Danielle Mitterrand: paspoort tegen racisme

AMSTERDAM, 8 DEC. “Wie is het? Een bekende Nederlander?” Voetgangers op de Albert Cuypmarkt die hun weg gistermiddag versperd zien door een kluwen van journalisten, fotografen, wijkbestuurders en bodyguards, proberen over de hoofden heen de aanleiding van al die aandacht te zien. Een Surinaamse jongen zucht geërgerd over het oponthoud, niet geinteresseerd in de identiteit van de bezoeker. “ Als mijn vrouw in zo'n bontjas loopt mag het niet,” moppert een marktkoopman. De Franse presidentsvrouw Danielle Mitterrand brengt een werkbezoek aan de Amsterdamse multiculturele wijk de Pijp om in Nederland haar Europees Paspoort tegen Racisme te presenteren.

De Franse stichting Danielle Mitterrand brengt het paspoort uit in twaalf Europese landen in samenwerking met lokale actiegroepen zoals de Stichting Nederland Bekent Kleur. Het bevat een intentieverklaring tegen discriminatie, adressen voor hulp bij discriminatie en aanwijzingen voor getuigen van racisme.

Mitterrand schudde de verbaasde eigenaren van twee Turkse winkels de hand. “Ik ben slager, en ik woon hier al twintig jaar,” vertelde de een in moeiteloos Frans, terwijl de ander vriendelijk meeknikte. Bij de Volendammer visboer prikte ze een stukje van een haring waarna Monique Hodes van het wijkcentrum zich er verder over ontfermde.

Toelichting op het initiatief kwam in hotel Krasnapolski. Mevrouw Mitterrand, tenger, onopgesmukt maar chic in een grijs mantelpakje, met een onvermoeibaar charmante glimlach, werd vergezeld door vice-premier Kok, de Franse ambassadeur, en een gezelschap van zakenlieden. De Franse delegatie maakte een beleefd praatje met de uitheems ogende koffiejuffrouw. In de zaal waren in pak gestoken vertegenwoordigers van migrantenorganisaties en jongens met punkhaar en zelfgebreide truien van de anti-racismebeweging verzameld.

Niet de overheid, maar de burgers moeten initiatieven nemen tegen rechts extremisme, in het verenigd Europa van de burger, zei Danielle Mitterrand. Ze noemde het paspoort daarvan een voorbeeld. “Iedereen kan daarmee voor zichzelf zeggen: in elk geval zal 'ik niet racistisch zijn', en anderen wijzen op bewust of onbewust discriminerend gedrag”, aldus de presidentsvrouw.