Huppetee tsjing-boem, hoempa in de gloria

Concert: Kon. Concertgebouworkest o.l.v. Mariss Jansons m.m.v. Bella Davidovitsj, piano. Programma: L. van Beethoven: Ouverture Leonore; E. Grieg: Pianoconcert; R. Wagner: delen uit opera's. Gehoord: 8/12 Concertgebouw Amsterdam. Herhaling: 9/12 Amsterdam; 11/12 Venlo. Radio-uitz.: 15/12 Avro Radio 4.

Het Concertgebouworkest gaf gisteravond weer eens een ouderwets populair klassiek concert met uitsluitend hartewensen van het publiek en van dirigent Mariss Jansons. Als het programma al een thema had, dan was het 'variaties op maestoso'. In Beethovens ouverture Leonore, waarmee werd begonnen, is dat majesteitelijke, plechtige en vrolijke nog beperkt tot het humane trompetsignaal, dat in de opera Fidelio de bevrijding van de gevangenen inluidt. In Wagners ouverture Rienzi, die het concert afsloot, was het koper uitgegroeid tot een luidruchtige fanfare temidden van de rest van het orkest: huppetee tsjing-boem, hoempa in de gloria.

Mariss Jansons is een uitstekend dirigent en weet nuances aan te brengen. Maar hij gaat daarbij lang niet zover als bij voorbeeld Pierre Boulez, die muziek reproduceert als de hoorbare weergave van een glashelder geanalyseerde partituur. Jansons heeft geen obsessie met pure gladde perfectie, hij streeft naar een maximaal bruisend effect. Daarbij mag het in de fortissimi onstuimig daveren, zoals ook gebeurde in andere geliefde stukjes Wagner: voorspel en slotscène uit Tristan und Isolde, de Walkürenritt en de treurmuziek uit Götterdämmerung die na de pauze een grand dessert vormden.

De goede smaak wordt echter door Jansons niet uit het oog verloren en de soliste Bella Davidovitsj had in Griegs Pianoconcert diezelfde instelling. De klavierleeuwin kon imposant uithalen, maar zich ook indrukwekkend inhouden in poëtischer passages die echter nooit in zwijmeligheid vervielen. Net als bij Jansons behoudt bij haar gevoelige muziek toch substantie en blijft het klinkende en klare muziek.