Jo van Marle; Scheidende voorzitter man van het midden

Niet lang geleden heeft Jo van Marle, die als voorzitter van de KNVB vandaag terugtreedt, gezegd dat een goedverlopen vergadering hem meer vreugde bezorgde dan een overwinning van het Nederlands elftal. Dat tekent wellicht de 'vergadertijger' Van Marle - hoewel het woord 'tijger' nu niet exact bij zijn rustige, bijna verlegen persoonlijkheid past. Uit zijn opmerking blijkt in elk geval duidelijk dat hij een bestuurder was en aan bestuurlijk overleg en discussie grote waarde hechtte. Niet elke voorzitter van de KNVB kan in die categorie worden ingedeeld, maar wel de meesten. Karel Lotsy, die van het sprankelende woord uit eigen mond hield, maar minder van het weerwoord van een opponent, was een uitzondering. Al is het misschien frappant dat hij de populairste voorzitter is geweest welke de KNVB ooit heeft gehad. Hij werd dan ook destijds door de spelers van het Nederlands elftal op de schouders van het veld gedragen - een situatie waarin noch zijn voorgangers noch zijn opvolgers ooit hebben verkeerd. Overigens heeft Van Marle wel degelijk op redelijk niveau gevoetbald, in ZAC, want hij was en is een Zwollenaar.

Van Marle is dertien jaar bondsvoorzitter geweest. Hij nam eind 1980 de hamer over van Wim Meuleman, die een moeilijke entree maakte, omdat zijn aantreden samenviel met het overlijden van Lo Brunt, de secretaris-penningmeester op wiens steun Meuleman nog gaarne een tijd zou hebben willen rekenen. Ook al omdat de profsectie in de KNVB voortdurend machtiger was geworden was er voor de algemeen voorzitter voornamelijk op neutraliteit gerichte bemiddelingsfunctie beschikbaar. In die rol moet Van Marle zich redelijk op zijn gemak hebben gevoeld. Hij toonde zich een bedachtzaam man, niet gauw geneigd om voorkeuren uit te spreken of extreme standpunten in te nemen. Eigenlijk heeft hij dat slechts eenmaal gedaan, namelijk in 1985 toen de tv-maatschappij Filmnet een contract wilde afsluiten met het betaalde voetbal waardoor zij het recht zou krijgen Nederlandse competitiewedstrijden live uit te zenden. Vooral omdat dat zondagmiddagwedstrijden betrof vreesde het amateurvoetbal grote financiële schade door verminderd wedstrijdenbezoek. Maar Van Marle was van mening, dat men de profclubs dit appeltje voor de dorst niet mocht ontzeggen.

Het kostte de Zwollenaar bijna zijn voorzitterschap. Met een stem meerderheid mocht hij zijn functie blijven uitoefenen. Deze ene miskleun mag overigens geen reden zijn om hem een falende president te noemen. In het algemeen toonde hij zich een toegewijd en behendig manoeuvreerder. Een man van overleg en concensus. Ook de Europese Voetbalunie besefte dit en trok hem als penningmeester aan. Verdienstelijk waren ook de pogingen van de vertrekkende praeses om, samen met de Belgen ons land de organisatie van een Europees kampioenschap te bezorgen. Op zijn rustige, vertrouwenwekkende manier van onderhandelen schijnt Van Marle de internationale familie van officials zo ver te hebben gekregen dat hij in het jaar 2000 Nederland mede-gastheer mag zijn. Zijn opvolger wordt Jeu Sprengers, een joviale Limburger, die bekend staat om zijn extraverte optreden, opgesierd met vleugjes humor. Hopelijk helpt die eigenschap hem de problemen de baas te blijven. Want de profs willen steeds meer zeggenschap en de bemiddelende rol van de algemeen voorzitter wordt daardoor steeds lastiger. Van Marle kwam uit het amateurvoetbal, terwijl Sprenger voorzitter van VVV is geweest. Ook daar ligt een verschil.