PvdA begint haar korte veldtocht vol zelfvertrouwen

AMSTERDAM, 13 DEC. En zo werd het toch nog een 'goed congres'. Het tweedaagse verkiezingscongres van de Partij van de Arbeid is verlopen, zoals de partijtop wilde dat het zou verlopen: opgewekt en vol zelfvertrouwen. De 'korte veldtocht' kan inderdaad beginnen. Nog deze week trekken prominenten van de PvdA massaal het land in om de fall out van het congres maximaal te laten zijn. De boodschap is kort maar krachtig: de PvdA is terug, nu de kiezer nog. In ruil voor een kiezersmandaat wordt een constructieve regeringspartij aangeboden. Het soepele verloop van het congres dient daarbij als proeve van bekwaamheid.

De opstandigheid van de leden, die zich vrijdag reeds enkele uren na het begin manifesteerde, bleek eenmalig. Het voorgestelde dubbelmandaat van Hedy d'Ancona dat haar zowel een plek in het nationale als het Europees Parlement moest bezorgen was een brug te ver voor het congres. Maar na deze overwinning van de basis op de partijtop keerde de rust terug, om niet meer te verdwijnen. Waarmee het congres zonder meer het congres van partijvoorzitter Rottenberg is geworden. Hij wilde vernieuwing; dit weekeinde heeft hij zijn vernieuwing gekregen.

Het ontwerpverkiezingsprogramma werd op slechts enkele punten na overgenomen. Meer geld voor ontwikkelingssamenwerking, eiste het congres en de passage over de twee bestaande kerncentrales werd aangescherpt. De woorden “zo snel mogelijk sluiten” werden gewijzigd in “onmiddellijk sluiten”. Veel opmerkelijker was echter het gemak waarmee de sociaal-economische paragraaf door het congres heen kon worden geloodst. Stond vroeger de passage over de koppeling tussen lonen en uitkeringen garant voor minstens twee uur discussie, nu was dit onderwerp binnen twee minuten afgedaan. En het gemak waarmee de PvdA-achterban zich uitsprak voor belastingverlaging mag ook opvallend worden genoemd.

Al bij het aantreden van voorzitter Rottenberg, inmiddels ruim anderhalf jaar geleden, was duidelijk dat de kandidatenlijst voor de Tweede Kamer één van de meest gevoelige operaties zou worden. Had hij immers niet al in de aanloop naar zijn voorzitterschap laten weten weinig op te hebben met de huidige Tweede Kamerfractie van de PvdA? Sindsdien is er veel geschreven, veel gespeculeerd en veel gesuggereerd over de op handen zijnde 'slachting' en de repercussies daarvan. Getuige het verloop van de discussie op het congres over de kandidatenlijst, blijkt dit allemaal schromelijk overdreven te zijn geweest. Met niet meer dan twee wijzigingen werd de ontwerplijst tot definitieve lijst verheven. Een betere bevestiging van zijn stevige positie had Rottenberg niet kunnen krijgen.

Intern is orde op zaken gesteld, voor de externe betrekkingen - anders gezegd voor het herstellen van de vertrouwensbreuk met de kiezer - is nu een taak weggelegd voor lijsttrekker Kok. Zijn toespraak tot het congres was daartoe een eerste stap. Weglopen voor het gevoerde beleid deed hij niet, maar wie een mea culpa in zijn woorden wilde horen, kon dat. Ja, er was een “communicatieprobleem” geweest, waarna hij een dringend beroep deed op de teleurgestelden om terug te keren. “Want wij vinden toch allebei, nu het er op aankomt dat de Partij van de Arbeid een hoofdrol moet spelen in de Nederlandse politiek.”

Koks' toespraak was er één van redelijkheid en bezorgdheid. Redelijk waar het ging om de rol van de sociaal-democratie in het huidige tijdsbestek. Na de maakbaarheid van de samenleving in de jaren zestig, via de terugtredende overheid van de jaren tachtig was nu het moment aangebroken van de activerende overheid. Dat hij daar bij uitstek een taak zag weggelegd voor de PvdA, hoeft niet te verbazen.

Bezorgd was Kok over het absorbtievermogen van de westerse samenleving als het gaat om vreemdelingen. Hij had soms het angstige gevoel in dit deel van Europa op een vulkaan te leven waarbij het ook in Nederland af en toe “lelijk rommelt”. En dan sprak hij niet over skinheads, maar “over zomaar oudjes in een fatsoenlijk bejaardenhuis” voor wie grenzen zijn bereikt. De boodschap was ook hier weer duidelijk: dergelijke spanningen mogen niet worden ontkend. Maar om die spanning weg te nemen is meer nodig dan alleen roepen “dat nooit meer” als het gaat over de eigen-volk-eerst ideologie. Kortom, een regering met de PvdA.

De komende weken zal blijken of de vonk van het congres op de weggelopen kiezers is overgesprongen. Het is nu of nooit. Naarmate de verkiezingen naderen, neemt de groep niet-weters toe. Nu al vormen zij met ruim dertig procent de grootste partij. Daaronder bevindt zich nogal wat teleurgesteld PvdA-electoraat. In de campagne-strategie van de PvdA is alles er op gericht allereerst die groep terug te winnen. Is die beweging eenmaal ingezet, dan kan het herstel snel gaan. Althans dat is de hoop van de PvdA. En 'hoop' is een woord dat na het congres van het afgelopen weekeinde bij de PvdA hardop wordt uitgesproken.