Succes Gatt-ronde is niet alleen in cijfers te vatten

GENEVE, 15 DEC. Na een slechte wedstrijd telt toch alleen het resultaat. En dat is ook wat de toeschouwer het best onthoudt. Zeven jaar lang hebben de spelers in de Uruguay-ronde met elkaar in de clinch gelegen. Alles leek soms geoorloofd. Beloftes werden gebroken, het plegen van obstructie en het gooien met modder tot kunst verheven.

Toen de handelsministers in 1986 in Punta del Este het startschot gaven voor de Uruguay-ronde was de wereld nog tamelijk overzichtelijk. De economische voorspoed van halverwege de jaren tachtig creëerde het goede klimaat om de zeer ambitieuze doelstellingen te formuleren. Maar de voorspoed verkeerde na enkele jaren in heel wat landen in een deprimerende neergang. En sinds de val van de Berlijnse muur bekenden steeds meer landen zich tot de vrije markt. Na de Latijnsamerikanen klopten ook de Oosteuropeanen aan de poort van de GATT. De Uruguay-ronde werd er nog complexer door.

Toch was de veelheid van onderwerpen paradoxaal genoeg misschien ook een vermomde zegening, want nu viel er voor vrijwel ieder wel wat te halen bij een wereldhandelsakkoord. Ook de consumenten zullen er door de gunstige prijseffecten hun voordeel mee doen. Alleen een aantal voedselimporterende arme landen heeft reden tot klagen.

In Genève klinken dezer dagen vrijwel uitsluitend superlatieven. Niet eerder is zo'n grote stap gezet in de handelsliberalisering. Europees commissaris sir Leon Brittan sprak gisteren van een “mijlpaal in de geschiedenis van de wereldhandel”. De Amerikaanse handelsvertegenwoodiger Mickey Kantor, de andere hoofdrolspeler in de slotfase, zei dat de resultaten van de Uruguay-ronde de ambities nog hebben overtroffen. En menigeen wijst erop dat deze ronde weliswaar lang duurde, maar dat de minder ingewikkelde Tokio-ronde er met zes jaar ook mocht zijn.

De Uruguay-ronde overtreft alle voorgaande handelsrondes wanneer naar de afgesproken verlaging van importtarieven wordt gekeken. Nooit eerder werd tot een afbraak van gemiddeld 40 tot 45 procent besloten. Bovendien zijn de non-tarifaire handelsbeperkingen omgezet in tarieven, wat de doorzichtigheid van de handel vergroot.

Het door niemand betwiste succes laat zich niet alleen in getallen uitdrukken. De nieuwe spelregels voor de internationale handel vormen een raamwerk voor de economische ontwikkeling van de wereld in de 21-ste eeuw. De nieuwe geschillenregeling wordt algemeen beschouwd als de “hoeksteen” van het akkoord. Sommigen menen zelfs dat de basis is gelegd voor een nieuwe economische wereldorde. “De internationale handel wordt niet langer geregeerd door de wet van de jungle”, concludeerde sir Leon Brittan. De omvorming van de GATT tot een multilaterale handelsorganisatie moet hiervan de uitdrukking zijn. De acceptie kan als een belangrijke concessie van de VS worden beschouwd. De Amerikanen hadden een dergelijk concept sinds 1947 categorisch afgewezen. Tekenend is misschien wel dat zelfs de GATT door het uitblijven van Amerikaanse ratificering altijd een voorlopig karakter hield. De Amerikanen kunnen hun 'sectie 301' van de handelswet weliswaar nog inzetten voor vergeldingsmaatregelen, maar dit gevreesde unilaterale wapen is in de ogen van GATT-experts straks een stuk minder scherp.

Hoe belangrijk de afspraken over de landbouw zijn, valt af te leiden uit recente berekeningen van Oeso en Wereldbank. Van de voor de hele wereld verwachte jaarlijkse extra inkomensgroei van minimaal 213 miljard dollar, die het gevolg is van de liberalisering van de goederenhandel, komt niet minder dan 190 miljard dollar voor rekening van de landbouw. De verklaring is eenvoudigweg dat de landbouw de meest beschermde sector in de wereldeconomie is.

