Tumult in Japanse regeringscoalitie; Socialisten weten zich geen raad met hun rol als niet-oppositiepartij

TOKIO, 7 DEC. Concessies aan de GATT, tumult in de coalitie. Dat bleek vandaag in Nagata-cho, het Japanse regeringscentrum in Tokio. Om niet de schuld te krijgen van het alsnog falen van de Uruguay-ronde, zal Japan zijn rijstmarkt met ingang van volgend jaar een klein beetje openstellen voor de invoer van rijst uit het buitenland. Aan de toezegging viel niet te ontkomen, zei premier Morihiro Hosokawa vandaag, maar de leider van de socialisten, de grootste regeringspartij, verwierp de concessie.

Onduidelijk is of hij zijn dreigement van gisteren zal uitvoeren, toen hij zei met zijn partij de coalitie te zullen verlaten. Duidelijker was de LDP, als oppositiepartij niet gehinderd door regeringsverantwoordelijkheid. “De premier is een verrader”, aldus een van haar leiders.

Vanmorgen kwamen de leiders van de zeven coalitiepartijen bijeen om het ontwerp-akkoord van de GATT te bespreken, dat gisteravond vanuit Genève naar Tokio was gestuurd. Na afloop prees eerste kabinetssecretaris Masayoshi Takemura op een persconferentie het erin vervatte compromis over rijst. Japan zou met ingang van volgend jaar vier procent van zijn binnenlandse behoefte aan rijst invoeren, oplopend tot acht procent in 2000. Dat is meer dan de GATT aanvankelijk vroeg. In ruil daarvoor krijgt Japan zes jaar respijt voor de tarifiëring, de vervanging van het invoerverbod door invoertarieven die vervolgens geleidelijk moeten worden afgebroken. Eind deze week zal de premier het Japanse standpunt officieel bekendmaken, zei hij.

Het compromis is totstand gekomen in onderhandelingen tussen Washington en Tokio. Hoewel het al wekenlang bekend was en was uitgelekt naar de media, ontkende premier Hosokawa herhaaldelijk dat het bestond. De LDP beschuldigde hem vandaag dan ook prompt met dubbele tong te spreken. Ze kondigde aan de premier hierover duchtig in het parlement aan de tand te voelen, wat opnieuw verder uitstel betekent van de behandeling van de politieke hervormingsplannen in het Hogerhuis - voor de premier een halszaak.

Als die plannen, al goedgekeurd door het Lagerhuis, niet eind van dit jaar door het parlement kwamen, zou hij zijn politieke verantwoordelijkheid nemen, zei hij in augustus bij zijn aantreden. En dat zou aftreden betekenen of, het prerogatief van een Japanse premier, uitschrijven van nieuwe verkiezingen.

Op dat laatste speculeert de LDP. Ze hoopt bij haar verzet tegen het rijstcompromis garen te spinnen. Hoewel velen in de LDP voorstander zijn van opening van de rijstmarkt, is het terugwinnen van de deze zomer zo smadelijk verloren regeringsmacht haar vele malen liever. Het ontvallen van dè bestaansreden: regeren, dreigt de partij nu te vernietigen. Haar verzet tegen de coalitie dient dan ook om de splijtende kracht in eigen gelederen zoveel mogelijk de kop in de drukken en de verdeeldheid te camoufleren.

Dat het voortbestaan van de hervormingscoalitie voor het eerst serieus werd bedreigd, bleek vorige week, toen de LDP, met steun van de socialisten, de minister van defensie naar huis wist te sturen. Dat heeft kwaad bloed gezet bij de Vernieuwingspartij van sterke man en architect van het kabinet Ichiro Ozawa, waartoe de ex-minister behoort en die de belangrijkste ministersposten bezet. Hoewel de bewindsman oliedom was door ex cathedra de socialisten te tarten hem tot aftreden te dwingen met zijn uitspraken over een gedateerde (pacifistische) grondwet, zijn de socialisten gaandeweg recalcitranter geworden. Ook die opstelling moet verdeeldheid in eigen huis camoufleren.

Zowel de LDP als de socialisten kunnen na 38 jaar politieke sur place, die de één ononderbroken in de regering hield en de anderen 'eeuwig' in de oppositie, maar moeilijk aan hun nieuwe rol wennen in wat door de radicale regeringswisseling deze zomer voor het eerst in Japan op een volwassen parlementaire democratie begon te lijken. Beide partijen handelen nog volgens de oude politieke reflexen.

Daarbij speelt hun kiezersaanhang in de agrarische districten (vier miljoen boerengezinnen), waar een stem wel drie maal zo zwaar telt als in de stedelijke gebieden, een niet te veronachtzamen rol bij hun politieke opstelling. Die aanhang maakt dat beide partijen de politieke hervorming vrezen en vooral de drastische wijziging van het kiessysteem, die de steden meer parlementaire invloed belooft te geven. Het verzet tegen opening van de rijstmarkt is dan ook politiek opportunisme.

Vandaag bleek uit een opiniepeiling dat voor het eerst de populariteit van het kabinet-Hosokawa slinkt. Reden: de economische recessie, die steeds meer Japanners bedreigt in hun bestaanszekerheid. Het kabinet, diep verdeeld over de aanpak van de economie, maakt een besluiteloze indruk. De ene dag wordt massaal naar de media gelekt dat snel maatregelen zullen worden genomen, weinig later wordt alles tegengesproken. Die inconsistentie vreet aan het vertrouwen onder de kiezers. Het verband tussen de recessie, de rijst en de politieke hervorming is het voortbestaan van het kabinet. Meer dan wat ook is de recessie het echte gevaar, waarbij niet is uitgesloten dat de aanleiding tot een mogelijke val een heel andere is.

De Mainichi Shimbum zinspeelde vanmorgen in dit verband op arrestaties van corrupte parlementsleden op de dag dat dat parlement besluit de huidige zittingstermijn, die op 15 december afloopt, te verlengen. Een verlenging die onontkoombaar lijkt, wil het kabinet zijn politieke hervormingsplannen goedgekeurd krijgen. Volgens de Grondwet genieten op zo'n dag tussen twee zittingstermijnen parlementariërs even geen parlementaire onschendbaarheid.