Arafats reislust wekt nu irritatie bij Palestijnen

Vanochtend en vanmiddag Nederland, dan door naar het Europese Parlement in Straatsburg. Morgen en overmorgen Groot-Brittannië en dan naar Ierland: PLO-leider Yasser Arafat is altijd een wereldreiziger geweest, maar sinds de ondertekening van het autonomie-akkoord met Israel heeft hij er nog een ruime schep bovenop gedaan.

Eind vorige maand bij voorbeeld bezocht hij Griekenland, vervolgens reisde hij de Noordse landen langs - achtereenvolgens Noorwegen, Zweden, Finland en Denemarken. Op 3 december ging hij naar Gabon, 5 december was hij in Jordanië, waar hij de Amerikaanse minister van buitenlandse zaken Warren Christopher sprak. Op 7 en 8 december bracht hij zijn eerste officiële bezoek aan Duitsland. Vandaaruit reisde hij door naar het Spaanse Granada, waar hij in het kader van een UNESCO-conferentie de Israelische minister van buitenlandse zaken, Shimon Peres, sprak. Gisteren was hij in de Egyptische hoofdstad Kairo voor een vergeefse poging samen met de Israelische premier Yitzhak Rabin de hindernissen op weg naar tenuitvoerlegging van het autonomie-akkoord te slechten.

Arafats reizen vormen zijn handelsmerk: door van hoofdstad naar hoofdstad te hoppen en waar hij maar kon zijn bemiddeling aan te bieden heeft hij zich gaandeweg het imago van internationaal staatsman verworven. Maar ergens onderweg heeft hij in de afgelopen weken een kritische grens overschreden. Zijn voortdurende afwezigheid op zijn hoofdkwartier in Tunis wekt nu irritatie. De achterban heeft niet meer voldoende aan een foto van Arafat naast president Mitterrand (eind oktober) of bondskanselier Helmut Kohl. Hij wil geen buitenlandse publicitaire succes meer, maar concrete uitwerking van het autonomie-akkoord.

Zowel Israel als de PLO had de afgelopen zomer het onderlinge vergelijk hard nodig. De bezetting ondermijnde de Israelische maatschappij, economisch en moreel. Daar kwam bij dat iedereen schoon genoeg kreeg van het uit de Gazastrook voortkomende geweld. De PLO op haar beurt, van haar traditionele bondgenoten beroofd door het einde van de Koude Oorlog en haar pro-Iraakse opstelling in de Golfcrisis, dreigde langzaam ineen te zakken in onderlinge onenigheid en financiële chaos. Het akkoord met Israel zou nieuwe, Westerse geldschieters betekenen ter vervanging van de sinds de Golfcrisis kwade Golf-Arabieren en een beëindiging van de uittocht naar de moslim-fundamentalistische tegenhanger Hamas.

Na de eerste euforie aan beide zijden volgde, onafwendbaar, de desillusie, vooral aan Palestijnse zijde. Economische verbetering vergt immers tijd. Gevaarlijk wordt het wanneer er verder ook weinig verandert, wanneer er weinig tekenen zijn dat er andere tijden zijn aangebroken.

Arafat heeft op zijn reis door de wereld veel bemoedigende woorden gehoord, en veel beloften gekregen van toekomstige medewerking. Maar er zijn nauwelijks aankondigingen gekomen van versnelde investeringen: niet alleen onder de Palestijnen zelf maar ook in het buitenland bestaat er twijfel over Arafats autocratische stijl van leiderschap en eist men garanties dat donaties op de juiste plaats terechtkomen. Belangrijker nog is dat hij er niet in is geslaagd van de Israeliërs de daden los te krijgen waarnaar de Palestijnse bevolking uitzag. De Palestijnse gevangenen blijven in overgrote meerderheid gevangen. Het Israelische leger blijft zoeken naar Palestijnse activisten. Bovendien blijft het PLO-geld op; er is niet eens voldoende om de nieuwe Palestijnse politie, die het Israelische leger moet vervangen, te betalen. Het enige verschil is een verslechtering: extremisten aan beide zijden die het akkoord willen torpederen, intensiveren dagelijks hun terreur.

Onder die omstandigheden is het besluit van Rabin en Arafat van gisteren om het begin van de Israelische terugtrekking uit de Gazastrook en Jericho (ten minste) tien dagen uit te stellen, een gevaarlijke ontwikkeling. De extremisten hebben extra tijd gekregen om die zware klap uit te delen die tot verder uitstel van de Israelische terugtrekking kan leiden. De Palestijnse bevolking op haar beurt keert zich steeds verder van haar leiders af. “Geen bijdrage voor de geloofwaardigheid van de vrede”, zei gisteren de Palestijnse delegatieleider in Washington, Haidar Abdel-Shafi. Tekenend was dat moslim-fundamentalistische leiders het uitstel verwelkomden.

Arafat heeft vaak voor crises gestaan. Maar niet eerder heeft hij zoveel verschillende tegenstanders tegelijk gehad. Op dit moment heeft hij, behalve in het (niet-Arabische) buitenland, weinig vrienden over. Hij heeft zijn traditionele vijanden, voorop de Syrische president Hafez al-Assad, die nog eens extra geprikkeld is omdat hij niet was ingelicht over het Israelisch-Palestijnse vergelijk. Hij heeft de Arabische Golflanden, die hem zijn steun aan Irak nog altijd niet willen vergeven en hem financieel blijven boycotten, akkoord of geen akkoord. Hij heeft de radicale Palestijnse groepen, van extreem-links tot moslim-extremistisch, die elk vergelijk met Israel afwijzen en Arafat liever vandaag dan morgen dood willen zien. “Arafat is een verrader en hij zal hetzelfde lot ondergaan als (wijlen) de Egyptische president Anwar Sadat”, aldus Ahmed Jibril, de leider van het Volksfront voor de Bevrijding van Palestina - algemeen commando. Jibril spreekt van een “militante, revolutionaire fatwa van onze massa's”. Dan zijn er de honderdduizenden Palestijnse vluchtelingen (uit 1948) in de Arabische wereld die met dit akkoord elke illusie is ontnomen dat ze ooit nog naar hun oorspronkelijke gebied kunnen terugkeren.

De laatste maanden hebben ook zijn oude vrienden zich van hem afgekeerd of onder zijn critici geschaard, omdat hij niet wil delegeren, huns inziens verkeerde mensen op gevoelige functies benoemt en tegelijk te weinig aandacht besteedt aan de concrete voorbereiding van de autonomie. “In het verleden luisterde en argumenteerde hij, maar nu luistert hij niet eens meer”, klaagde een PLO-functionaris. Er komt alleen een nieuwe Arabische dictatuur bij, vrezen veel vooraanstaande Palestijnen, die dan ook veel aandacht besteden aan de oprichting van een nieuwe organisatie voor de rechten van de mens.

En dan is er de bevolking in bezet gebied, die de moed verliest. Onder die omstandigheden kwam vanochtend een stralende Arafat in Nederland aan.