Toneel in Londen; Engelen en fabrieksmeisjes

In Londen brunch je in de Ritz, roei je op de Serpentine en kijk je lichtjes op Piccadilly Circus. Maar bovenal bezoek je in Londen het theater. In een maandelijkse selectie van toneelvoorstellingen ditmaal Bartlett, Kushner en Dahl, voor kinderen.

Reserveren: National Theatre 09-719282252; Aldwych Theatre 09-718366404; Royal Court Theatre 09-717301745; Albery Theatre 09-718671115; Wyndham's Theatre 09-718671116; Garrick Theatre 09-714945085; The Pit (Barbican Theatre) 09-716388891

Fiona Shaw heeft vorige week de Evening Standardprijs gekregen voor de beste actrice van het jaar. Wie haar twee weken geleden op BBC-2 heeft kunnen zien als Hedda Gabler zal zich de ingehouden kracht kunnen voorstellen die zij geeft aan haar bekroonde hoofdrol in Machinal van de Amerikaanse Sophie Treadwell, geschreven in 1928. Harde metalen decorelementen omringen haar in een drukkende regie van Stephen Daldry die begrijpelijk maakt dat zij als naamloze Young woman in een gemechaniseerde stad zo overbelast raakt dat zij haar goedwillende, zelfvoldane echtgenoot vermoordt. De produktie wordt gezien als een van de beste van het National Theatre in de afgelopen jaren, al wordt er tegen ingebracht dat de jonge vrouw niet 'sympathiek' doet. Die vraag kan aan de discussie over het stuk zelf toegevoegd worden, wanneer de toeschouwer zich bevrijd heeft uit de beklemming van de opvoering.

Er is een eerdere regie van Stephen Daldry in Londen te zien, uit het National Theatre overgebracht naar de Aldwych: van J.B. Priestleys An Inspector Calls uit 1945. Van het stuk - met zijn brandende sociaal gevoel over de zelfmoord van een fabrieksmeisje en de schuld van de leden van een fabrikantengezin - maakte Daldry een klassiek werk; met donkere noordengelse luchten en een huis dat scheefzakt op zijn grondvesten.

Het National Theatre biedt ook de nieuwste Amerikaanse bijdrage aan het Engelse toneel: het tweede deel van Tony Kushners Angels in America, dat Perestroika heet. Het is enige malen op één dag opgevoerd samen met zijn voorafgaande deel, maar het kan op zichzelf staan. Als de toeschouwer zich overgeeft aan de liefde, wanhoop en humor van homoseksuelen geteisterd door aids en politieke valsheid, dan is de opvoering meeslepend. Zelfs met een engel - ongemakkelijk hangend aan een staaldraad - die een de actualiteit overstijgende visie verwoort. Wie afstandelijk blijft en nauwlettend luistert naar de dialogen, vindt van alles aan te merken, zonder de liefhebbers van hun stuk te brengen.

Het homoseksuele leven doet zich minder stormachtig voor in Neil Bartletts Night after Night, een kleine musical voor het Royal Court Theatre. Uitgaande van de tegenstelling tussen de gebruikelijke hetero-stemming van musicals en de homo-voorkeur van veel deelnemende jongens heeft Bartlett een elegante, niets verbloemende komedie gemaakt. Hijzelf vervult de eerste hoofdrol en benut effectief het persoonlijke gegeven dat hij sprekend op zijn vader lijkt, met snor en al.

Veel nieuws komt er zoals gewoonlijk in deze tijd van het jaar niet op het toneel nu een aantal theaters in beslag genomen worden door kindervoorstellingen (The Wind in the Willows ongeregeld in het National Theatre; The BFG [big friendly giant] van Roald Dahl dagelijks in de Albery).

Wel blijft in Wyndham's Theatre Diana Rigg haar helderziende vertolking geven van Euripides' Medea; en in het Garrick Theatre doet Steven Berkoff in zijn eentje het publiek versteld staan vooral met een schets waarin hij zowel de baas van een hond als de hond zelf speelt.

Verder is er nog een andere Amerikaanse aanwinst dan Perestroika: Mischa's Party van Richard Nelson en Alexander Gelman, over een Amerikaan in Moskou die een feestje geeft voor zijn zestigste verjaardag in augustus 1991 wanneer de stad in opschudding verkeert omdat Gorbatsjov net ontvoerd is. Het stuk wordt opgevoerd in de Pit, het studiotheater van de Royal Shakespeare Company waar het publiek vlak om de acteurs heen zit; Londen en Moskou en Amerika komen alle drie dichtbij.