J. Bernlef krijgt voor poëzie P.C. Hooftprijs

PAG.6 POEZIE IS HET HART VAN ZIJN SCHRIJVERSCHAP

AMSTERDAM, 9 DEC. De schrijver en dichter J. Bernlef (1937) krijgt voor zijn poëzie de P.C. Hooftprijs voor Letterkunde. De jury prijst Bernlef om zijn “rijk, vernieuwend, geanimeerd, nieuwsgierig en beweeglijk dichterschap”. Aan de prijs, die in mei wordt uitgereikt, is een bedrag van 75.000 gulden verbonden.

J. Bernlef (pseudoniem van H.J. Marsman) is vooral bekend als prozaschrijver. In 1988 kreeg hij de AKO-literatuurprijs voor zijn roman Publiek Geheim. Zijn roman Hersenschimmen werd met zo'n 400.000 verkochte exemplaren een bestseller.

Hij debuteerde echter als dichter - met de bundel Kokkels (1960). Sindsdien schrijft hij behalve poëzie ook romans, verhalen, toneelstukken en essays. Zijn laatst verschenen dichtbundel is Niemand wint (1992). Hij was redacteur van de literaire tijdschriften Barbarber en Raster. Hij vertaalde buitenlandse dichters als Gustafsson en Tranströmer in het Nederlands.

De jury van de P.C.Hooftprijs noemt Bernlef een “chroniqueur van belangrijke ontwikkelingen in de Nederlandse poëzie”. Toch bleef hij herkenbaar in zijn “persoonlijke, essayistische poëzie, koel en emotioneel tegelijk.” In de jury zaten dit jaar de hoogleraar Neerlandistiek J.F. van Halsema, de dichteres Anna Enquist, poëzie-critici Guus Middag en Rob Schouten en de essayist Jan van der Vegt.

In een eerste reactie zei Bernlef gisteren verrast en vereerd te zijn door de toekenning van de prijs. Vorig jaar kreeg Gerrit Komrij de prijs voor zijn essays en columns. De prijs gaat volgens de reglementen elk jaar naar een ander genre. Volgend jaar is proza weer aan de beurt.

Uit de bundel Niemand wint (1992):

Op tijd

Laten wij dankbaar zijn dat ons brein dit zo vertraagtdat wij kunnen ontbijten in het hart van een orkaandat ik je haren strelen kan zonder onder stroom te staandat kinderen zo langzaam jarig ouders steeds sneller maar toch nog steeds bestaanKonden we werkelijk zien het zou ons op slag vergaan.