CDU en FDP vormen een nieuwe regering in Saksen-Anhalt

BONN, 16 DEC. De politieke crisis in het Oostduitse Saksen-Anhalt, waar twee weken geleden het hele kabinet aftrad nadat gebleken was dat premier Werner Münch (CDU) en drie, net als hij uit West-Duitsland afkomstige, ministers zich te hoge salarissen hadden laten betalen, is voorbij. Sinds gisteren heeft deze deelstaat een nieuw kabinet, dat is gevormd en wordt geleid door de 45-jarige Christoph Bergner, die fractieleider van de CDU in de regionale landdag was.

Bergners kabinet, het derde in Saksen-Anhalt sinds de verkiezingen van oktober 1990, bestaat uit zes ministers van de CDU en drie van de FDP, die geen van allen rechtstreeks met de salarissen-affaire te maken hadden. Het nieuwe kabinet telt twee leden minder doordat Justitie en Binnenlandse zaken zijn samengevoegd, waardoor één CDU'er kon verdwijnen, en het ministerie voor Europese zaken werd opgeheven, zodat de eerder door Bergner ontslagen FDP'er Hans-Jürgen Kaeser niet hoefde te worden vervangen.

Deze Kaeser was, met het regionale FDP-bestuur, tegen voortzetting van de coalitie met de CDU en had zo snel mogelijk de ontbinding van de landdag en nieuwe verkiezingen gewenst. Dat had ook de de oppositionele SPD gewild, die veel sterker dan de CDU staat in opiniepeilingen en die zich er bovendien op beriep dat de overgrote meerderheid van de kiezers er ook zo over denkt. Anderhalve week geleden, toen Bergner na een zeer emotioneel debat in de landdag in geheime stemming werd gekozen als kandidaat-premier, bleek echter dat een meerderheid van de FDP-fractie stemde voor voortzetting van een coalitie met de CDU onder zijn leiding. Sommige FDP'ers hadden dat vooraf ook in tranen aangekondigd en erover geklaagd dat zij door prominente partijgenoten in en buiten Saksen-Anhalt onder druk waren gezet.

Bergner heeft die breuk in de FDP met een compromis helpen herstellen: hij heeft beloofd dat de volgende verkiezingen al komende zomer en niet pas in oktober 1994 worden gehouden. Bovendien beloofde hij gisteren dat de landdag in Maagdenburg snel een nieuwe salarisregeling voor de ministers voorgelegd zal krijgen. Daarin zal voor Oostduitse ministers dezelfde grondslag worden gekozen als elders in Oost-Duitsland met voor ministers uit West-Duitsland een maximale opslag van tien procent.

De afgetreden premier Münch, die in zijn salarisgrondslag onkostenvergoedingen had laten opnemen die hij vroeger had als lid van het Europese Parlement, had een opslag van 25 procent. Zijn val werd onvermijdelijk toen de hoogte van deze opslag bleek, alsook dat hij dergelijke 'Europese' en andere onkosten niet had of kon hebben gehad, aangezien hij de salarisregeling zelf had ontworpen toen hij in Maagdenburg nog minister van financiën was. Na Gies en Münch is Bergner nu de derde premier van een CDU/FDP-coalitie in één parlementaire periode.

De enige Westduitser die in het nieuwe kabinet terugkeert is de gewezen minister van financiën, Wolfgang Böhmer (CDU), onder wie de in heel Duitsland gewraakte salarisregeling viel en die nu naar Sociale Zaken overstapt. De oppositionele SPD heeft deze herbenoeming van Böhmer “het eerste schandaal” van Bergners kabinet genoemd. Ook Hamburg heeft sinds gisteren, na een formatie van bijna drie maanden, een nieuw kabinet, dat in deze stad-staat senaat wordt genoemd. Die nieuwe senaat, die geleid wordt door de SPD'er Henning Voscherau als regerend burgemeester en gisteren door het Hamburgse parlement ('Bürgerschaft') is aanvaard, bestaat niet meer uit 14 maar uit 12 leden, namelijk tien SPD'ers en twee leden van de kiesvereniging 'Statt Partei'.

De ontstaansgeschiedenis van deze nieuwe Hamburgse coalitie, de eerste in de Duitse geschiedenis waarin een kiesvereniging tot regeren komt, is curieus. De Statt Partei is namelijk ontstaan nadat een CDU'er een klacht had ingediend bij de Hamburgse constitutionele rechter omdat hij bij de verkiezingen in 1991 onvoldoende kans op de kandidatenlijst van zijn partij had gekregen. De CDU'er kreeg gelijk van de constitutionele rechter, die nieuwe verkiezingen gelastte. In die nieuwe verkiezingen, die 19 september 1993 werden gehouden en waarin de klager met de door hem opgerichte Statt Partei succes had, werd echter de SPD door de kiezers met zetelverlies 'bestraft'.

Voscherau moest daarna, tegen zijn zin, van de plaatselijke SPD proberen om een coalitie met de Groenen te vormen, wat na twee maanden touwtrekken was mislukt. Nadien slaagde hij er wel in om een meerderheid te vormen met de van de CDU afgesplitste Statt Partei, die nu met twee senatoren (ministers) in de Hamburgse deelstaatregering vertegenwoordigd is.