Nieuw conflict dreigt in coalitie, dit keer over WW

DEN HAAG, 13 DEC. Een derde conflict over de sociale zekerheid dreigt deze week de verhouding tussen de coalitiepartners CDA en PvdA opnieuw onder druk te zetten. Na de WAO en de bijstand gaat het nu om de WW.

Achter de schermen proberen fractieleider Wöltgens van de PvdA en plaatsvervangend fractievoorzitter Wolters van het CDA te voorkomen dat de regeringspartijen in de beeldvorming opnieuw als kemphanen tegenover elkaar komen te staan in een week waarin bovendien ook het Kamerdebat over de bijstand nog op de agenda staat. Op afstand volgt toekomstig CDA-leider Brinkman de perikelen: hij is op werkbezoek in Israel.

Maar of een nieuwe ruzie te vermijden valt is de vraag. Bij de behandeling van de begroting van het ministerie van sociale zaken en werkgelegenheid zal de CDA-fractie deze week van staatssecretaris Wallage (PvdA) eisen dat hij met concrete maatregelen komt om een tegenvaller bij de WW van ruim 300 miljoen gulden op te vangen; het liefst binnen de WW en anders binnen de sociale zekerheid. Maar tegelijkertijd voelt de PvdA-fractie er niets voor nu te besluiten tot maatregelen die tot lagere of korter durende uitkeringen leiden.

Pikant is dat hetzelfde thema - strengere eisen aan iemand die een WW-uitkering wil krijgen - deze zomer tot een hooglopend conflict in het kabinet leidde, met als apotheose een ongekend boze premier Lubbers. Dat hij deze zomer een slechte vakantie heeft gehad kwam, gaf hij later aan, mede door het WW-conflict. Hoogst geprikkeld verliet Lubbers de laatste vergadering van de ministerraad voor de zomervakantie, en in dezelfde gemoedsstemming zat hij de eerste bijeenkomst van zijn kabinet na het reces voor.

Spoedig daarna smeedden minister De Vries (CDA) en zijn staatssecretaris Wallage een compromis dat de gemoederen tot bedaren bracht. Maar eerder deze maand rees daarbij een groot probleem: de oplossing van de bewindslieden voor sociale zaken blijkt financieel ondeugdelijk.

Pag.3: Ambtenaren verrekenden zich

Van de 347 miljoen gulden die zij met hun strengere WW-regels binnen dachten te halen, blijft slechts een schamel bedrag over. Ambtenaren van sociale zaken blijken verouderde gegevens te hebben gehanteerd om het effect van de maatregelen te meten. Het gaat hierbij om de toegang tot de WW, met 'referte-eisen' aangeduid. Geldt nu de regel dat iemand die werkloos wordt van het afgelopen jaar 26 weken moet hebben gewerkt wil hij voor een WW-uitkering van een half jaar in aanmerking komen, per 1 januari wordt dat 26 van de 39 weken.

Dit was nog het minst omstreden onderdeel van de kabinetsplannen. Dit voorjaar was daartoe al besloten. De problemen rezen deze zomer toen op instigatie van CDA-zijde nog een tweede referte-eis moest worden verzwaard. De werkloze moet van de afgelopen vijf jaar nu ten minste drie jaar (dat wil zeggen: in elk jaar minimaal 52 dagen) hebben gewerkt. Het CDA wilde daar vier van de vijf jaar van maken. De PvdA - met de WAO-perikelen van twee jaar geleden voor eeuwig in het geheugen gegrift - voelde deze zomer weinig voor weer een ingreep in de sociale zekerheid.

Andere maatregelen waren een verscherping van het begrip passende arbeid, waardoor academici straks ook gedwongen zijn direct een baan op HBO-niveau te aanvaarden (nu mogen ze dat een half jaar weigeren). Ook wordt bij de nieuwe WW-regels het verschijnsel aangepakt dat werkgevers hun personeel elk jaar voor 10 of 11 maanden aannemen en hun voor de resterende tijd een beroep op de WW laten doen, zoals bij de omroep, maar ook in de bouw nogal eens voorkomt ('onderbrekingswerkloosheid' geheten). De vakcentrales hebben deze maatregelen van meet af aan bekritiseerd en voor wat betreft de onderbrekingswerkloosheid krijgen ze in elk geval steun van de bouwwerkgevers.

Nu dit pakket lang niet de beoogde 347 miljoen blijkt op te brengen - Wallage heeft zijn ambtenaren de mantel uitgeveegd voor hun gebrekkige rekenwerk - wordt de druk om andere maatregelen in de sociale zekerheid te nemen, groter. De VVD-fractie zal deze week bij monde van Kamerlid R. Linschoten daar zeker op aandringen. Behalve politieke overwegingen - het is voor een oppositiepartij prettig stoken tussen verdeelde regeringsfracties - ligt daaraan ook de noodzaak van lagere collectieve lasten ten grondslag. Hoe minder mensen in de WW, hoe lager de WW-premies die van het brutoloon afgaan. Dus dalen de loonkosten en daarmee de kans dat de werkloosheid nog harder stijgt. De VVD heeft al eens geopperd een referte-eis te formuleren die van de werkloze vergt dat hij 52 van de laatste 52 weken heeft gewerkt.

Maar tegenover dit soort ideeën staat de redenering dat het juist in periode van stijgende werkloosheid niet aangaat strengere eisen te stellen aan iemand die voor een uitkering in aanmerking wil komen. Je klapt geen paraplu dicht als het net gaat regenen, redeneert bijvoorbeeld de vakbeweging.

Premier Lubbers heeft beloofd dat het kabinet spoedig in een brief met oplossingen voor de WW-tegenvaller zal komen. De CDA-fractie is geneigd geen genoegen nemen met schijnoplossingen, waaronder bijvoorbeeld het inboeken van nog te realiseren opbrengsten van fraudebestrijding wordt verstaan. De verleiding is groot voor deze fractie om het jaar verlenging van de WW-uitkering, dat de PvdA bij het kabinetsberaad enkele maanden geleden binnensleepte, dan maar weer ter discussie te stellen. Maar dan stort het broze bouwwerk, het politieke compromis van De Vries en Wallage, eigenlijk in elkaar. Niettemin: de PvdA mag wel eens een nederlaag lijden, klinkt het in de CDA-fractie, omdat de sociaal-democraten de publicitaire slag om de bijstand in hun voordeel lijken te hebben beslecht.

PvdA-fractielieder Wöltgens heeft dit weekeinde laten weten geen verdere ingrepen te willen; wat hem betreft schuift het probleem naar het voorjaar door. Wallage had vandaag, één dag voor de begrotingsbehandeling in de Tweede Kamer, zijn brief nog niet klaar.