Bombrieven verontrusten vooral politici

WENEN, 8 DEC. Oostenrijk is geschokt door de bombrieven die sinds afgelopen vrijdag op tien adressen zijn aangekomen. Dit geldt tenminste voor politiek en overheid. Politici van alle windstreken hebben de bombrieventerreur veroordeeld en de leider van de rechts-populistische Freiheitliche Partei, Jörg Haider, heeft zelfs de beloning van tegen de 300.000 gulden voor een tip die tot arrestatie van de dader(s) leidt verdubbeld. Gisterochtend werd in alle openbare instellingen en door het openbare vervoer om elf uur een minuut stilte in acht genomen als demonstratie van afschuw over de bombrieven, waarvan er in totaal nu vier zijn ontploft.

De emoties van de bevolking zijn moeilijker te peilen. Enige tienduizenden Weners zetten gisteren hun naam onder een protest tegen het geweld. Maar voor een demonstratie gisteravond bij de Stephansdom kwamen maar vijfhonderd mensen opdagen.

Vier mensen, onder wie de burgemeester van Wenen, Helmut Zilk, zijn bij de bombriefaanslagen min of meer ernstig gewond geraakt. Zilk, die door bloedverlies een tijd lang in levensgevaar verkeerde, zal twee vingers van zijn linkerhand moeten missen. Zes explosieve brieven konden op tijd onschadelijk worden gemaakt. Zij waren onder andere gericht aan voorzitter Schüller van de organisatie Caritas die zich zeer voor buitenlanders inzet, aan twee parlementsleden van de Groene Partij en de minister voor vrouwenzaken. In de niet ontplofte brieven werd de tekst gevonden 'Wir wehren uns! Schöne Grüsse von Graf Ernst Rüdiger von Starhemberg'. Starhemberg was de commandant van Wenen, die in 1683 de omsingelde stad met succes verdedigde tegen de Turken.

Ondanks deze aanwijzingen wil de politie in Wenen nog niet zeggen uit welke hoek zij denkt dat de bombrieven zijn gekomen. Alle tien geadresseerden zijn op de een of andere manier betrokken bij hulp aan buitenlanders en het ligt dus voor de hand de terrorist of terroristen te zoeken in ultra-rechtse milieus, die nu al sinds jaren ageren tegen het grote aantal gastarbeiders, vluchtelingen en asielzoekers in Oostenrijk. Maar zekerheid is er niet en de politie is nog druk bezig de vijfhonderd tips die uit de bevolking zijn gekomen na te trekken.

Maar ook als mocht blijken dat één gestoorde, technisch hoog begaafde figuur (de bombrieven waren zeer vernuftig in elkaar geknutseld volgens een unieke, nog in geen enkel land eerder vertoonde methode) de afzender van de explosieve post was, dan nog kan de terreuractie niet los worden gezien van de toenemende gewelddadigheid tegen de aanwezigheid van buitenlanders die in Oostenrijk waar te nemen valt. Gisteren publiceerde het ministerie van binnenlandse zaken in Wenen juist een overzicht van aanslagen die de laatste tijd zijn gepleegd op woningen, bezittingen en het leven van niet-Oostenrijkers. Hoewel er veel minder op dit gebied gebeurd is dan in Duitsland en ook de schade zeer beperkt is gebleven, is er wel sprake van een sterke toename van het aantal gewelddaden tegen buitenlanders.

In rechts-extremististische kringen wordt bovendien een steeds gewelddadiger toon aangeslagen tegen de Weense politici die het land zouden verkwanselen aan joden en immigranten. In een drie weken geleden verschenen baksteendik 'Handbuch des Österreichischen Rechtsextremismus', uitgegeven door de stichting Dokumentationsarchiv des Österreichischen Widerstandes, is na te lezen wat er zo omgaat in deze hoek. Een van de meest opvallende organisaties is de Ausländer-Halt-Bewegung van de als neo-nazi in Oostenrijk al veroordeelde en daarom naar Spanje gevluchte Gerd Honsik. In het in Wenen verschijnende blad Halt, waarin veel reclame wordt gemaakt voor Honsiks boek 'Freispruch für Hitler', is het schelden op en bedreigen van Oostenrijkse politici normale kost. De sociaal-democratische minister van binnenlandse zaken, Löschnak, moet bijvoorbeeld, volgens Halt, levenslang in het tuchthuis worden opgesloten samen met zijn “medeplichtigen uit regering, bedrijfsleven, pers, vrijmetselarij, Hoge Raad, radio, televisie en kerk, omdat hij tegen de wil van het volk en onder valse voorwendselen het land aan buitenlanders prijsgeeft”.

In verband met de serie bombrieven valt op dat burgemeester Zilk in het blad als 'Demokratiefeind Nr 1' werd gepresenteerd in een artikel met foto, waarin zijn arrestatie werd geëist wegens het “uitwissen van onze nationale en raciale identiteit”. President Schüller van de rooms-katholieke Caritas werd in een ander stuk (ook met foto) toegewenst samen met zijn bisschoppen in de hel te smoren tot de dag van het Laatste Oordeel. Zilk en Schüller kregen allebei dezer dagen bombrieven. Graf Starhemberg is in de ogen van de scheldende en tierende auteurs van Halt de man die Oostenrijk gespaard heeft voor de intocht van de islamitische monsters die tot de poorten van Wenen waren doorgedrongen.

Het handboek van het rechts-extremisme besteedt ook uitvoerig aandacht aan de connecties tussen de Freiheitliche Partei Österreich (FPÖ), sinds Jörg Haider in 1986 daar de macht in handen kreeg, en de ultrarechtse neonazistische organisaties en publikaties die het boek in kaart heeft gebracht. In de eerste versie van het boek stond zelfs een foto van Haider op de omslag, maar daartegen spande de leider van de FPÖ snel een kort geding aan, dat hij won.

Aan de hand van citaten van onder anderen Haider en zijn ideologische rechterhand, Andreas Mölzer, die voor het opnemen van te veel buitenlanders het waarschuwende woord 'Umvölkung' in omloop heeft gebracht, toetst het boek de FPÖ aan een wetenschappelijk gefundeerde omschrijving van rechts-extremisme. Het komt daarbij tot de conclusie dat de FPÖ met haar autoritaire eenmansleiding, haar nadruk op het belang van de volksgemeenschap en de noodzaak van een sterke staat, haar Duits geörienteerde nationalisme, haar afkeer van gastarbeiders en andere buitenlanders en haar vergoelijking van het nazi-tijdperk een niet duidelijk afgebakende positie tegenover rechts-extremistische stromingen inneemt. Een hele lijst van FPÖ-functionarissen die contacten onderhouden met rechts-extremistische organisaties of publikaties onderbouwt dit oordeel.

Een illustratie van deze onduidelijke afbakening tegenover activiteiten van extreem-rechts gaf Haider zelf trouwens ten beste in de kwestie van de bombrieven. Aan de ene kant verdubbelde hij namens zijn partij de beloning voor een tip die tot arrestatie van de dader(s) zou leiden, maar anderzijds zei hij ook dat de bombrieventerreur de schuld was van de regering, die volgens hem al jaren een verkeerde (lees: een te liberale) politiek voert tegenover buitenlanders.