Portugezen eisen extra bescherming van textiel

BRUSSEL, 15 DEC. Portugal heeft vanochtend harde eisen op tafel gelegd om de belangen van zijn textielindustrie te beschermen. Dat gebeurde in Brussel op de bijeenkomst in Brussel, waar de ministers van buitenlandse zaken en van landbouw uit de 12 lidstaten van de Europese Unie een oordeel te geven over GATT-onderhandelingsresultaat in Genève.

Goedkeuring geschiedt op basis van unanimiteit. Twee onderwerpen staan centraal in de discussies: de Portugese ongerustheid over de afspraken die zijn gemaakt over te textielsector, en de wens van met name Frankrijk om de Europese Unie uit te rusten met scherpere handelswapens.

Portugal heeft de afgelopen dagen een halszaak gemaakt van de bescherming van zijn textielindustrie, waar ongeveer 1 miljoen mensen hun brood verdienen, alsdus Portugese woordvoerders. Afgelopen weekeinde, op de Europese top van regeringsleiders, bestempelde de Portuguse regering de textielsector tot “een vitaal belang”.

Vanochtend liep de discussie over de textiel hoog op. Maar in Brussel wordt er vanuit gegaan dat Portugal alsnog overgehaald kan worden om in te stemmen met de onderhandelingsresultaat waarmee Europees commissaris sir Leon Brittan vanochtend op de extra ministerraad verscheen. Tijdens de afgelopen Europese top zou al zijn gesproken over het geven van extra steun vanuit Brussel om de Portugese textielindustrie te steunen. De afgelopen dagen heeft de Europese Unie grote druk uitgeoefend op met name India en Pakistan om ook hun grenzen ruimer open te stellen voor textiel en kleding. Dergelijke toegevingen worden mede van belang geacht om de instemming van Portugal te verkrijgen.

Het tweede belangrijke onderwerp betreft de ondelinge verdeeldheid binnen de Europese Unie over het gebruik van handelsindustrumenten als anti-dumpingmaatregelen en vrijwaringsmaatregelen tegenover derde landen. Engeland, Duitsland, Nederland en Denemarken hebben zich het afgelopen jaar verzet tegen voorstellen om de Europese Commissie meer macht te geven om vergeldingsmaatregelen te nemen.

Nog niet duidelijk is hoe de discussie zich zal ontwikkelen, nu er een ontwerp van een GATT-akkoord op tafel ligt. Nederland staat wel achter voorstellen om de termijnen te verkorten waarbinnen de Europese Commissie bslist f zal worden ingegaan op klachten van de Europese industrie over oneerlijke handelspraktijken. Op tafel ligt een compromisvoorstel van het Belgische voorzitterschap om beslissingen over het nemen van vergeldingsmaatregelen door een gewone meerderheid binnen de ministerraad te laten nemen. Nu nog kan al een blokkerende minderheid van 3 lidstaten voorstellen tegenhouden van de Europese Commissie om bepaalde landen te 'straffen'.

Behalve over de procedures en de besluitvorming bij anti-dumpingmaatregelen en vrijwaringsmaatregelen moeten de ministers van buitenlandse zaken en handel zich uitspreken over de vraag of de Europese Commissie voortaan over een handelswapen moet beschikken, dat te vergelijken is met 'super 301', de Amerikaanse wet die de Amerikaanse regering in staat stelt om eenzijdig strafmaatregelen te nemen indien Amerikaanse handelsbelangen worden geschaad. Volgens de Amerikaanse handelsafgevaardigde Kantor blijft die bepaling “alive and well”, ook nu er in Geneve handelsafspraken zijn gemaakt over nieuwe regels voor handelsgeschillen.