Entertainmentbedrijven kwamen elkaar overal tegen; Buitenland dwingt tot samengaan

BUSSUM, 16 DEC. Met vijf tv-ploegen die in het krappe zaaltje in het hotel in Bussum over elkaars kabels struikelden, een horde fotografen op de knieën tussen de lampen en een legertje opgewonden journalisten kondigden Joop van den Ende en John de Mol gisteren officieel aan dat hun televisieproduktiebedrijven volledig opgaan in een nieuwe onderneming: Endemol Entertainment.

Enigszins verbaasd over de nerveuze aandacht van de media, die associaties opriep met een kabinetscrisis en betrekkelijk ongekend is bij een fusie van twee middelgrote bedrijven, legde John de Mol uit dat “het buitenland” de aanleiding was geweest voor gesprekken over samenwerking, die elf maanden geleden waren begonnen. “We kwamen elkaar overal tegen”, aldus De Mol. “Als zij ergens maar binnen gingen, kwamen wij er net uit en vice versa.” De koppen werden bij elkaar gestoken om samen op te trekken in dat grote en lucratieve buitenland, waaraan zowel Joop van den Ende produkties als het bedrijf van John de Mol met succes hun programmarechten en -sterren verkopen en hun deskundigheid leveren om de produkties op poten zetten. De Honeymoon Quiz, All you need is love, Love letters, Doet ie 't of doet ie 't niet, ze zijn allemaal verkocht, met of zonder bijbehorende ster en worden uitgezonden in Europa, door commerciële stations en publieke omroepen, van Duitsland tot Griekenland. “De markt groeit nog steeds. Er komen nieuwe stations bij, de behoefte aan programma's tegen een scherpe prijs is groot”, aldus De Mol.

Niet bekend

De nieuwe onderneming krijgt vijf werkmaatschappijen: evenementen, theater, internationaal en de produktiebedrijven van Van den Ende en De Mol, die zelfstandig blijven opereren om de “creatieve concurrentie” te bevorderen, van belang voor “nieuwe ideëen”. Daadwerkelijk samen gaan beide bedrijven eigenlijk alleen in de werkmaatschappij 'internationaal'.

Van de gezamenlijke omzet van 500 miljoen behalen beide bedrijven de helft in het buitenland. Ze hebben beide al een vestiging in Keulen, nieuwe vestigingen zullen naar verwachting op korte termijn komen in België, Spanje en Scandinavië. Van de bescherming die de Europese richtlijn voor televisie biedt (50 procent van de uit te zenden programma's moet van Europese origine zijn) willen beide ondernemers optimaal gebruik maken om te groeien. “Het is niet voor niets dat tijdens de GATT-besprekingen de audio-visuele sector een belangrijk punt was”, zegt Van den Ende. “Entertainment is exportartikel nummer één voor de VS.”

Voor de Nederlandse markt verandert volgens Van den Ende en de Mol weinig. De werkgelegenheid (de nieuwe ondernmeming telt 500 werknemers en 1000 free-lancers) zal toenemen, de omroepen hoeven niet bevreesd te zijn voor prijsverhogingen. “Wij zijn groot geworden dank zij de Nederlandse omroepen en RTL4. Zij zullen meedelen in het succes. Wij weten hoe groot de financiële ruimte is in Nederland”, aldus Van den Ende. Daarbij is de Nederlandse markt belangrijk voor het ontwikkelen en uittesten van programma's. “De gemiddelde Nederlandse kijker heeft een internationale smaak.”

Het programmapakket zal breder worden. Endemol zal niet alleen spelletjes en shows produceren, maar zich ook nadrukkelijker manifesteren in drama, een terrein waarop de grootste entertainmentproducent in Europa wèl geduchte concurrentie ondervindt.