Kamer verwerpt plan voor leerling-leraar

DEN HAAG, 14 DEC. De Tweede Kamer keurt het idee af om studenten in het vierde jaar van de lerarenopleidingen op een school te laten werken. Een meederheid van de Kamer vindt dat het laatste jaar van de opleidingen wel praktischer moet worden, maar betwijfelt of een dienstverband met de stageschool de juiste oplossing is. Dat bleek gisteren uit de reactie van de Kamer op het idee van minister Ritzen (onderwijs) om van vierdejaars studenten 'leraren-in-opleiding' te maken.

Vooral CDA en VVD hebben bezwaren. Zij vragen zich af of op de scholen ruimte is voor alle studenten en of het stagejaar niet ten koste gaat van de korte stageplaatsen voor jongerejaars. Bovendien wil de Kamer weten hoe de begeleiding van de leraren-in-opleiding geregeld wordt en of daarop voldoende controle komt. Zij vrezen dat het voorstel leidt tot te veel praktijk en te weinig theorie.

Ritzen, die de Kamer vorige week schriftelijk zijn visie gaf op de leraren-in-opleiding, wil snel met het idee experimenteren. Hij gaf echter toe aan de wens van de Kamer daar mee te wachten en eerst uitvoerig antwoord te geven op alle vragen.

De Kamer sprak gisteren ook over de verbetering van de positie van de leraar. Vooral VVD-woordvoerder Franssen vindt een ingrijpende verbetering van de lerarenopleiding nodig. Hij wil dat de aankomend studenten voor het begin van de studie op geschiktheid worden geselecteerd. Ook drong hij aan op snelle invoering van 'educatieve faculteiten', waarin lerarenopleidingen en pedagogische centra samenwerken. “Die centra zijn tegenwoordig veel baanbrekender dan de opleidingen, die steeds achter de ontwikkelingen in het onderwijs aanhobbelen”, aldus Franssen. Ook Ritzen is voor invoering van zulke centra, maar het CDA is er tegen.