie tot viermaal en kerosine zelfs tienmaal duurder te maken, terwijl onbespoten voedsel goedkoper hoort te zijn dan bespoten voedsel in plaats van andersom. Het slechtste plan van 1993 vindt hij de uitbreiding van Schiphol, 'wat de regering door allerlei rekentrucs op stuitende wijze tracht te verbergen. Als ik milieuminister was zou ik proberen in het NMP-2 een forse energieheffing te krijgen en bij de uitbreiding van Schiphol zou ik de voet dwars zetten. Als één van beide niet zou lukken zou ik aftreden.''

Opvallend is ook wat er niet wordt gezegd. Geen van beiden rept met een woord nog over mest en zure regen, water- of bodemvervuiling, het broeikaseffect, de ozonlaag of het uitsterven van planten en dieren. Zijn die onderwerpen uit de gratie? De rest van Natuur en Milieu - onvolprezen vakblad - staat er nog altijd vol mee. Over kankerverwekkende glas- en steenwolvezels, de noodzaak van een etiketteringsplicht voor genetische manipulatie en over de champignonvoetjes die vanwege alle gebruikte bestrijdingsmiddelen zelfs chemisch afval blijken te zijn. Misschien moet de milieubeweging inderdaad maar eens wat minder aardig worden voor de overheid.