Optimisme over herstel Duitse economie gloort

BONN, 15 DEC. De Bundesbank, het ministerie van economische zaken in Bonn, de Vereniging van Duitse banken en het Instituut voor de wereldhandel in Kiel zijn voorzichtig optimistisch over het herstel van de Duitse conjunctuur.

De Bundesbank waarschuwt echter dat het dit jaar tot 220 miljard mark stijgend tekort van de overheden (7 procent van het BNP) tot consequenter bezuinigen dwingt en dat de ingezette matiging aan het CAO-front moet worden voortgezet.

In haar jongste maandoverzicht schrijft de centrale bank dat de tekorten van de overheden (rijk, deelstaten, gemeenten), sociale verzekeringsfondsen, het Treuhand-instituut, de post en de spoorwegen in een jaar tijd van 160 miljard (5,25 procent BNP) tot 220 miljard zijn gegroeid. De Duitse overheden alleen nemen daarvan een totaal begrotingstekort van 150 miljard (1992: 110 miljard) voor hun rekening. Ter vergelijking: minister Theo Waigel (CSU, financiën) wil zijn financieringstekort dit jaar op circa 65 miljard en in 1994 op 70 miljard zien te houden, in Nederland beloopt het begrotingstekort in 1993 4,3 procent op een nationaal inkomen van 503 miljard gulden, bij een financieringstekort van 3,75 procent.

De Bundesbank waarschuwt dat de overheidsschulden, die zij in 1994 nog iets ziet groeien, een hypotheek leggen op het beginnende conjuncturele herstel en dat belastingverhogingen dat ook zouden doen. Daarom zijn begrotingsdiscipline en bezuinigen absoluut noodzakelijk. In West-Duitsland moet dat over de hele linie gebeuren, in Oost-Duitsland moeten consumptieve uitgaven worden beperkt, op verbetering van de infrastructuur mag niet worden bezuinigd.

Devaluatie van de D-mark om de Duitse export te helpen wijst de Bundesbank af, zij wijst erop dat de teruggang van de export allereerst te maken heeft met het Duitse kostenpeil, dat omlaag moet, en met recessie-verschijnselen bij Duitslands klanten. Bovendien zou devaluatie alle inspanning om de inflatie onder controle te houden (raming '94: 3 procent) teniet doen en wellicht ook buitenlandse tegenmaatregelen uitlokken. De orderportefeuilles van Duitse exporteurs zijn in oktober en november iets beter gevuld geraakt, maar de investeringen blijven nog op onbevredigend laag niveau. Alsof zij geruchten over een nieuwe renteverlaging, morgen, alvast wil tegenspreken schrijft de centrale bank dat de langlopende rente al heel laag is, de liquiditeiten ruim zijn en dat in monetair opzicht niets een economische opleving in de weg hoeft te staan.

Het ministerie van economische zaken, het Instituut voor wereldeconomie te Kiel en de Vereniging van Duitse banken zijn optimistischer. Zij achten het conjuncturele dieptepunt gepasseerd. De banken houden wel rekening met een verhevigde kapitaalvlucht. Die was in 1992 al 66 miljard mark en in de eerste tien maanden van 1993 alleen al 45 miljard naar Luxemburg en wordt in verband gebracht met afnemend vertrouwen in de D-mark en per 1 januari '93 verscherpte fiscale wetgeving op rentewinst op particuliere banktegoeden boven een (laag) minimumbedrag.