De keuze van Rusland

TWEE MAANDEN geleden ging Boris Jeltsin er ten langen leste toe over wat wind te zaaien. Via de loop van geweren en tanks veroverde hij de macht in Rusland. Hij voelde zich daartoe gedwongen door een weerbarstig parlement dat zich, uit verzet tegen het beleid van de nieuwe presidentiële elite, eerst in zijn politieke loopgraven had teruggetrokken om zich vervolgens uit te leveren aan verdwaasde avonturiers die oktober 1917 dachten te kunnen herhalen. Op maandag 4 oktober werd deze bonte coalitie uit Ruslands witte parlementshuis gebombardeerd.

Jeltsin zelf ging onvervaard door met zijn zaai-programma. Na dit militaire succes schreef hij onmiddellijk verkiezingen uit: voor een nieuwe grondwet en een nieuwe volksvertegenwoordiging. De ontwerptekst voor de grondwet werd zo aangepast dat het staatshoofd zich in het nieuwe Rusland zou kunnen meten aan de Franse en Amerikaanse presidenten, zij het zonder de last die vooral de laatste volgens de constitutie kan hebben van zijn volksvertegenwoordiging. Jeltsin pikte uit beide systemen wat van zijn gading was, zonder zich te bekommeren om een democratisch beginsel als de scheiding der machten. De verkiezingen voor de Federale Vergadering (bestaande uit een Federatieraad en een Staatsdoema) werden voorbereid tegelijkertijd met de formatie van de partij De keuze van Rusland, die onder leiding van de in 1992 gesjeesde hervormingspremier Jegor Gajdar wel degelijk door moest gaan voor de nieuwe presidentiële formatie.

WAT IS HET RESULTAAT van deze in oktober getoonde daadkracht? Jeltsin kan vandaag storm oogsten. De president mag toen dan wel de 'duivelse inquisitie' van parlementsvoorzitter Roeslan Chasboelatov en zijn eigen vice-president Aleksandr Roetskoj hebben geliquideerd, hij heeft er de populistische hypernationalist Vladimir Zjirinovski voor teruggekregen. De partij van Gajdar lijkt volgens de voorlopige uitslagen niet eens de eerste plaats te hebben veroverd. Er is maar één conclusie mogelijk. Het volk van Rusland heeft genoeg van het hervormingsbeleid van Jeltsin en wendt zich desnoods tot een fascistoïde politicus die, anders dan de president, niet ontkent dat hij drinkt en die juist pleit voor gratis vodka alsmede voor de herovering van Alaska en Finland.

Met andere woorden, het nieuwe parlement, dat kon worden gekozen onder maatschappelijke verhoudingen die Jeltsin in alle opzichten in de kaart leken te spelen (de televisie onder controle en de president zelf omgeven met het aureool van de leider), ziet er voor de democratische hervormers nog slechter uit dan het vorige. De ultranationalisten, conservatieven en communisten blijken zich met terugwerkende kracht allerminst te hoeven schamen voor hun rol het afgelopen jaar. Ziedaar de eerste, uit verschillende politieke partijen samengestelde, volksvertegenwoordiging sinds 1918. En Jeltsin had het kunnen weten: hij was ervoor gewaarschuwd, allang voordat hij in oktober het leger inzette.

De gevolgen laten zich raden. Er is in Rusland gisteren niets beslist. Er is een meerderheid zichtbaar geworden tegen de shocktherapie waaraan Jeltsin zijn naam heeft verbonden. De partij van Gajdar en de verwante reformistische groeperingen lopen het risico binnen afzienbare tijd aan onderlinge strijd ten onder te gaan, een perspectief dat eens te meer in het verschiet ligt omdat Jeltsin zelf tot nu toe als 'leider' van alle Russen heeft geweigerd zich politiek te committeren en gisteren bij monde van zijn woordvoerder al beminnelijke woorden over Zjirinovski liet horen. Anderzijds is er ook geen heldere oppositie voorhanden nu een rapalje-politicus haar met zijn 'Verelendungstheorie' kan gaan domineren.

JELTSIN ZAL NU wellicht wederom kiezen voor een vlucht naar voren. De nieuwe grondwet is daarbij zijn wapen. De constitutie is vandaag van kracht geworden tegen de tot voor kort in Rusland vigerende wet in die voorschreef dat een meerderheid van alle kiesgerechtigden zich vóór de grondwet moest uitspreken alvorens zij rechtsgeldig zou worden. Dat is nu bij lange na niet het geval. De grondwet verschaft Jeltsin verder bevoegdheden waarvan zijn democratisch gekozen collega's in de wereld nog niet eens zouden durven dromen, en ze biedt het staatshoofd allerhande mogelijkheden om de macht alsnog aan zich te trekken. Zijn medestanders lieten daarover voor de verkiezingen al geen misverstand bestaan: de parlementsverkiezingen waren eigenlijk onbeduidend, het ging allemaal om het constitutionele plebisciet, aldus Gajdar en de zijnen terwijl ze nota bene stemmen aan het werven waren voor zichzelf.

Deze houding rechtvaardigt nu dan ook enige scepsis over de uitslag van het referendum. De vijftig procent opkomst moest en zou worden gehaald, omdat anders alles tevergeefs zou zijn geweest. Geheel op eigen gezag kan Jeltsin daarom op grond van een niet massaal ondersteunde grondwet de hervormingen doordrukken die de apathische bevolking gisteren juist heeft afgewezen.

MET DEMOCRATISERING van een post-communistische samenleving heeft dat alles uiteraard niets te maken. Maar dat is een probleem voor het Westen, dat zich in de armen van Jeltsin heeft gestort. Het is niet Ruslands eerste zorg.

Het probleem voor Rusland is van andere aard. Want zelfs binnen de macchiavellistische kaders van de Russische politieke cultuur ziet Jeltsin zich vandaag geconfronteerd met een grens. Al een jaar lang heeft hij eraan gewerkt om een Charles de Gaulle te worden, zo'n autoritaire leider die het beste met het volk voor heeft en de basis legt voor een nieuwe maatschappelijke structuur. Dat nu is Jeltsin niet gelukt. Was hij een De Gaulle geweest, dan had hij gisteren een klinkende overwinning geboekt. Nu zal hij verder moeten doormodderen op de 'eigen Russische weg' die de burgers steeds minder vertrouwen inboezemt.

President Jeltsin heeft niet alleen gefaald als democraat maar ook gefaald als redder van het moederland. Dat laatste zal hem in Rusland kwalijker worden genomen dan het eerste.