Goede imitator toch de mindere van Ajax

PAG.17 BRAVOURE VAN EEN REKENAAR

AMSTERDAM, 13 DEC. De suprematie van Ajax in stadion De Meer lijkt aan slijtage onderhevig. Niet omdat de talentvolle Amsterdamse keurtroep afglijdt naar modaal voetbal. Integendeel. Maar omdat Ajax geïmiteerd wordt, omdat Ajax het voorbeeld is geworden voor steeds meer Nederlandse clubs. Niets is aantrekkelijker om zo te voetballen als Ajax en op die manier het publiek aan zich te binden. Niets is aantrekkelijker om zo kampioen te worden.

Ajax heeft nu ook in punten de leiding in de eredivisie overgenomen van Feyenoord. Het is een ontwikkeling die weinigen verrast. Ajax zet nog nadrukkelijker de toon dan bijvoorbeeld vorig jaar toen de club beschikte over Bergkamp, Jonk en Vink. Het was even wachten voordat de Amsterdammers onder leiding van een geobsedeerde, op zijn eerste grote nationale succes azende trainer Louis van Gaal de koppositie innamen. Maar het kon niet uitblijven.

Feyenoord liep te veel op zijn tenen en had te veel geluk. Elke tegenslag werd door de kampioen - en vooral door zijn trainers - geïncasseerd als een dolksteek in de rug. Niets was onrechtvaardiger. Het fysieke voetbal eiste zijn tol. Gele kaarten en inherente schorsingen van vooral verdedigers gaan op den duur de doorslag geven.

Ajax won met 3-1 van Willem II. Een uitslag die niet verrassend is. Maar wie de enerverende wedstrijd heeft mogen meemaken, moet toegeven dat Ajax over geluk niet te klagen heeft gehad. De Amsterdammers verdienen meestal de schoonheidsprijs, maar steeds vaker blijkt dat die hulde niet toereikend is. Tegenstanders als Willem II verlaten tegenwoordig als de morele winaars De Meer.

Zo stekelig, zo opgewonden als trainer Van Gaal zich na afloop van het duel met Willem II gedroeg, zegt voldoende over de gemoedsgesteldheid die hij gedurende bijna anderhalf uur doormaakte. Een tirade over 's lands scheidsrechters, een overdreven compliment over de suprematie van Ajax in het eerste kwartier en een aanval op de media die zijns insziens de Nederlandse competitie collectief en hardnekkig onderwaarderen. Waar was de bluf en de arrogantie, die Ajax zo sterk maken?

Ajax schoot veel op doel in het eerste kwartier. Van ver en naast, vond Willem II-trainer Reker. Onschuldig, dat was niet gevaarlijk. Na prachtige aanvallen, vond Van Gaal. Dat was nou zo knap, nog geen enkele keer had Ajax in het eerste kwartier zo sterk gespeeld. Hij gaat zichzelf herhalen. Dat is zo ongeloofwaardig aan zijn verklaringen.

Vijf minuten voor rust kopte Van Arum na een fraaie voorzet van Sylla fraai naar een 1-0 voorsprong. Na slecht uitverdedigen van Ajax, na een aarzelend optreden van doelman Van der Sar bij de voorzet. Ajax was kwetsbaar bij de zeer snelle uitvallen van Willem II. Rechtsback (!) Meijs holde voorbij Van den Brom op Van der Sar af, maar stond te schuin voor het doel om te kunnen scoren. George keerde een bal met de hand toen Sylla dreigde door te breken. De grensrechter had al voor buitenspel gevlagd, maar scheidsrechter Van der Ende had nog niet gefloten. Dus was George in overtreding en had hij op z'n minst een gele kaart (waarom niet rood zoals Heus vrijdag bij Roda?) moeten krijgen.

Sylla werd even later teruggefloten omdat hij volgens de grensrechter buitenspel stond. Reker zei: “Ik zat op één lijn met de grensrechter. De grensrechter deed het erom. Het was absoluut geen buitenspel.” Zeven minuten na rust had Sylla 2-0 moeten scoren tekenen. Vrij voor Van der Sar schoot hij precies in de richting waar de Ajax-doelman viel. Gebrek aan killersinstict bij de Tilburger Guineeër of intuïtie van Van der Sar? Ook Van Gaal wist het niet.

Een minuut na de gemiste kans van Sylla, kopte Van Arum bij een corner, enigszins gehinderd door Ronald de Boer in eigen doel: 1-1. Maar Willem II was nog niet uitgevoetbald. Beheerst, gecontroleerd en technisch opvallend vaardig bleef het elftal Ajax tegenmoet treden. Pas na een fraai doelpunt van Litmanen (aannemen met de rug naar het doel, omdraaien en schieten) viel Willem II iets terug.

Opvallend was het aantal overtredingen dat de Ajax-verdedigers maakten. Blind was de opvallende topscorer. Hij schoffelde Sylla een keer op een meedogenloze manier onderuit, maar scheidsrechter Van der Ende gaf niets meer dan een vrije trap voor Willem II. Toen Ronald de Boer na een prachtige beweging 3-1 maakte was de Tilburgse strijd voorbij.

Ajax was de beste, maar ook de gelukkigste. Een kwestie van afdwingen, is de reden die het meest voor de hand ligt. Zover is Willem II nog lang niet. Zo aantrekkelijk zijn voetbal is, zo bedreigend het ook is voor Ajax, het blijft imitatie en dus altijd minder. Afdwingen is ook een kunst. Of toch een kwestie van reputatie.