In de operette die soms door de Europese Unie en de Verenigde Staten - de twee handelsblokken die door hun grote economische kracht ook deze handelsronde weer domineerden - werd opgevoerd, bleef de rol van directeur-generaal Peter Sutherland van de GATT lange tijd onderbelicht. Toch wordt zijn onderhandelingskunst en tactisch vernuft alom geprezen. Sutherland forceerde in de laatste dagen in multilaterale onderhandelingen een ontwerp-akkoord. Hij zette zo Brittan en Kantor onder zware druk door hen tot een enigszins beklagenswaardig tweetal te degraderen, op wier besluitvaardigheid de hele wereld al zo lang wachtte. Met het door hem bewerkstelligde compromis over de Amerikaanse anti-dumpingwetgeving zorgde Sutherland voor de definitieve doorbraak. De tekst is zodanig geformuleerd dat de Amerikaanse regering hem aan het Congres kan verkopen, terwijl het multilaterale handelssysteem er niet werkelijk door wordt ondermijnd.

Op het vlak van de belangrijke financiële diensten hanteerde Sutherland met succes een beproefde methode door uitstel van besluitvorming te bepleiten, maar tegelijk de mogelijkheid open te houden dat later alsnog afspraken in een wereldhandelsakkoord worden opgenomen. Onder meer de Aziatische landen, onder wie Japan, krijgen tot midden 1995 de tijd hun markt alsnog voor Amerikaanse banken en verzekeraars te openen, waarna hun financiële instellingen ook vrijer in de VS mogen opereren. Mogelijk heeft Sutherland een politieke berekening gemaakt. Over anderhalf jaar heeft de Japanse regering gevoelige politieke hervormingen waarschijnlijk al lang door het parlement geloodst. Zij heeft dan voldoende gezag om de beschermde financiële markt te liberaliseren.

Terwijl de rijke industrielanden het meest van een vrijere handel zullen profiteren, hadden juist hun leiders de grootste moeite met liberalisering van de binnenlandse markt. Tijdens topbijeenkomsten van de G-7 beloofden zij de laatste jaren steeds plechtig dat de Uruguay-ronde spoedig met succes zou worden afgesloten. Maar met vrijmaking van de wereldhandel worden geen verkiezingen gewonnen. De enige die weinig kan worden aangewreven is de Amerikaanse president Clinton, die er immers pas elf maanden zit. Het verklaart misschien mede zijn uitgelaten reactie.

Economische machtsverhoudingen in de wereld blijven uiterst gevoelig. Wrijvingen tussen grote handelsblokken waren de afgelopen periode dan ook zeker geen exclusief Europees-Amerikaanse affaire. Tot troost misschien van de Europese landen lagen de VS en Japan al net zo met elkaar overhoop. Hoe reëel is dan de optie van de VS - die soms de vorm van een dreigement aanneemt - om zich meer te richten op Azië ten koste van Europa? Het verloop van de 'Uruguay-ronde' lijkt vooral een bevestiging van het besef bij iedereen dat alle economieën in de wereld noodzakelijkerwijs met elkaar verbonden zijn.

Des te opvallender was in veler ogen het conflict tussen Europa en de VS over de liberalisering van de handel in audio-visuele produkten. De oceaan tussen beide continenten leek symbolisch voor de culturele kloof die Europa en de VS gescheiden houdt, althans de politieke leiders van beide handelsblokken. Mickey Kantor hekelde gisteren de beperkingen die in Europa gelden voor de vertoning van Amerikaanse films op tv zelfs als strijdig met de democratische rechten van de Europese burgers. Hij kondigde aan dat de VS “altijd daarvoor zullen vechten” en “elk middel zullen gebruiken” om de markten voor audio-visuele produkten open te breken.

Om handelsconflicten zijn ooit echte oorlogen uitgevochten. Naderhand werden economische wapens ingezet. Het wereldhandelsakkoord waarmee de Uruguay-ronde is afgesloten, kan de geschiedenis ingaan als de eerste echte vredesformule.