WERKLOZE ACADEMICI

De directeur van de sociale dienst te Leiden, S. Noorman-den Uyl, ergert zich aan het gedrag van werkloze academici (NRC Handelsblad, 30 november). Die vragen een uitkering aan terwijl ze weten dat ze binnen een paar maanden een baan hebben. Volgens Noorman is dit een verspilling van belastinggeld.

Studenten die niet voldoende presteren moeten hun beurs terugbetalen. Naar analogie daarvan zouden, volgens Noorman, academische steuntrekkers hun uitkering moeten terugbetalen. Haar grondgedachte is dat een studiebeurs of uitkering die ten onrechte is verstrekt, van staatswege moet worden teruggevorderd. Dat is verdedigbaar. Studiebeurzen en uitkeringen verschillen in principe niet van salarissen van ambtenaren (behalve in hoogte). Daarom zou het logisch zijn als ambtenaren die onvoldoende presteren ook hun salaris moeten terugbetalen.

Noorman heeft nog een suggestie. Werkloze academici die niet snel een baan vinden moeten genoegen nemen met een baan op een lager niveau. Ook akkoord. Dit betekent alleen dat er even wat banen geschrapt moeten worden voor de allerlaagst opgeleiden, maar dit terzijde. Wat zijn de consequenties van deze suggestie? Als een slecht functionerende overheidsdienaar niet snel genoeg zijn prestaties verbetert, zal de persoon in kwestie gedwongen moeten worden een baan op een lager niveau te accepteren. Voor minder geld natuurlijk.

Helaas belemmeren de bestaande rechtspositiereglementen een structurele sanering van de werkgelegenheid, maar er is hoop. Wanneer de werkende klasse nu eens beoordeeld wordt volgens de maatstaven die Noorman suggereert voor werkloze academici, dan komt het met die werklozen vanzelf wel goed.