Ellen Vogel krijgt met haar spel zelfs verstokte hoesters stil; Een laconieke moordenares

Voorstelling: Claire obscure van Marguerite Duras. Vertaling: Paul Beers; regie: Mette Bouhuijs; spel: Ellen Vogel, Huib Broos, Henk van Ulsen. Gezien: 13/12 't Spant Bussum. Tournee t/m 27/2.

Pas na vijftig minuten verschijnt ze op het toneel: Claire, de vrouw over wie al die tijd is gepraat in de voorstelling Claire obscure naar het toneelstuk L'amante anglaise van Marguerite Duras. Tegen die tijd ben je langzamerhand razend benieuwd naar haar, maar als ze dan eindelijk voor het voetlicht komt is ze veel gewoner dan gedacht. Niet het type dat een moord zou plegen, zo op het eerste gezicht en toch wordt ze daar van beschuldigd. Sterker, ze heeft zelfs bekend de dader te zijn die men zoekt.

Claire obscure is het tot toneel bewerkte waar gebeurde verhaal van Claire Lannes die in 1949 in het Franse Viorne haar man om het leven bracht (in het toneelstuk is haar doofstomme nicht het slachtoffer). Het lijk werd kort daarna, in stukken gehakt en zonder hoofd, in verschillende treinstellen aangetroffen. Wat de motieven van de vrouw waren is nooit duidelijk geworden.

Toch heeft Duras toen ze het stuk omstreeks 1967 schreef de toeschouwer op een zeker spoor willen zetten, een spoor dat wijst in de richting van echtgenoot Pierre Lannes.

De nu door Mette Bouhuijs geregisseerde voorstelling begint met de ondervraging van Pierre. Hij heeft, in de robuuste gedaante van Huib Broos, plaats genomen op een rechte ongemakkelijke stoel in een leeg wit decor. Tegenover hem zit, heel wat comfortabeler, zijn ondervrager (Henk van Ulsen). Uit het verhoor blijkt dat de man op het moment zelf niets van de moord gemerkt heeft, noch zegt hij een vermoeden te hebben wat de reden van het misdrijf geweest kan zijn.

Hij heeft zich in het algemeen niet erg in zijn vrouw verdiept, krijg je al gauw het idee. Na een huwelijk van 22 jaar heeft hij eigenlijk niets meer met haar te bespreken, het is alsof hij haar als een stuk meubilair is gaan beschouwen. Door de ietwat neerbuigende toon waarmee hij over haar spreekt en zijn zelfingenomen vette lach maakt Huib Broos van de echtgenoot een onaangename man die op de vraag of hij zijn vrouw vaak heeft bedrogen antwoordt, dat iedereen die met haar getrouwd zou zijn haar bedrogen zou hebben.

Na zijn ondervraging is de beurt aan Claire (Ellen Vogel). Met de handen gevouwen in haar schoot wacht ze af. Op de vragen reageert ze bedaard, op het laconieke af en de ondervrager krijgt dan ook moeilijk vat op haar. Nee, ze had geen hekel aan haar nicht en nee, ze weet zelf ook niet wat haar bezielde toen ze haar op een nacht vermoordde. Ze had vroeger eens een grote liefde die ze na haar huwelijk nooit meer heeft gezien en later kreeg ze een tuin waar ze al haar tijd aan schonk - alles bij elkaar had ze eigenlijk niet zo'n ongelukkig leven, zegt ze bedachtzaam.

Hoewel ze tegen het eind even uit haar slof schiet, is Ellen Vogels spel strak en beheerst. Dat geldt ook voor het onberispelijke spel van haar collega's en gezamenlijk leveren ze zodoende een degelijke voorstelling waar weinig op af te dingen valt. Toch is zij van het drietal de enige die met haar onnadrukkelijke toon en precieuze mimiek uiteindelijk zelfs de meest verstokte rochelende hoesters in de zaal stil krijgt.