Toch onderzoek naar mogelijke corruptie bij het CDA in Limburg

DEN HAAG, 13 DEC. Op verzoek van het landelijk partijbestuur van het CDA heeft een commissie onder leiding van senator C.P. van Dijk (CDA) toch besloten mogelijke corruptie bij de afdeling Limburg van de partij nader te onderzoeken. Een woordvoerder van de partij heeft dat vanmorgen bevestigd.

Het onderzoek is gericht op wat partijleden hebben gedaan met geldgiften van het bedrijfsleven aan het CDA. De commissie brengt begin januari rapport uit aan het dagelijks bestuur van de partij.

Van Dijk aarzelde aanvankelijk over het doorlichten van de financiële praktijken van de afdeling Limburg, omdat hij eerst een accountantsonderzoek wilde afwachten naar eventuele giften van bedrijven aan de verkiezingskas van de CDA-afdeling Limburg. Van Dijk meent dat voordat een dergelijk onderzoek wordt ingesteld, er voldoende aanwijzingen moeten zijn dat er wat te onderzoeken valt.

Daar ging het CDA-bestuur mee akkoord. De voorlopige bevindingen van een accountant over de boekhouding van een aantal Limburgse CDA-organisaties waren aanleiding voor nader onderzoek.

Vorige maand stapte het Limburgse Tweede-Kamerlid René van der Linden uit het CDA-bestuur, omdat partijvoorzitter van Velzen zijn naam in verband bracht met de omstreden fondswerving voor het CDA in Limburg. Van Velzen hekelde de rol die Van der Linden zou hebben gespeeld in de fondswerving.

Van Velzen beklemtoonde toen dat er door het CDA-Limburg maatregelen zouden zijn genomen en de banden met het fonds dat de gelden naar de Limburgse afdeling doorsluisde zijn verbroken.

Het Tweede Kamerlid A. Paulis pleitte vorige maand in een uitzending van NOVA voor versoepeling van de regels voor donaties van het bedrijfsleven aan politieke partijen.

Van Dijk leidde bijna tien jaar geleden de parlementaire enquête naar de ondergang van het RSV-concern. In 1986 werd hij minister van binnenlandse zaken in het tweede kabinet Lubbers.